"Studie Communicatie trekt verkeerde student'

UTRECHT, 3 MAART. Studenten Communicatiewetenschap moeten voor de aanvang van de studie beter worden voorgelicht over wat ze wel en niet aan de universiteit kunnen leren. De veelal op de praktijk gerichte studenten zouden zich niet bijzonder interesseren voor de wetenschappelijke doelstellingen van de opleidingen Communicatiewetenschap.

Dat zegt de visitatiecommissie Communicatiewetenschap in haar rapport, aangeboden aan de voorzitter van de Vereniging van Samenwerkende Universiteiten (VSNU), ir. W.C.M. van Lieshout. De visitatie betrof de twee opleidingen Communicatiewetenschap aan de universiteit van Amsterdam en de katholieke universiteit Nijmegen. De opleiding in Amsterdam telt ruim 1.600 studenten, Nijmegen ruim 900.

De commissie, onder voorzitterschap van de emeritus-hoogleraar politieke wetenschappen prof. dr. H. Daudt, is van mening dat de opleidingen terecht niet zwichten voor de op de praktijk gerichte student en beogen een wetenschappelijke opleiding te geven. Tijdens de visitatie bleek dat studenten niet bijster zijn geïnteresseerd in wetenschappelijk onderzoek, maar meer in een praktische opleiding waarmee zij in het bedrijfsleven als communicatiespecialist terecht kunnen.

“Communicatiewetenschap kan niet de pretentie hebben tevens een praktische "kunde' te zijn die erop mikt studenten het communicatieve handwerk van alledag bij te brengen. De studierichtingen moeten hun vakkenpakket dan ook niet uitbreiden met allerlei cursussen in specialistische toepassingen en praktische vaardigheden”, aldus de commissie.

Voor veel studenten blijkt de studie Communicatiewetenschap een tweede keus. In plaats van een universitaire opleiding waren ze liever naar een School voor de journalisitiek gegaan of hadden de HEAO-opleiding Communicatie willen volgen. Maar deze opleidingen kennen een studentenstop. De opleiding trekt ook veel studenten van andere studierichtingen, bijvoorbeeld psychologie en sociologie. Communicatiewetenschap heeft geen eigen propedeuse, wat volgens de opleidingen tot gevolg heeft dat het niveau van de studenten die zich inschrijven nogal divers is. Volgens de visitatiecommissie is een eigen propedeuse echter ongewenst.

De commissie vindt het van belang dat de twee opleidingen zich ten opzichte van elkaar duidelijker gaan profileren. De studierichting aan de UvA zou het accent moeten leggen op de politieke communicatie, Nijmegen zou zich moeten richten op communicatie op niet-politiek terrein.