Marechaussee tevreden over rapport nationale ombudsman

DEN HAAG, 5 MAART. De Marechaussee Vereniging is “niet geschrokken” van het gisteren verschenen rapport van de Nationale Ombudsman waarin kritiek wordt geuit op het asielbeleid van de marechaussee op Schiphol. Volgens algemeen secretaris B. van de Pol van de vereniging blijkt uit het rapport juist duidelijk “dat er geen sprake is van systhematisch onjuist handelen” door marechaussee jegens asielzoekers. De ombudsman stelt in zijn rapport dat de marechaussee in vier van de tien onderzochte zaken asielzoekers ten onrechte de toegang tot ons land heeft belet.

“We schieten dus niet stelselmatig tekort, zoals Vluchtelingenwerk zegt. Natuurlijk, alles kan beter en daarom zijn wij er ook voor dat er een apart team komt dat wordt belast met de opvang van asielzoekers”, aldus Van de Pol.

Een van de onderzochte gevallen was de heer F., die op 11 mei 1991 vanuit New Delhi op Schiphol arriveerde met een ticket op zak voor Canada. Na aankomst op Schiphol kwam er een politiefunctionaris op F. af, die op dat moment zocht naar het tijdstip van de doorgaande vlucht naar Canada.

“De politieman vroeg toen mijn papieren, waarop ik mijn paspoort, ticket en boardingpass voor Canada overhandigde. Door de politieman werd ik gesommeerd op een bepaalde stoel te gaan zitten. De politieman kwam vervolgens naar mij toe met de mededeling: "U kunt niet naar Canada, maar u moet terug naar India”, aldus F. tegenover medewerkers van het bureau Nationale Ombudsman.

Volgens de politieman was het paspoort van F. in orde maar de foto niet, die zou verwisseld zijn. F. heeft dat ook erkend. “De politie herhaalde dat ik terug moest naar India. Aan mij werd te verstaan gegeven dat ik in problemen zou raken indien ik niet terugging (...).”

In een ander geval werd een verzoek tot toelating aanvankelijk niet gehonoreerd. De betrokkenen werden op een vliegtuig gezet en onderweg bleek hun pas dat zij naar Tanzania werden gevlogen. “Aangekomen in Tanzania werden wij geweigerd. Het eind van het liedje was dat wij terug aan boord moesten en Tanzania verlieten. De volgende stopplaats bleek Malawi te zijn. De politiemensen hebben ook hier getracht ons te "slijten'. Ook dat lukte niet”. Uiteindelijk vlogen de betrokkenen weer richting Schiphol. “Wij kregen te horen dat wij dit keer probleemloos tot de asielprocedure zouden worden toegelaten. Deze uitspraak verbaasde ons maar gaf wel aan dat ons verzoek in eerste instantie wel was gehoord maar dat men ons niet heeft willen horen”.

Bij justitie in Arnhem loopt nog steeds een gerechtelijk vooronderzoek naar de toedracht van het incident met de Roemeense asielzoeker Rudaru die vorig jaar april voor het leven verlamd raakte. De man verzette zich tegen uitwijzing waarna zijn mond met kleefband werd afgeplakt om hem het schreeuwen te beletten. Hij kreeg tot twee maal toe een hartstilstand wat tot ernstige hersenbeschadiging leidde.

Volgens het proces-verbaal zijn de betrokken leden van de Marechaussee verantwoordelijk voor het letsel. De Arnhemse rechter commissaris H. Eigenberg stelt dat deze conclusie ten onrechte in het proces-verbaal is opgenomen. “Dat geldt voor alle conclusies. Het is aan de rechter om die te trekken op grond van de feiten. Wij zijn nog steeds bezig die te verzamelen”.

Een woordvoerder van Vluchtelingenwerk zei "tevreden' te zijn met de uitkomst van het onderzoek van de nationale ombudsman. Wel vindt de organisatie dat in het rapport duidelijker zou moeten uitkomen dat de marechaussee zich niet bezig dient te houden met asielaanvragen. Dat is de taak van justitie, aldus Vluchteningenwerk.