HDM's "post-kampioenssyndroom'

BILTHOVEN, 8 MAART. Hoe vergaat het de landskampioen mannenhockey? Niet goed lijkt het, gezien de stand op de ranglijst. HDM staat zesde met zes punten achterstand op de koplopers. “We hebben ontiegelijke pech gehad”, zegt trainer-coach Eddy Kervezee. “Kampioen worden we waarschijnlijk niet meer, maar we gaan nog wel veel punten halen.”

De start van de tweede competitiehelft was nog niet erg overtuigend. HDM won gisteren weliswaar met 5-1 van SCHC, de nummer laatst met één schamel punt uit dertien duels, maar kwam eerst met 1-0 achter en zette pas in de tweede helft de zaken recht.

HDM werd afgelopen seizoen verrassend kampioen. Het was verdiend, want zware uitwedstrijden bij zowel Bloemendaal als HGC werden gewonnen. Aan het einde van de competitie bedroeg de voorsprong vier punten. De vreugde bij HDM over de eerste titel sinds 1942 was uitermate groot en er werden 38 vaten bier leeggedronken tijdens het feest in Den Haag. Daarom kon een terugslag in dit seizoen bijna niet uitblijven. De geblesseerde spits Frank-Jan van Waveren noemde het gisteren “het post-kampioenssyndroom”.

HDM hockeyde in de eerste wedstrijden van het seizoen tegen zijn aard in. Veel spelers waren op persoonlijk succes uit en gingen meer doen dan ze kunnen. Dat gaf ook onderling de nodige wrevel in het veld. “We dachten te vaak dat we te goed waren”, aldus middenvelder Koen Pijpers. Het is bijna een kunst om op de juiste wijze met succes om te gaan. “Bloemendaal kon dat in zijn kampioensjaren wel”, herinnerde zich Piet Versteegh, ex-coach van HDM en nu wekelijks toeschouwer. “Dat liet vaak het initiatief aan de tegenpartij. Wij waren wel eens drie keer zo veel aan de bal, maar verloren dan toch met 4-1. Pas in het laatste kwartier liet Bloemendaal pas echt zien wat het kon en sloeg dan toe.”

HDM gaat dikwijls vanaf het begin massaal in de aanval. “Als een kip zonder kop”, oordeelde keeper Richard Lemaire. “We wilden al na één minuut op 1-0 staan.” Het gevolg was dat er voortdurend via snelle uitvallen werd gescoord door de tegenstanders die extra geladen waren omdat ze tegen de kampioen speelden. HDM heeft dan ook al 24 tegentreffers geïncasseerd, het hele vorig seizoen 21. Lemaire stak daarbij ook de hand in eigen boezem. “Ik heb een tijd de vorm gemist. Ik was een beetje verzadigd.”

Volgens Kervezee zou er nog niets aan de hand zijn geweest als de duels tegen Pinoké en Tilburg niet verloren waren gegaan. Gezien de doelkansen en het veldoverwicht had HDM beide keren moeten winnen. “Keepers speelden uitgerekend tegen ons de wedstrijd van hun leven. Ze haalden ballen uit het doel die ze zelf niet eens zagen.” Met vier punten meer uit de twee genoemde wedstrijden had de titelverdediger nu in de buurt van de twee leiders gestaan.

Iedereen bij HDM beweert dat de malaise van de eerste helft van de competitie voorbij is. Sinds de wedstrijd van gisteren in Bilthoven werkt niet Bart Stradmeijer, maar captain Wouter van Pelt de strafcorner af. Dat moet een veel hoger rendement opleveren. Na het gewonnen duel tegen het zwakke SCHC heerste er opluchting bij de HDM'ers. Pijpers, die drie doelpunten maakte en een strafbal miste: “Ons spel was misschien niet geweldig, maar het is belangrijk dat we de eerste wedstrijd hebben gewonnen en vijf keer hebben gescoord.” Kervezee: “We hadden er minstens negen moeten maken.”

Het is van nationaal belang dat HDM volledig herstelt. Eind mei moet de ploeg Nederland vertegenwoordigen in het Europa-Cuptoernooi voor landskampioenen. Bij HDM zijn de voorbereidingen al lang begonnen. Trainer-coach Kervezee heeft sinds een paar weken een extra trainingsavond ingelast.

Zou de nummer zes uit de Nederlandse competitie de Europa Cup kunnen winnen? “Als we dat toernooi spelen staan we geen zesde meer”, weet Kervezee. Bij HDM gaat men er vanuit dat de derde plaats nog haalbaar is. “En dan is er niets aan de hand”, stelt doelman Lemaire. “Als je na de eerste plaats nu derde wordt is dat toch niet slecht? Want de hockeycompetitie is tegenwoordig onvoorspelbaar, er kan van alles in gebeuren.”