Het ultieme scheidingsproces van een chemiereus

De beurs van Londen krijgt binnenkort een nieuw, groot fonds: Zeneca. Het is de afgespliste voortzetting van ICI's meest florerende delen. Daarmee lijkt een aanval op het chemieconcern zelf afgeslagen. Of Zeneca een succes wordt, valt te betwijfelen.

De top-vijf van grootste chemieconcerns ter wereld ondergaat binnnenkort, voor het eerst sinds jaren, een mutatie. De nummer vier, het Britse Imperial Chemical Industries, duikelt op de ranglijst doordat het - in moeilijkheden na jaren ongeremde groei- in tweeën wordt gedeeld. Een operatie die andere kwakkelende mammoetconcerns met uitgesproken sterke en zwakke onderdelen, zoals Philips en IBM, tot voorbeeld kan dienen.

Toen ICI vorig jaar zomer aankondigde een splitsing van activiteiten te overwegen, kwam dat bericht voor de meeste analisten als een donderslag bij heldere hemel. Weliswaar was hierop al jaren gespeculeerd, maar ICI zelf had de suggestie altijd van de hand gewezen. Het chemieconglomeraat, dat met een jaarlijkse omzet van 12,5 miljard pond en een personeelsbestand van 120.000 werknemers is 66 jaar alleen maar gegroeid. Daarbij toonde ICI zich een ware slokop; het haalde de meest uiteenlopende ondernemingen binnen. Afstoten behoorde niet tot de strategie van het concern. Maar inmiddels is de financiële nood zo hoog gestegen, dat zelfs de meest drastische ingreep niet meer wordt geschuwd: het bedrijf wordt ruwweg doormidden gedeeld. Het deel met grootschalige produktie van overwegend zeer conjunctuurgevoelige bulkchemicaliën gaat verder als ICI, de rest - overwegend kennisintensieve produktie, biosciences - wordt ondergebracht in een nieuwe onderneming, Zeneca.

ICI heeft de ontvlechting voortvarend aangepakt. Sinds begin van dit jaar draaien Zeneca en het "nieuwe', slanke ICI al in de praktijk als twee zelfstandige bedrijven. Binnen enkele maanden zullen zij ook op de Londense effectenbeurs gescheiden opereren.

Eenmaal bekomen van de verrassing, reageerden de meeste beleggers en analisten enthousiast op de breuk met de traditie. Voor conglomeraten als ICI, ontstaan en gegroeid in een tijd dat zulke constructies populair waren en bestuurders links en rechts willekeurige bedrijven kochten, bleek het de afgelopen jaren steeds moeilijker te overleven. Bedrijfsonderdelen die over hun hoogtepunt heenwaren, of op geen enkele wijze in de kernactiviteiten van het concern vielen in te passen, hadden een remmende werking op het geheel.

Bij ICI heeft de groeistrategie zich gaandeweg tègen het bedrijf gekeerd. Door de ongebreidelde overnames tijdens de jaren zestig en zeventig is het concern log, traag en duur geworden. Ingrijpende saneringsronden begin jaren tachtig en de sterke groei van de zeer profijtelijke farmaceutische divisie maakten ICI niet bestendig tegen de economische recessie die enkele jaren geleden in Groot-Brittannië en de Verenigde Staten uitbrak. ICI mist de flexibiliteit om snel te kunnen inspelen op veranderende marktomstandigheden, zo onderkende de concerntop, terwijl de felle concurrentie in de chemie de winstmarges onder druk zet.

De onderneming werd de afgelopen jaren bij de strategiebepaling gehinderd door het zeer uiteenlopende produktenpakket van ICI, dat varieert van genetisch gemanipuleerd tomatenzaad tot autolakken en van chloor tot medicijnen. Per divisie verschillen de markten, de concurrenten en de produktieprocessen, en het onderlinge begrip daarvoor is minimaal.

Het stak de farmaceutische divisie bij voorbeeld bijzonder dat haar riante winsten werden gebruikt om financiële gaten in andere divisies te dichten, terwijl ze zelf veel meer in onderzoek had willen investeren.

