"NIEMAND IN DIT LAND IS ONSCHULDIG'; Ken Owen, columnist in Zuid-Afrika

These Times. A Decade of South African Politics door Ken Owen 314 blz., Jonathan Ball Publishers 1992, f 58,- ISBN 0 947464 59 X

Ken Owen is hoofdredacteur, columnist, en vooral Zuid-Afrikaan. ""Ik kom uit een zeer arme familie, en arme mensen zijn geneigd zich sterker verbonden te voelen met een land,' zegt hij, ""Na de Tweede Wereldoorlog gingen we boeren in de Oost-Transvaal, aan de rand van het Kruger Park. Dat was pionieren: zeer wild, jagen om te eten. Het was very high drama. We troffen een leeg land aan, en al snel raakte je verzeild in de sociologie, de complexe relaties, de feodale situatie met de zwarte mensen die voor ons werkten. Mijn vader was gewelddadig tegenover zwarte mensen, zoals iedereen. Ik heb het idee dat ik de mensen aan beide kanten begrijp. Als ik Zuid-Afrika verlaat, ben ik niemand.

""Na de oorlog heersten er sterke anti-Britse emoties onder de Afrikaners. Op school groeide ik op in een volledig Afrikaanstalig milieu. We werden mishandeld als we Engels spraken. Eén keer dreigden de kinderen mijn tong uit te snijden met een scheermes, terwijl ze me op de grond gedrukt hielden. Ze sneden in mijn lippen. Ik ging naar huis, naar de boerderij, en zag hoe mijn vader een zwarte arbeider sloeg. Ik dacht: "Hij doet met hem wat de Afrikaners met mij deden'. Dat was de verbinding, dat bepaalde mijn leven. Ik voelde me ongemakkelijk met de waarden waarmee ik opgroeide, met het racisme van mijn familie en ik begon te zoeken naar een andere weg.'

Ken Owen is nu hoofdredacteur van The Sunday Times, met een wekelijkse oplage van 580.000 de grootste krant van Zuid-Afrika. Het is een zondagskrant voor de massa en dat is er aan af te zien: reportages onder vette koppen, een ruime dosis Engels koningshuis en even veel aandacht voor de wereld buiten Zuid-Afrika als voor het Hollywoodse sterrendom. The Sunday Times is vooral een "bladerkrant'. De verplichte tussenstop is de opiniepagina. Daar staat de column van Ken Owen over de Zuidafrikaanse politiek en samenleving. Die columns zijn altijd controversieel, vaak venijnig en in persoonlijke aanvallen soms grenzend aan het malicieuze.

""Mijn persoonlijke stijl is: totale oorlog in het debat,' schreef Owen eens. Het heeft hem meer vijanden dan vrienden opgeleverd. Hij heeft zich nooit gevoegd in het Zuidafrikaanse schema van goed en kwaad. In zijn wekelijkse analyse valt hij zowel de Afrikaners aan op hun dictatoriale traditie als het Afrikaans Nationaal Congres (""meer een bevrijdingsmythe dan een politieke partij') op achterhaald socialistisch gedachtengoed. Zijn tegenstanders noemen hem een communistenhater of een conservatief - een scheldwoord in een land waar de meetlat van de politieke correctheid druk wordt gehanteerd.

De columns van Ken Owen zijn nu gebundeld in het boek These Times. Ze bestrijken de afgelopen tien jaar, toen de Zuidafrikaanse politiek in de snelkookpan zat en het land de afgrond in leek te gaan. De stukken beschrijven onder meer de hervormingen onder P. W. Botha en diens grondwettelijke gedrocht om de zwarten buiten de regeringsmacht te houden, de dood van Steve Biko, de schisma's in de progressieve beweging, de opstand in de townships van de jaren tachtig, en de miraculeuze ommezwaai onder president F. W. De Klerk, mogelijk gemaakt door de ineenstorting van het communisme in Oost-Europa, de belangrijkste steunpilaar van het ANC. Sindsdien volgt Owen de onderhandelingen over een nieuw Zuid-Afrika zonder aanzien des persoons. Nu blijkt het voordeel van zijn jarenlange onafhankelijkheid: hij heeft zijn handen vrij om iedereen te kritiseren.

