Verlichting voor Duitse kasreserve

AMSTERDAM, 3 MAART. De wijzigingen in het Duitse geldmarktinstrumentarium, die op vier februari werden aangekondigd, zijn maandag van kracht geworden. Door deze verandering is een concurrentienadeel van de Duitse banken op de geldmarkt, in vergelijking met de banken uit andere Europese landen, verminderd.

Het behelst een vermindering van de kasreserveverplichting van de banken. De kasreserve is een instrument waarmee de Bundesbank, maar ook De Nederlandsche Bank, kunstmatig een tekort creëert op de geldmarkt. De banken worden daardoor gedwongen bij de centrale bank te lenen. Vanwege deze roodstand kan de centrale bank met de officiële tarieven en de tarieven over de speciale beleningen de richting van de geldmarktrente bepalen. De geldmarktkasreserve heeft in Duitsland echter niet alleen directe maar ook indirecte rente-effecten. De banken kunnen immers een deel van de bij hen aangehouden tegoeden niet rentedragend uitzetten, omdat deze renteloos bij de centrale bank gestald moeten worden. Hierdoor genereren zij minder rente-opbrengsten en kunnen zij minder rente betalen over de bij hen aangehouden tegoeden dan buitenlandse banken die geen renteloze kasreserveverplichting kennen. Dit is een van de redenen waarom de in Luxemburg gevestigde banken een hogere rente vergoeden op de D-markdeposito's dan de in Duitsland gevestigde banken. Vanwege dit renteverschil tussen de binnenlandse en buitenlandse D-markttegoeden stroomde veel kapitaal het land uit. Met de verlaging van de kasreserve hoopt de Bundesbank het concurrentienadeel van de Duitse banken enigszins te verminderen.

Door de verlaging van de kasreservepercentages verminderen de kasreserves met een bedrag van totaal 32 miljard D-mark. Dit heeft in beginsel een verruiming van de geldmarkt tot gevolg. Tegelijkertijd haalde de Bundesbank echter ongeveer 25 miljard D-mark uit de geldmarkt door geldmarktpapier te verkopen. Met deze zogenaamde 'Bundesbank-Liquiditätspapieren' (Bulis) creëert de Bundesbank een nieuw geldmarktinstrument waarmee de geldmarkt op marktconforme wijze afgeroomd kan worden indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven. Deze "Bulis' zijn weliswaar niet rentedragend, maar doordat ze verkocht worden beneden de nominale waarde, realiseert de houder gedurende de looptijd een koerswinst. Een en ander betekent dat ongeveer 25 miljard D-mark van de bankactiva, die voorheen geen inkomsten genereerden, nu wel inkomsten gaan genereren.

In beginsel verwachtte men van de gehele operatie een lichte rentedaling in de kortere looptijden. Daarvan was inderdaad sprake. De maandstarieven lagen afgelopen maandag ongeveer 12 basispunten lager dan vrijdag. Dit was echter ook gedeeltelijk een gevolg van de uitspraken van Bundesbankpresident Schlesinger die tijdens de G7-ontmoeting suggereerde dat de officiële tarieven in Duitsland spoedig omlaag konden. De hoop van de aandelen- en obligatiehandelaren, dat deze renteverlaging al tijdens de Bankratvergadering van donderdag bekend zal worden gemaakt, deed de aandelen- en obligatiekoersen fors stijgen. De Nederlandse kapitaalmarktrente daalde daardoor maandag tot onder de 6,5 procent.

Bron: Economisch Bureau ING Bank