Pag.12: Zeneca krijgt een groot deel van ICI's schulden als bruidsschat mee; Splitsing activiteiten is beste verdediging tegen Hanson

Voor de concerntop was die animositeit tussen divisies geen reden het beleid te wijzigen. Totdat de Britse raider Lord Hanson eind 1991 opeens 2,8 procent van de aandelen ICI in handen bleek te hebben. Het ICI-bestuur vreesde in een vijandige overnamestrijd verwikkeld te raken, met het risico alle zelfstandigheid te verliezen.

Hanson, die een reputatie heeft opgebouwd als bikkelhard saneerder van al dan niet vrijwillig verworven ondernemingen, wakkerde het vuur aan door in de publiciteit veelvuldig harde uitspraken te doen over het "ingeslapen' ICI en over de noodzaak met harde maatregelen het bedrijf te reorganiseren. Dat zou de koers van de aandelen ICI - die al lange tijd veel slechter presteerden dan het beursgemiddelde - weer omhoog kunnen brengen. Hoewel Hanson nimmer in detail trad, gingen analisten er unaniem van uit dat hij, eenmaal aan de macht bij ICI, de onrendabele bulkchemie-onderdelen van het bedrijf onmiddellijk zou verkopen.

De dreiging van Hanson als nieuwe eigenaar zorgde niet alleen bij de ICI-bestuurders voor een schrikreactie. Ook de Britse vakbonden en de politieke partijen barstten uit in klaagzangen over de dreigende teloorgang van weer een stukje nationaal erfgoed. ICI-topman Sir Denys Henderson besloot daarop niet lijdzaam de gebeurtenissen te ondergaan en gaf opdracht tot vergaande reorganisatie. Door de kosten op korte termijn drastisch terug te brengen en het produktieproces zo efficiënt mogelijk te maken, hoopte hij het vertrouwen van beleggers te herwinnen en zo de beurswaarde van ICI omhoog te stuwen. Een hoge koers zou uitbreiding van Hansons belang aanmerkelijk duurder maken en de noodzaak tot verdere sanering doen afnemen.

Maar de ICI-topman had geen geluk bij zijn pogingen de onderneming als geheel rendabeler te maken. De economische recessie sloeg begin vorig jaar over naar het Europese vasteland. Afnemers daar, met name die van bulkchemicaliën, kochten minder, wat de druk op ICI's prijzen en winst verhoogde. De koers van de aandelen daalde navenant. Henderson besloot daarom tot drastischer stappen. Al eerder, tijdens de kerstdagen van 1991, had hij een topfunctionaris van de Britse merchant bank Warburg benaderd om als objectieve buitenstaander structuur en strategie van ICI door te lichten. Deze bankier, John Mayo, kwam na enkele weken onderzoek tot de conclusie dat de beste verdediging tegen Hanson een splitsing van de activiteiten zou zijn. Door het meest winstgevende bedrijfsonderdeel, de farmaceutische divisie, los te koppelen en apart naar de beurs te brengen, zou Hanson zijn belangstelling voor ICI direct verliezen en konden alle onderdelen van ICI - weliswaar gescheiden - hun zelfstandigheid bewaren.

Eind juli bracht ICI officieel het bericht naar buiten dat het concern in tweeën zou worden gedeeld. In de nieuwe biowetenschappelijke divisie zouden de vier onderzoeksgerichte divisies, farmaceutica, landbouwchemicaliën, zaden en speciale produkten, terechtkomen. Het afgeslankte ICI zou de activiteiten op het gebied van verven, vezels en foliën, springstoffen en industriële (bulk)chemicaliën behouden. Ter compensatie voor het aan Zeneca meegegeven vermogen neemt dit bedrijf ook een belangrijk deel van ICI's schulden over. Aandeelhouders ICI gaan er dus, aldus de concernleiding, niet op achteruit.

Voor het concern begon een hectische periode. De bedoeling was beide "deelbedrijven' per 1 januari 1993 operationeel zelfstandig te maken. Voor de officiële aankondiging waren ongeveer 70 mensen bezig met de voorbereidingen van de ontvlechting van ICI's 500 wereldwijd verspreide vestigingen. Na 30 juli hielden zo'n 600 betrokkenen zich er vijf maanden lang dagelijks mee bezig.

