T/m 3 apr. Galerie Espace, Keizersgr. 548 en ...

T/m 3 apr. Galerie Espace, Keizersgr. 548 en Kerkstr. 276, di t/m za 12-17.30u. Prijzen: ƒ 550 tot ƒ 55.000

Kiki Lamers T/m 17 maart in Bloom Gallery, Bloemstraat 150 Amsterdam, di t/m za 13-18u. Prijzen: 1500 tot 6200 gulden.

Bas Jan Ader T/m 23 maart in galerie Paul Andriesse, Prinsengr. 116 Amsterdam, di t/m vr 10-13 en 14-18, za 14-18u. Prijs publikatie: ƒ 17,50

Bomen

Natuur is voor tevredenen of legen./ En dan: wat is natuur nog in dit land?/ Een stukje bos ter grootte van een krant,/ Een heuvel met wat villaatjes ertegen, zo schamperde J.C. Bloem bijna vijftig jaar geleden al over ons natuurschoon. Toch gebruikte hij de natuur niet zelden als spiegel van zijn zieleroerselen. Fungeren landschappen of organische vormen ook voor schilders en beeldhouwers als psychologische vocabulaire? Galerie Espace heeft nu in haar twee Amsterdamse vestigingen een expositie gewijd aan het thema Bomen. Het leuke is dat daardoor a-typische kanten van een kunstenaar naar voren komen, en dat oud en jong door elkaar heen hangen. Er is een ets van Lucebert uit 1961 maar ook een intrigerend schilderij van Maja Zomer die in datzelfde jaar werd geboren. Haar geschilderde boomstronken in alle kleuren van de regenboog wekken de suggestie van een magische kring. De meeste stukken van de 25 kunstenaars komen uit voorraad, enkele zijn speciaal voor de gelegenheid gemaakt, bijvoorbeeld Night Tree van de schilder/schrijver Breyten Breytenbach. Maskers en gevleugelde mensachtigen hebben zich als boomgeesten verschanst tussen de takken. De contouren van Boomspirit en Bonsai, assemblages in metaal van de oudere beeldhouwer Theo Niermeyer, vertonen gelijkenis met het menselijk lichaam. Zieleroerselen tref je bij Espace weinig aan, alleen in symbolistische stukken zoals de barre houtskoollandschappen van Miriam Cahn. Meestal is de boom gekozen omdat hij als vorm interessant is. Op een kleine aquarel van Klaas Gubbels bijvoorbeeld verschijnt een blauw exemplaar dat de omtrekken heeft van de voor Gubbels' oeuvre zo karakteristieke koffiekan. Lyrische bomen en arcadische landschappen zijn er opvallend weinig; Marjolijn van den Assems vogelvluchtperspectieven komen het dichtst in de buurt. Het palmenstrand uit 1968 van de in vergetelheid geraakte Nieuwe Figuratie-schilder Etiënne Elias is eerder een ironische persiflage op een vakantiefolder. Misschien komt het door het euvel waar Bloem al de vinger op legde: hoe inspirerend is een bos ter grootte van een krant?

T/m 3 apr. Galerie Espace, Keizersgr. 548 en Kerkstr. 276, di t/m za 12-17.30u. Prijzen: ƒ 550 tot ƒ 55.000

