Belle en het Beest

't Was feest bij Belle in 't paleis.

Iedereen kreeg taart en ijs.

't Was omdat Belle zou gaan trouwen

Met een Prins uit Henegouwen.

Maar Belle zei al voor het feest:

Ik wil geen Prins, ik wil een Beest!

Een beest? Maar Belle, sprak haar vader,

Wat voor een beest? Verklaar je nader.

Een Beest ja, met een ruige vacht,

Dat is zo troostend in de nacht.

Tot voor de Burgerlijke Stand

Bleef zij haar vreemde keus gestand.

Toen zei de Prins: wacht nou maar even,

Mocht jij, als 't jawoord is gegeven,

Nog steeds als man een beest verkiezen,

Dan heb ik ook nog een surprise.

Ze gaf het. En hij werd een Beest.

Het trof haar vader nog het meest:

Mijn schoonzoon is een beest geworden!

Maar niemand die er over morde.

Het werd een onvergetelijk feest

En Belle danste met haar Beest;

Zij voelde schuchter aan zijn huid

En gaf hem zoentjes op zijn snuit.