Het genre van de column is zeer vergankelijk maar Owens boek wordt bijeengehouden door één centrale gedachte: de onversaagde verdediging van liberale waarden. Hoewel die waarden in Zuid-Afrika nauwelijks wortel hebben geschoten, gelooft Owen in het liberalisme, in de vrijheid van het individu, in een vrije-markteconomie, in een beperkte rol van de staat en in de rechtsstaat, een pricipe waar opeenvolgende Afrikaner politici de hand mee hebben gelicht. Zijn liberale overtuiging is vooral ontstaan onder invloed van Alan Paton, de grote Zuidafrikaanse schrijver van Cry, the Beloved Country. Bovendien werd Owen gesterkt in zijn visie toen hij als correspondent van de Argus Groep-kranten in New York en Washington verbleef.

In het midden van de jaren zeventig keerde hij terug in Zuid-Afrika en werd hij hoofdredacteur van de Rand Daily Mail, de Sunday Express, de zakenkrant Business Day en nu The Sunday Times. In zijn werkkamer op de redactie, in het centrum van Johannesburg, heeft Ken Owen een uiterst wild en kleurig abstract schilderij hangen. Redactieleden noemen het ""de wegenkaart van zijn geest'.

Het liberalisme heeft geen grote traditie op het Afrikaanse continent. Is het hier wel levensvatbaar?

""Als we niets veranderen, zullen we eindigen als de rest van Afrika. Ik kan geen dictatuur verdedigen. Het liberalisme lijkt me een antwoord. De Europese sociaal-democratie zit er in beginsel niet ver van af. Een liberale samenleving met een vrije markt lijkt me hier economisch gezien de meeste kans op succes te bieden. Het opbouwen van zo'n samenleving is de snelste methode om armoede uit te roeien. Je kunt niet verwachten dat we vanaf dit punt direct een volwaardige liberale maatschappij kunnen verwezenlijken zonder iets te doen aan de erfenis van armoede en onrecht. Daarvoor is enige staatsinterventie in de economie nodig.

""Apartheid begon als een aanval op het Rooms-Hollands recht zoals dat hier geworteld was. De basis van een liberale staat is de rule of law, of noem het de rechtsstaat. Daarom is het zo belangrijk dat we een goede basis leggen voor de samenleving van de toekomst. Ik probeer nu niet-Angelsaksische voorbeelden te vinden, omdat de Afrikaners zo vijandig staan tegenover de Angelsaksische cultuur, die ze neerbuigend vinden. Ik lees tegenwoordig de Duitse grondwet om te kijken of ik dezelfde argumenten in andere woorden kan vinden.

""De beste beschrijving van het leven onder de apartheid heb ik overigens gevonden bij Vaclav Havel. Apartheid was een geperverteerde vorm van socialisme: het regime van leugens, het eindeloze bedrog, het cynisme. En vooral de kafkaeske onbeschaamdheid van de bureaucraten. In de Verenigde Staten had ik een Hongaarse vriend. Wij begrepen elkaar altijd. We begrepen hoe we moesten overleven in de barsten van een onderdrukkende samenleving. Mensen in democratieën begrijpen niet echt de omvang van het bureaucratisch kwaad. Fascisme en communisme hebben als overeenkomst de bureaucratie. Daarom heb ik bij elke gelegenheid dat het kon de bureaucratie aangevallen.'

Over de relatie tussen blank en zwart schrijft u: ""Wij gaan niet om met elkaar, maar met visioenen van elkaar.' Zijn blank en zwart in staat boven die visioenen uit te stijgen?

""Het is een cliché-kritiek op de blanken in Zuid-Afrika dat ze niets van de zwarten weten. Maar ik geloof dat het waar is. Het is even waar dat zwarten compleet misleid zijn in hun ideeën over blanken en hoe die leven. Een vriend van mij zocht junior managers voor zijn bedrijf. Hij kreeg veel sollicitaties van blanken en zwarten, maar de zwarten vroegen twee keer zoveel salaris als de blanken. Dan zie je het waanidee onder zwarten over hoe rijk de blanken zijn. Of we die visioenen kunnen uitbannen, weet ik niet. Mijn zoon zit op een gemengde school, en nu, aan het einde van zijn schooltijd, merkt hij dat de verhoudingen de laatste tijd moeilijker zijn geworden. Ik weet niet hoe lang het zal duren: in de Verenigde Staten heeft het ook nog niet gewerkt.'

