"Chasboelatov gaat het alleen om macht'

AMSTERDAM, 8 MAART. “Roeslan Chasboelatov is een sluwe man, een meester in personele intriges. Als parlementsvoorzitter gedraagt hij zich heel onfatsoenlijk, hij gaat voortdurend zijn boekje te buiten, is grof, sluit voor sprekers die hem onwelgevallig zijn de microfoon af. Hij haakt naar de macht. Hij is heel ambitieus en spreekt over zichzelf steeds in de overtreffende trap. Hij wil de regering ondergeschikt maken aan het parlement en de president van zijn macht beroven.”

Sergej Kovaljov, parlementslid en voorzitter van het mensenrechtencomité van het Russische parlement, steekt voor de zoveelste keer zijn uitgedoofde papiros aan. “Jullie begrijpen er niet veel meer van, hè?” zegt hij, vermoeid glimlachend. Kovaljov, zeven jaar strafkamp onder Brezjnev, is even over uit Genève, waar hij als voorzitter van de Russische delegatie deelneemt aan de jaarlijkse zitting van de mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties. Hij was in Den Haag voor een conferentie over "Current and Emergent Migration", georganiseerd door de Rand Corporation. Of hij naar Moskou terugkeert voor het speciaal ingelaste Volkscongres, dat zich op 10 maart gaat buigen over de verlammende machtsstrijd tussen Jeltsin en Chasboelatov, tussen uitvoerende en wetgevende macht, weet hij nog niet. Hij verwacht een herhaling van het beschamende geruzie van december, toen congresleden voor het oog van de camera's met elkaar op de vuist gingen. “Het beste wat je kunt hopen is dat het congres geen quorum haalt, zodat de hele zitting niet doorgaat.”

Of het tot een impeachment-procedure tegen Jeltsin kan komen? Kovaljov heeft er geen idee van. In Moskou is op dit moment alles mogelijk. Chasboelatov, die zelf na de mislukte staatsgreep als "democraat" aan de macht is gekomen, controleert op dit moment tweederde van het uitermate conservatieve parlement en het even conservatieve Volkscongres, de hoogste wetgevende instantie van het land. Toch is hij bepaald niet populair. “Sommige mensen steunen hem omdat ze afhankelijk van hem zijn, anderen omdat ze denken dat hij toch niet te wippen is. Als intrigant heeft hij wel wat van Stalin, die is ook aan de macht gekomen door de stille opbouw van een gehoorzaam partijapparaat. Daarin school zijn genialiteit, al was die bepaald niet briljant. Stalin maakte het het Centraal Comité langzaam ondergeschikt aan het door hem gecontroleerde partijsecretariaat. Maar zoiets zal Chasboelatov, die beslist dictatoriale neigingen heeft, niet lukken. Jeltsin komt zelf uit die school en heeft hem heus wel door. Jeltsin is een serieuze tegenstander. Maar Chasboelatov begrijpt één ding heel goed: dat je ongemerkt heel belangrijke verschuivingen door kunt voeren.”

Maar waarom, zo vraagt menigeen in het Westen zich verbijsterd af, wordt de schaamteloze en openlijke machtsusurpatie door Chasboelatov getolereerd? Kovaljov staart in de verte. “Ik begrijp jullie onbegrip wel, maar daarvoor moet je in de huid van onze parlementsleden kruipen. Vroeger was de Opperste Sovjet er alleen voor de schone schijn. De meeste parlementsleden van nu hebben ook onder Brezjnev uitstekend geboerd, zelfs de zogenaamde democraten. Voor hen is Chasboelatov gewoon de chef en zij zijn zijn ambtenaren. Waarom is iedereen tegen die hervormingen? Omdat de Russische maatschappij zich tientallen jaren heeft gekoesterd in de illusie dat alles voor niks te krijgen is. Een voorbeeld. De charlatan-bioloog Trofim Lysenko, die gouden bergen beloofde voor de landbouw, was de lieveling van Stalin. Maar nadat Chroesjtsjov Stalin had onttroond, blééf Lysenko vreemd genoeg een held, ondanks felle kritiek van biologen op zijn pseudowetenschappelijke theorieën. Van de biologische kolder van Lysenko begreep Chroesjtsjov niets, maar wat verkondigde de bioloog? Dat het absoluut onnodig was je met selectie van gewassen bezig te houden. Dat het totale onzin was om onkruid te wieden. Dat het tijdsverspilling is om warme koeienstallen te bouwen voor je koeien, omdat lage temperaturen de melkproduktie ten goede komen. Dat je best zonder bemesting van de grond kunt. En dat je desondanks toch verzekerd bent van een overvloedige oogst! Wat is er heerlijker, als je een ineenstortend land moet besturen, dan dat iemand zegt dat je resultaat zult boeken, al maak je geen vinger krom? Het is die mentaliteit, die onze parlementsleden parten speelt”, zegt Kovaljov. “Stel je voor: jarenlang vaardigde onze regering elk voorjaar een decreet uit dat er gezaaid moest worden, en elk najaar dat de oogst moest worden binnengehaald. Alsof een boer dat zelf niet kon bedenken! En onze toenmalige "senatoren' reageerden elk jaar weer enthousiast op deze decreten. Probeer ze maar eens wijs te maken dat dat stupide is!”