In die periode moesten oplossingen worden gevonden voor allerlei juridische en belastingtechnische kwesties, moesten mensen worden benoemd, overgeplaatst of ontslagen, dienden twee nieuwe organisatorische structuren op poten te worden gezet, en - last but not least - diende een naam te worden bedacht voor de nieuwe biowetenschappelijke onderneming. Nadat met behulp van professionele bureaus ongeveer duizend namen waren bedacht en geanalyseerd, kwam men uiteindelijk uit op Zeneca, afgeleid van het woord zenit (toppunt). De stylering van de hoofdletter "Z' ontleende men aan het tekenschrift van de oude alchemisten, die dit symbool gebruikten voor het werkwoord "oplossen'. Vorige week kondigde Henderson, die president-commissaris wordt van ICI en Zeneca, op het Londense hoofdkantoor van ICI aan dat de officiële beursgang van Zeneca binnen handbereik ligt. Maar wat een feestelijke bijeenkomst had moeten zijn, bleek doortrokken van sombere voorspellingen en twijfels. De ernstige malaise in de chemie en de matige verwachtingen over de economische groei voor de komende jaren hebben veel analisten en beleggers de afgelopen maanden aan het twijfelen gebracht over de overlevingskansen voor het afgeslankte ICI. Zonder de stabiliserende farmaceutische divisie zal de onderneming nog sterker ten prooi vallen aan de conjuncturele golfbewegingen en - zo speculeert men al op de Londense beurs - wellicht op korte termijn in handen van een concurrent terechtkomen.

Voor Akzo, dat evenens te maken heeft met een hoog renderende farma-tak en laagrenderende vezel- en basischemiedivisies, is verzelfstandiging van de farmaceutische divisie daarom nooit aan de orde geweest. Hoewel het afgelopen jaar regelmatig is geopperd dat de Arnhemse onderneming het splitsingsvoorbeeld van ICI zou kunnen volgen, zegt de Akzo-top niets van zulke plannen te willen weten. Akzo moet minder conjunctuurgevoelig worden, betoogt voorzitter jhr.mr. A.A. Loudon geregeld, en dat kan alleen als Farma onderdeel van het concern blijft uitmaken.

Ook over de toekomst van Zeneca, dat enkele maanden geleden nog in alle toonaarden werd bejubeld, zijn analisten niet al te zonnig gestemd. De farmaceutische activiteiten, waaruit de nieuwe onderneming het grootste deel van omzet en winst zal moeten putten, hebben het afgelopen jaar een winstdaling geboekt van negen procent tot 488 miljoen pond. Belangrijkste reden daarvan is dat ICI de verkoop van één van zijn bestlopende produkten, het hartmiddel Tenormin, op de Amerikaanse markt zag instorten toen de patentbescherming van dit medicijn afliep en concurrenten met goedkopere versies op de markt verschenen. Als de aangekondigde hervormingsplannen van de Amerikaanse president Clinton doorgaan, zullen ook de prijzen van andere farmaceutische produkten in de VS (waar Zeneca ongeveer 40 procent van de omzet behaalt) omlaag moeten, zo verwachten analisten.

Een andere belangrijke poot onder Zeneca, zaden en landbouwchemicaliën, is het afgelopen jaar eveneens onder toenemende druk gekomen - als gevolg van de sterke prijsconcurrentie in de VS en de afgenomen vraag in Europa. De verwachtingen zijn slecht, vooral als gevolg van de voorgenomen herstructurering van de Europese landbouw.

Ook het beursklimaat is op het moment aanmerkelijk killer dan zeven maanden geleden, toen de splitsingsplannen door ICI werden gelanceerd. Zeneca, dat een groot deel van de schulden van ICI als bruidsschat zal meekrijgen, heeft een aandelenemissie van 1,3 miljard pond nodig om de vermogensverhoudingen weer op peil te krijgen. Analisten vragen zich af of de nieuwe onderneming over twee maanden - als ze officieel een eigen beursnotering zal krijgen - in staat zal zijn zoveel geld aan te trekken.

De onzekerheid onder beleggers of de splitsing het gewenste resultaat zal opleveren is de afgelopen maanden toegenomen. Zoals één van hen vorige week in de Financial Times verzuchtte: “We zeggen niet dat we tegen splitsingen in het algemeen zijn of dat de farmaceutische divisie een geïntegreerd onderdeel moet blijven van ICI. Maar het is voor ons nog moeilijk te beoordelen of twee en twee straks werkelijk vierenhalf zal opleveren.”