Is de pers wel toegerust voor het nieuwe Zuid-Afrika? De meeste kranten hebben een blanke kijk op de samenleving.

""De pers is door een verschrikkelijke tijd gegaan. Er was een enorme druk van links en rechts, en veel journalisten zijn geëmigreerd. Bij Business Day verloor ik in een jaar een derde van mijn staf. Zo zijn we in Zuid-Afrika de vaardigheden van de moderne journalistiek kwijtgeraakt. Het is voor mij juist een van de redenen geweest om te blijven. Mijn krant was een echte fascistische organisatie, met in Fleet Street getrainde criminelen aan de top die alles herschreven. Ik ben er nu in geslaagd die structuur aan de top te vernietigen en jongeren binnen te halen. Maar er zijn maar weinig overlevenden in de journalistiek hier.'

Hoe overleefde u zelf?

Lachend: ""Ik groeide op in het bushveld.'

ONDERGRAVEN

De jaren tachtig in Zuid-Afrika stonden volgens Owen in het teken van ""de Botha-paradox'. De granieten apartheid van Verwoerd en Vorster werd voor het eerst stapsgewijs ondergraven, niet uit morele overwegingen, maar uit noodzaak vanwege de economische en demografische factoren. Vele apartheidswetten werden afgeschaft en de zwarte vakbonden mochten officieel bestaan, wat leidde tot een aanzet tot een overleg-economie en meer rechten voor zwarte werknemers.

""Michael Gorbatsjov, met wie Botha vaak wordt vergeleken, mag al blij zijn als hij de helft zal bereiken', schreef hij in 1989. Toch is zijn uiteindelijke oordeel over Botha negatief: tegelijk met de hervormingen creëerde de president een centralistische, bureaucratische staat. De hervormingen gingen ten koste van de vrijheid.

Owen waarschuwde in zijn krant keer op keer voor de invloed van de Zuidafrikaanse communistische partij binnen het ANC, die volgens hem de bevrijdingsstrijd kaapte voor een gevecht tegen het kapitalisme. Hij hekelde de economische sancties en de ANC-strategie van het onregeerbaar maken van de townships (""moorden voor de bevrijding'). De onder zwarte jongeren populaire slogan "liberation before education' zou volgens Owen op den duur leiden tot een kansloze onderklasse van miljoenen, die alleen de taal van het geweld kent. Die voorspelling is uitgekomen.

Dergelijke observaties maakten de columnist niet populair in linkse kringen. Owen hield niet op hun strijdwijze aan te vallen, bij voorbeeld toen activisten op de Witwatersrand Universiteit Helen Suzman het spreken onmogelijk maakte. Suzman, een monument van de strijd tegen de apartheid, was jarenlang de enige liberaal in het parlement, maar ze was tegen sancties. Owen stond in zijn denken dicht bij Suzman en haar vooral Engelstalige Democratische Partij, maar hij pakte de Engelsen (""die hebben meer geld dan hersenen') meer dan eens aan vanwege hun politiek lethargische houding.

Uit uw columns spreekt een diep wantrouwen jegens het ANC. Is dat de laatste jaren veranderd?

""Niet veel. Het ANC was tot zeer recent een socialistische, revolutionaire organisatie. En nog steeds zegt Pallo Jordan, de directeur informatie van het ANC, dat onderhandelingen alleen maar een andere vorm van de strijd zijn en uiteindelijk moeten leiden tot het omverwerpen van het regime en de vestiging van een socialistische staat. Dat is een mening die vaker opkomt in het ANC. Het lijkt op een dubbele agenda.

""In de jaren tachtig was de analyse van het ANC bijna volledig gebaseerd op het Sovjet-model. Het marxisme werd in praktijk gebracht door het onregeerbaar maken en het isoleren van het land. Dat leek me een inhumane weg om in te slaan. De gevolgen zouden uiteindelijk verschrikkelijk zijn: als de methode van het ANC slaagde, zou het land afstevenen op geweld, wraak, burgeroorlog, een complete ramp. Toen stortte het communisme in en kwam De Klerk op het toneel. Hij veranderde het gehele politieke strijdtoneel en trok het ANC de onderhandelingen in. Sinds het ANC de gewapende strijd opschortte, heb ik geen probleem met ze, al weet ik niet of de organisatie de wapens niet weer zal oppakken als het haar uitkomt.'