Kiki Lamers

Vrouwelijke kunstenaars lijken een traditie te hebben in het afbeelden van hun eigen lichaam. Terwijl kunstenaressen zich in vroeger eeuwen vaak tot het (zelf)portret bepaalden, hebben vrouwen zich meer recent in performances letterlijk bloot gegeven. Ook een jongere generatie zet die lijn van zelfonderzoek voort -in ons land onder meer Lidwien van der Ven, Lydia Schouten en Kiki Lamers. Lamers (1964), die vorig jaar van de Rijksacademie kwam, schilderde - met behulp van diaprojecties - zelfportretten met half-dicht geknepen ogen die een mengeling van achterdocht en verlegenheid uitdrukken. Ook ver(drie)dubbelde zij haar eigen gestalte op één doek, vaak half ontkleed, waarbij ze de toeschouwer strak aankijkt. In het nieuwe werk dat Bloom Gallery nu toont, verschijnt steeds een volledig bloot meisje. Een consequente doorvoering van het voorafgaande, zou je zeggen, ware het niet dat deze naakten minder confronterend zijn dan je zou verwachten. Aan de houdingen kan dat niet liggen: de meisjes zijn haast als dieren weergegeven, kruipend op handen en voeten (On all fours from behind). Al is het geslacht niet zichtbaar om pornografisch effect te voorkomen, hun positie is kwetsbaar. Om het realisme van de tweemaal levensgroot afgebeelde lichamen te vergroten, gebruikt Lamers huidkleurig pigment dat door zijn rulheid de huid een tactiel effect verleent. Dat deze stukken desondanks een minder krachtige indruk wekken dan het vroegere werk, is te wijten aan het ontbreken van die provocerende blik. Nu zijn de gezichten leeg, of we zien alleen een profiel of een achterhoofd. Het verschil wordt verklaard door het feit dat Lamers tegenwoordig werkt met modellen: ze wil de autobiografische suggestie van haar eerdere portretten te niet doen. Dat is jammer, omdat ze daarmee afbreuk doet aan de essentie van haar schilderkunst, het tonen van zichzelf en het terugkijken van de bekekene. Een model poseert vrijwillig en hoeft de kijker dus niet te straffen voor het verstoren van haar intimiteit. Er is maar één schilderij in de reeks dat wèl confronterend is: Exercise of Shame. De vrouw die boven een delftsblauwe schaal zit gehurkt, kennelijk om haar behoefte te doen, kijkt fel en betrapt omhoog: ze ketst onze blik terug.

T/m 17 maart in Bloom Gallery, Bloemstraat 150 Amsterdam, di t/m za 13-18u. Prijzen: 1500 tot 6200 gulden.

Bas Jan Ader

Het verhaal heeft in kunstkringen cult-waarde: kunstenaar Bas Jan Ader verdween in 1975, 33 jaar oud, tijdens een solo-zeiltocht van Noord-Amerika naar Engeland. Die zeiltocht zou het tweede deel van een drieluik zijn geweest dat Ader tot stand wilde brengen onder de titel In Search of the Miraculous. Het eerste deel bestond uit een fotoserie gemaakt in nachtelijk Los Angeles, waarin de kunstenaar ronddwaalt op zoek naar het geheim van het bestaan, en zou besloten worden met een vergelijkbare verslaglegging van een speurtocht door Amsterdam. De procesmatige werkwijze van Ader resulteerde voornamelijk in film- en fotoregistraties van zijn hachelijke ondernemingen. Vallen was een obsessie voor hem; een val van het dak van zijn huis en een smak met fiets en al in een Amsterdamse gracht zijn registraties die griezelig en komisch tegelijk zijn. Galerie Andriesse brengt deze maand een reconstructie van Aders laatste tentoonstelling in '75, bestaande uit de projectie van tachtig dia's waarop we een koor in opeenvolgende zanghoudingen zien, en een geluidsband die de gezongen zeemansliederen ten gehore brengt: "A life on the ocean wave', "A wet sheet and a flowing sea'. Deze smartlappen waren bedoeld als afscheid vóór de overtocht en zouden bij aankomst in Europa opnieuw voor hem aangeheven worden. Zover is het dus niet gekomen. In de achterruimte van de galerie zijn de zwart-wit foto's van Los Angeles opgehangen en draait een op video overgezette opname van een performance uit 1972 die Ader in galerie Art & Project hield. Hij leest een verhaal voor uit Reader's Digest, het populaire Amerikaanse blad met dramatische "waar gebeurd'-verhalen. The Boy who fell over Niagara Falls vertelt van een jongetje dat een val in deze waterval overleefde. Ader leest het onbewogen voor, na elke alinea een slokje water nemend. Wat is de magie die er kennelijk van Bas Jan Ader uitgaat? Het onheilspellende aan zijn thematiek die zijn eigen dood lijkt aan te kondigen?

Ik ben bang dat Aders raadselachtige verdwijning het oog van de kijker soms te mild stemt. De zeemansliederen vind ik grappig, maar meer ook niet, de voorlezing is slecht verstaanbaar; zonder het zojuist verschenen boekje met de integrale tekst ontgaat het drama je. De wel degelijk aanwezige poëzie in Aders werk wordt door de droge verslaglegging soms overschaduwd. Ader is met zijn oprechte zoeken naar wezen en inhoud van het kunstenaarschap misschien vooral een kunstenaar voor kunstenaars. Ik zie hem als een prettig gestoorde waaghals, meer een Buster Keaton dan een nieuwe Jezus.

T/m 23 maart in galerie Paul Andriesse, Prinsengr. 116 Amsterdam, di t/m vr 10-13 en 14-18, za 14-18u. Prijs publikatie: ƒ 17,50