Agrarische Jongeren overtuigd van noodzaak milieubeleid; Jonge boeren nemen 't initiatief

RAAMSDONK, 4 MAART. Eigenlijk was het een voor de hand liggend voorstel dat voorzitter Arian Kamp (29) van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt vorige week op het landelijk congres aan minister Alders deed. Als de ene minister zegt dat het peiljaar voor de noodwet over hinderwetvergunningen 1981 moet worden en de andere wil 1986, dan zorg je toch dat ze allebei aan hun trekken komen?

En dus suggereerde Kamp om bij het verlenen van hinderwetvergunningen weliswaar uit te gaan van de omvang van de veestapel in 1986, maar boeren tegelijk te verplichten binnen vijf jaar hun ammoniakuitstoot te verminderen. Op die manier zouden ze alsnog worden gedwongen het mestoverschot aan te pakken. Want als er één ding is waarover de 25.000 leden van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt het roerend eens zijn, dan is het wel de noodzaak van milieumaatregelen in de landbouw. “Grond, water en lucht zijn onze produktiefactoren”, zegt Kamp. “Die horen schoon te zijn.”

De jonge boeren van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt zijn het al gewend dat de politiek hun voorstellen zo nu en dan overneemt. Vier jaar geleden, toen oud-minister Nijpels te gast was op het landelijk congres, kwamen ze met het idee van een mineralenboekhouding: elke boer zou moeten opschrijven hoeveel mineralen zijn dieren via veevoer binnenkrijgen en hoeveel er in de vorm van mest op het bedrijf overblijven. Nauwkeurig bijhouden van de boekhouding zou boeren bewust maken van de noodzaak maatregelen te nemen om het mestoverschot te verkleinen, bijvoorbeeld door een andere samenstelling van het voer.

Nijpels vond het een goed voorstel, maar het Landbouwschap en de minister van landbouw waren tegen. Pas toen vorig jaar strengere mestmaatregelen werden afgekondigd, kwam de behoudende belangenorganisatie met het boekje "Mineraal Centraal'. Inmiddels is vastgelegd dat in 1995 alle boeren een mineralenboekhouding hebben. Ook het idee van korte cursussen over milieumaatregelen heeft het Landbouwschap overgenomen. Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt heeft de cursussen, waarmee 7.500 jonge boeren zijn bereikt, onlangs afgesloten.

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt is de luis in de pels van het Landbouwschap. De jonge boeren staan bekend om hun progressieve voorstellen en nauwe contacten met het centrum voor landbouw- en milieuonderzoek in Utrecht, een denktank op het gebied van schonere landbouw. Hoewel ook het Landbouwschap tegenwoordig is doordrongen van de noodzaak het mestoverschot te verkleinen, is de houding van de oudere boeren toch heel wat defensiever dan die van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt. Volgens Kamp doet dat het imago van de landbouw geen goed. “De mensen krijgen het idee dat boeren niks willen en maar wat aan rotzooien. Dat schept een klimaat voor strengere maatregelen. Als we niet uitkijken, worden onze produkten nog onverkoopbaar.”

Zelf heeft Kamp in 1990 op de boerderij van zijn vader, met wie hij een maatschap heeft, de mineralenboekhouding geïntroduceerd. Sindsdien is het overschot elk jaar 40 kilo kleiner geworden. Zo nu en dan komen collega's op de boerderij om te kijken hoe Kamp dat heeft klaargespeeld. Dinsdag heeft hij er nog een stuk of veertig rondgeleid. Ze hebben de moderne stallen gezien, de ondergrondse mestsilo en het speciaal samengestelde veevoer. Of iedereen de suggesties ook over gaat nemen is de vraag. Oudere boeren “zien milieumaatregelen vaak als een bedreiging.”

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt denkt dat de houding van de boeren in het Landbouwschap de overheid zal dwingen tot het nemen van steeds gedetailleerdere maatregelen - een beleid dat al is ingezet. “De overheid zegt dat er mestsilo's moeten komen, dat die silo's moeten worden overkapt en wat voor overkappingen dat moeten zijn. Dat gaat toch veel te ver?” Volgens Kamp zou de overheid alleen doelstellingen moeten formuleren, en boeren de ruimte laten om zelf maatregelen te nemen. Omdat aan boeren best eisen mogen worden gesteld, zouden op het niet halen van de doelstellingen sancties moeten staan: de boer die binnen vijf jaar zijn ammoniakuitstoot niet heeft verkleind verliest zijn hinderwetvergunning alsnog, degene die er ondanks een mineralenboekhouding niet in slaagt zijn mestoverschot te reduceren krijgt een boete.

Als het aan het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt ligt zullen boeren hun veestapel niet in hoeven te krimpen, het laatste dwangmiddel waartoe de overheid kan overgaan. Tijdens het landelijk congres van vorige week kwamen de jonge boeren met het voorstel voor een convenant met de veevoederfabrikanten. De fabrikanten zouden zich moeten verplichten het gehalte aan mineralen in het veevoer drastisch te verminderen, wat de mest veel minder schadelijk voor het milieu zou maken. Minister Alders zei ook dit idee serieus te zullen bestuderen.