BESARA

Ik zag in een Marokkaanse winkel een zak intrigerende gele spliterwten.

Wat maak je daarvan, vroeg ik een wereldse Marokkaanse. Volksvoedsel, armeluiskost, zag ik haar denken. Bes(s)ara, zei ze, een erwtenpuree die 's winters gegeten wordt als voedzaam bijgerecht of als pendant van onze snert. Stevig eten, maar gemalen komijn zou de vertering bevorderen. Met die aanbeveling ging ik aan de slag en het resultaat vond een gretig onthaal.

Bijgerecht voor 2 personen:

200 gram gele spliterwten

1 ui, 1 teentje knoflook

olijfolie

zout, zwarte peper

gemalen komijn (djintan)

2 partjes citroen

eventueel 1-2 eetlepels gehakte korianderblaadjes

Was de erwten en verwijder aangetaste exemplaren en ongerechtigheden. Breng 6 deciliter water aan de kook en doe daarbij de erwten. Pel en snipper de ui en de knoflook en roer de snippers met 2-3 eetlepels olijfolie, zout en peper door de erwten. Laat de erwten - met deksel op de pan - in 4-5 kwartier gaar worden, onder nu en dan roeren. Dan malen in de passevite. Zonodig verwarmen. Als de puree te dik is, kunt u er wat water door mengen. Strooi een snufje komijn over de puree. Serveer apart de partjes citroen, komijn, olijfolie, zwarte peper in een molen en desgewenst gesnipperde koriander. Daarmee kunnen de eters de besara aan eigen smaak aanpassen.

Eet er een schotel bij van lams- of rundvlees met gestoofde winterwortel, prei of courgette.

Besara als soep wordt op dezelfde manier gemaakt. Alleen blijft het malen achterwege. Eet de soep met brood.