Hoogleraar wil selectie bij studie communicatie

ROTTERDAM, 6 MAART. Selectie bij toegang tot de studierichting communicatiewetenschap, zodat mensen met verkeerde verwachtingen al direct naar een andere opleiding kunnen worden doorverwezen. Daarvoor pleit prof. dr. J.J. van Cuilenburg. “Men kan niet alle studenten opleiden tot wetenschapper.”

De voorzitter van de vakgroep communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam deelt de conclusie van de visitatiecommissie over deze studie die eerder deze week haar bevindingen publiceerde. Veel studenten die zich aanmelden voor communicatiewetenschap blijken verkeerde verwachtingen te hebben over de inhoud van deze studie. De studenten denken een praktische opleiding te krijgen maar worden geconfronteerd met een wetenschappelijke studie, aldus het rapport van de commissie. De voorlichting aan toekomstige studenten zou moeten worden verbeterd.

Communicatiewetenschap, sinds 1985 een aparte studierichting in Nijmegen en Amsterdam, houdt zich bezig met de maatschappelijke informatievoorziening in de breedste zin van het woord - de bestudering van kranten, radio, televisie, telecommunicatie. “Het is een wetenschappelijke opleiding”, aldus Van Cuilenburg. “Er wordt empirisch onderzoek gedaan. De opleiding voldoet aan alle criteria van wetenschappelijke kwaliteit.”

Juist het wetenschappelijk karakter is volgens het rapport van de visitatiecommissie hetgeen waar studenten moeite mee hebben. De meeste studenten zijn volgens het rapport “op het bedrijfsleven georiënteerde pragmatici”, zij kunnen zich slecht vinden in de theoretische oriëntatie van de docenten. Veelal zijn zij eerder afgewezen voor de school voor de journalistiek of de HEAO-opleiding communicatie.

Van Cuilenburg erkent het probleem: “De oorzaak ligt bij het afgenomen verschil tussen hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs. Beide soorten onderwijs trekken tegenwoordig bijna gelijksoortige studenten. De cursusduur is even lang en de vooropleiding veelal gelijk. Het verschil is dat de scholen voor journalistiek studentenstops kennen, terwijl iedereen zich bij de universiteit kan aanmelden.”

Nadrukkelijk vermeldt Van Cuilenburg dat communicatiewetenschap niet bedoeld is als opleiding tot journalist of programmamaker bij de televisie. Ondanks de verschil tussen de ambitie van de studenten en wat de opleiding hun biedt, maken de meesten hun studie toch af. “Het uitvalpercentage is ongeveer gelijk aan dat van andere sociale wetenschappen”, aldus Van Cuilenburg. Uit een onderzoek dat de Amsterdamse vakgroep enige jaren geleden hield bleek dat tachtig procent van de afgestudeerde studenten binnen een half jaar werk vond.