NEPWETENSCHAP (2)

In NRC Handelsblad van 25 januari lucht prof. J.E. Hueting zijn hart over nepwetenschap. Niet alleen polemologen, ook andere -logen, homeopathen en acupuncturisten vallen eronder. Psychologen niet, hij is er immers zelf één, psychoanalytici weer wel. Volgens hem bestaat er wetenschap en nepwetenschap.

Wie homeopathische geneesmiddelen uitwendig gebruikt kan met zijn eigen ogen controleren hoe de genezing zich voltrekt; wie buiten loopt, kan met eigen ogen zien hoe plantjes zo slap als katoenen lapjes door de harde grond omhoog groeien.

Beide processen kunnen we zien, maar niet wetenschappelijk verklaren. Toch zijn er heel wat mensen die het tweede verschijnsel vanzelfsprekend vinden en voor het eerste alleen maar spottende woorden hebben. In de medische wetenschap zijn, vooral in de vorige eeuw, wel vaker verbanden ontdekt en ook experimenteel bevestigd, waarvoor pas veel later de wetenschappelijke verklaring gevonden werd.

Voor velen is het bewijs voor de werking van homeopathische geneesmiddelen allang proefondervindelijk geleverd. Voor sommigen na een slechte ervaring met reguliere medicijnen: de Stichting Informatievoorziening Gezondheidszorg meldde voor 1990 tienduizend ziekenhuisopnamen ten gevolge van bijwerking van medicijnen; ik vermoed, ook uit eigen ervaring, dat daar duizenden bijgeteld kunnen worden die met hulp van de huisarts zo'n bijwerking of allergische reactie thuis te boven kwamen. Door dezelfde oorzaak stierven in 1990 zeshonderd patiënten, volgens genoemde bron. Als universitair afgestudeerde artsen hun gangbare mogelijkheden uitbreiden door zich de kennis eigen te maken van de homeopathische geneeskunde, hoe kan iemand dat dan "corruptie' noemen?