Vastgoed-verliezen voor Franse banken

De Franse Banque Suez heeft voor het eerst in haar 135-jarig bestaan een verlies gemeld, vooral als gevolg van voorzieningen voor onroerend-goedleningen. Ook Banque Nationale de Paris meldt een winstval door verliezen in de onroerend goed-sector.

Banque Suez, een onderdeel van de in 70 landen actieve Indosuez groep, schatte haar netto verlies over 1992 op 1,8 a 1,9 miljard francs (ruim 600 miljoen gulden), vergeleken met een winst van 3,83 miljard franc in 1991.

Volgens de onderneming, waarvan de activiteiten evenredig zijn verdeeld over bankieren, verzekeringen industrie, hadden de verliezen en voorzieningen in de onroerend-goedsector vorig jaar een negatief effect van 4,2 miljard franc (ruim 1,4 miljard gulden).

Banque Suez, in 1858 opgericht voor de financiering van de aanleg van het Suezkanaal, had twee maanden geleden al laten doorschemeren dat 1992 "het slechtste resultaat in de geschiedenis" zou laten zien.

Volgens analisten is de afgelopen tien jaar een slecht beleid gevoerd met de investeringen in onroerend goed. Suez zou nu willen laten zien dat voldoende voorzieningen zijn getroffen om potentiele verliezen op te vangen. Maar voor buitenstaanders is de betekenis van de getroffen voorzieningen nog steeds moeilijk te doorgronden, aldus Ian Furnivall van Kleinwort Benson in Parijs.

Banque Nationale de Paris (BNP) publiceerde gisteren winstcijfers waaruit bleek dat de winst 30 procent lager uitkwam dan het jaar ervoor. Over 1992 werd 2,1 miljard franc (700 miljoen gulden) winst geboekt tegen 2,9 miljard (882 miljoen gulden) over 1991. Over het afgelopen jaar werd voor ongeveer 450 miljoen gulden op de vastgoedactiviteiten afgeboekt.