""Afgezien daarvan heb ik een persoonlijke bewondering en affectie ontwikkeld voor Mandela. Hij is een groter man dan ik dacht dat hij was. Hij is redelijk, evenwichtig en wijs. Ik zag dat vooral in de manier waarop hij het acute menselijke probleem van de rechtszaak van zijn vrouw Winnie behandelde. Ik lunchte eens met hem in die tijd en hij sprak met enorme sympathie over haar. Hij vertelde dat Winnie eens zo moe was na een dag van ondervraging door haar advocaten, dat ze uit bed viel en niet meer wakker werd. Hij moest haar helpen. Die 72-jarige man, die zijn vrouw teruglegt in bed, dat is een aangrijpend beeld. Hij heeft haar nooit gekritiseerd, maar ook nooit afstand gedaan van zijn geloof dat het recht zijn loop moet hebben. Hij heeft nooit aangegeven dat hij het vonnis verwierp. Dat kan alleen een man met de hoogste toewijding aan het recht en aan zijn eigen principes'.

U bent in uw columns altijd vriendelijk geweest voor Inkatha-leider Buthelezi.

""Buthelezi was vijfentwintig jaar lang een vriend van mij. We zijn allebei beïnvloed door Alan Paton. Zijn positie tot vandaag is onberispelijk liberaal. We waren beiden slachtoffers van links, al hebben ze hem geprobeerd te vermoorden en hebben ze mij alleen daarmee gedreigd. Maar uiteindelijk heb ik mijn geduld met Buthelezi verloren: de man werd onder druk paranoïde, agressief en hopeloos wantrouwend. Iedereen om hem heen is bang voor hem. Ik zie hem nu als een tragische figuur, deel van het probleem en niet deel van de oplossing. Hij is gevaarlijk, ja. Als de zaken daar echt uit de hand lopen, wordt Natal ons Kroatië.'

Waarom heeft u nooit opgeschreven dat u uw mening over Buthelezi hebt herzien?

""Ik denk dat het buiten de grenzen valt van een verantwoordelijk debat.'

Nog maar zeven jaar jaar geleden noemde u De Klerk een "Neo-Verwoerdiaan'. Was u verbaasd over zijn ommezwaai?

""O ja. Ik heb nooit iemand zo verkeerd beoordeeld als De Klerk. Maar dat hebben we allemaal gedaan. Ik weet niet of hij zijn grootheid zal behouden. In dit land verloopt de geschiedenis razendsnel. Maar hij heeft enorme moed en staatsmanschap getoond, al opereerde hij volgens mij het laatste half jaar erg slecht. We hebben erg veel geluk gehad dat een flexibele man op het juiste moment naar voren trad. Daardoor hoefde het ANC ook niet verder te gaan met zijn vernietigende strategie. Nu is er een groot spel gaande in dit land: het toeschrijven van de erfzonde. Zowel de apartheid als de reactie van het ANC daarop hebben daarin een rol gespeeld. Het was een dynamische, rampzalige wisselwerking. Niemand in dit land is onschuldig.'

Zal Zuid-Afrika slagen waar andere landen in de wereld falen in het creëeren van een multi-etnische samenleving?

""Tot nu toe gaat de overgang relatief gemakkelijk. Het is hier niet het Midden-Oosten of de Balkan. Dat heeft vooral een praktische reden: we zijn zo verdeeld als samenleving dat niemand een kans heeft te domineren. De Afrikaners waren de enige gemeenschap met genoeg samenhang om het te proberen en het is mislukt. Iedereen kijkt naar het alternatief en zegt: Jezus Christus, we mòeten wel samenleven, hoezeer we het ook haten! We zullen geen grote warmte voor elkaar ontwikkelen, maar we kunnen misschien slagen in het vinden van een modus vivendi. En die kan dan maar beter liberaal zijn.'

Pagina Z1 en Z2