Forse illegale dierenhandel via Antillen opgespoord

DEN HAAG, 5 MAART. De politie van Uruguay heeft eind vorig jaar in Montevideo 85.000 kaaimanhuiden in beslag genomen. Dat heeft het Wereld Natuurfonds (WNF) gisteren bekendgemaakt. De huiden werden aangetroffen door de douane aan boord van een containerschip uit Aruba kwam. De huiden hebben een waarde van een miljoen gulden. De huiden hadden als eindbestemming leerverwerkingsbedrijven in Singapore. Het WNF spreekt van één van de grootste vangsten van de afgelopen vier jaar.

De Nederlandse Antillen en Aruba vormen al jaren een belangrijke schakel in de handel in beschermde diersoorten, aldus het Wereldnatuurfonds. In 1990 werd in de Verenigde Staten een partij van 40.000 kaaimanhuiden ontdekt die via de Antillen uit Zuid-Amerika waren gesmokkeld. De textielindustrie in Italië, Singapore en Thailand is de grootste afnemer van deze huiden. Drs. A. van Kreveld van WNF Nederland bevestigt dat de Antillen en Aruba al jaren belangrijke doorvoerhavens zijn voor kaaimanhuiden, reptielen en levende papegaaien.

Afgelopen week vergaderde de Conferentie voor Internationale Handel in Bedreigde Soorten (Cites) in Washington. Daar heeft het WNF de handelspraktijken op de Antillen en Aruba aan de orde gesteld. Nederland is aangesloten bij de Cites. Minister-president Liberia Peters van de Antillen sprak begin mei 1991 de hoop uit dat de Antillen zich dat jaar nog bij Cites zouden aansluiten. Tot op heden is dat niet gebeurd. Wel werd een interimwet aangenomen die de illegale handel in bedreigde diersoorten moet tegengaan. Het WNF vindt dat Nederland er voor moet zorgen dat in de overzeese gebiedsdelen goede wetgeving en controle-mogelijkheden wordt ingevoerd om de illegale handel te bestrijden.