Kritiek op Jeltsin wil Kovaljov, zo lijkt het, aan de vooravond van de komende bokswedstrijd niet geven. Maar dat de regering-Gaidar door het congres is weggestemd, vindt hij een schande. “Ons land had nog nooit zo'n intelligente regering gehad. Daarom is hij ook weggestuurd. Kijk, er zijn mensen die tegen de economische hervormingen zijn omdat ze oprecht bezorgd zijn over de sociaal zwakkeren. Maar de zogenaamde oppositie, die door Chasboelatov wordt geleid, heeft lak aan alles, aan de invaliden, aan de Russen in de Baltische landen, ze speculeren gewoon op gevoelens in de massa, omdat ze de macht willen. Nee, het congres kan de situatie alleen maar verder destabiliseren en ik ben bang, dat het zover uit de hand loopt, dat er onconstitutionele middelen zullen worden gebruikt. En je begrijpt zelf hoe gevaarlijk dat is.”

De tegenstand tegen Chasboelatov in het parlement is heel klein en dus verwaarloosbaar. Dat Chasboelatov niets van Kovaljov moet hebben, merkt hij aan kleine, maar zeer vernederende pesterijen. Als leider van de officiële Russische afvaardiging kan Kovaljov uiteraard op de vergadering van de mensenrechtencommissie van de VN niet ontbreken. Maar Chasboelatov fiatteert hoogstpersoonlijk álle buitenlandse reizen van parlementsleden. En dan begint het getraineer. Kovaljov kan zogenaamd niet gemist worden, of er is geen geld, dus een tripje van twee, drie dagen lijkt de parlementsvoorzitter ruim voldoende. “Met veel gezeur heb ik uiteindelijk voor elkaar gekregen dat ik, hoofd van de Russische delegatie, drie weken naar Genéve mag. Begrijp je hoe vernederend dat is? Ik ga daarheen om te wérken, niet om, zoals veel Russen doen, langs de winkels te rennen.” Maar, vraag ik dom, u heeft toch een diplomatiek paspoort? Waarom moet u toestemming vragen voor een buitenlandse reis? Kovaljov glimlacht. “Waar denk je dat ik het geld vandaan moet halen om een ticket te kopen?”

Over minister van buitenlandse zaken Andrej Kozyrev, die ook voortdurend in de vuurlinie ligt in het conservatieve parlement, is Kovaljov goed te spreken, maar hij vreest dat deze, net als Gaidar, vroeg of laat het veld zal moeten ruimen. Zolang Kozyrev minister is, verwacht Kovaljov geen problemen over zijn werk als delegatieleider in Genève. “Wij hebben in Genève eigenlijk iets heel bijzonders gedaan: de Russische delegatie heeft kritiek op de mensenrechtensituatie in eigen land. Dat komt zelden voor in de VN. We hebben het gebrek aan bewegingsvrijheid, de massale mensenrechtenschendingen in het leger en de situatie in de gevangenissen aan de kaak gesteld. Onze gevangenissen zijn nog steeds onmenselijk. Stel je voor, een gevangene in een isoleercel heeft recht op twee vierkante meter celruimte! Vaak zitten ze daar dan nog met zijn drieën. Het gevolg is dat er in gevangenissen zeventien maal zo veel gevallen van tbc zijn als in de vrijheid. Onze gevangenissen zijn een kweekbak voor misdaad en de situatie is explosief. Dat wij zulke zaken aan de orde stellen in Genève dringt gelukkig niet tot ons parlement door. Als ze zouden weten waar ik me mee bezig houd, hadden ze me allang teruggeroepen.”

Het Van Gogh-museum, waar we hebben zitten praten, sluit zijn deuren. Haastig rennen we nog even langs de schilderijen. “Vroeger las ik veel gedichten. Ik lees nu niks meer. Geen tijd, ik kan me nergens meer op concentreren,” zegt Kovaljov. Zodra we buiten zijn, steekt hij snel een stinkende Russische papiros op.