"Regen is goed voor het moreel in Zimbabwe'

BAARN, 3 MAART. Zimbabwe: ooit de graanschuur van zuidelijk Afrika, nu genoodzaakt tot massale maïs-import. Het land is de afgelopen vier jaar getroffen door een aanhoudende droogte die grote schade heeft aangericht aan de economie. De inflatie is omhooggeschoten tot 40 procent, van de 300.000 schoolverlaters komt hooguit tien procent aan het werk en het in 1990 begonnen economische structurele aanpassingsprogramma ESAP ligt stil, omdat na de aankoop van het noodzakelijke voedsel geen geld overblijft om te investeren.

Zimbabwe heeft water nodig en minister van binnenlandse zaken Damiso Dabengwa was vorige week in Nederland om zich te laten informeren over mogelijkheden voor verbetering van de watervoorziening in zijn land. Met leningen en internationale investeringen hoopt de regering van Zimbabwe veelbelovende gebieden weer vruchtbaar te kunnen maken.

Een van die gebieden is Matabeleland. Deze provincie in het zuidwesten van Zimbabwe beslaat ongeveer 35 procent van het totale oppervlak van het land en kan volgens Dabengwa een grote rol spelen in de economische ontwikkeling van Zimbabwe. “De bodem herbergt belangrijke delfstoffen zoals goud, kolen en diamant. De vruchtbare grond kan drie oogsten per jaar opleveren.” Tot voor kort was Matabeleland het toneel van een burgeroorlog tussen de rivaliserende voormalige bevrijdingsbewegingen ZAPU van Joshua Nkomo en ZANU van president Robert Mugabe. In die tijd is er weinig in de provincie geïnvesteerd, maar na het eenheidsakkoord tussen de twee partijen in 1988 leek de tijd rijp om Matabeleland te ontwikkelen.

Maar het uitblijven van de regen en het opdrogen van de rivieren verhinderen dat vooralsnog. Door het chronische tekort aan water mislukken de oogsten en kan de mijnbouw niet volledig worden geëxploiteerd.

Het even ambitieuze als omstreden landhervormingsproject dat de regering van president Mugabe in 1990 heeft opgezet, is, na aanpassing, inmiddels opgeschort. Het project voorzag in de onteigening van vijf miljoen hectare landbouwgrond (de helft van alle grond die blanke boeren in bezit hebben) en de verdeling daarvan onder arme zwarte boeren.

Dabengwa: “De landhervorming was het belangrijkste doel van de bevrijdingsoorlog. Zo'n 4.500 blanke boeren bezitten bijna de helft van de landbouwgrond van Zimbabwe. De regering zou daar na de bevrijdingsoorlog een eind aan maken. Maar in de eerste opzet was het programma een fiasco. Het was een puur politieke stap en de regering heeft grote blunders gemaakt. Het leek genoeg om land dat niet werd gebruikt, omdat de eigenaren niet meer in Zimbabwe woonden of omdat ze meer grond hadden dan ze konden bewerken, te onteigenen en er arme zwarte boeren op te zetten. Maar er was geen infrastructuur, de zwarte boeren hadden geen ploeg, geen vee, geen zaad en geen kunstmest. In het nieuwe programma moeten de "settlers' goed opgeleid zijn en voldoende financiële middelen hebben. Ze moeten concurrerend, zo niet beter produceren dan de blanke boeren.”

Als steuntje in de rug heeft het ministerie van landbouw het Agritex-programma opgezet. Elke provincie heeft nu een Agritex-medewerker die de boeren op hun land opleid en adviseert over wat ze moeten planten, op welk moment en dergelijke. Verder bekijkt hij welke stukken land voor herverdeling beschikbaar zijn en zoekt hij gekwalificeerde boeren uit. Daarnaast heeft het ministerie een financieringscoöperatie opgezet waar de boeren geld kunnen lenen voor de aanschaf van zaad of werktuigen. Maar ook hier is het uitblijven van de regen spelbreker. “Voorlopig is het hele landhervormingsprogramma opgeschort totdat de infrastructuur is hersteld.” En dat kan nog wel even duren: misoogsten dwingen de regering tot het opschorten van de investeringen en maken het de boeren onmogelijk hun schulden terug te betalen aan de coöperatie.

Dabengwa, zelf afkomstig uit Matabeleland is samen met andere "senior citizens' is Dabengwa bezig met de opzet van het Matabeleland Zambezi Waterproject, dat moet voorkomen dat de hoofdstad Bulawayo door het gebrek aan water een spookstad wordt en potentiële landbouwgrond verloren gaat. Het project voorziet in de bouw van een dam, de Gwai Shangani, en de aanleg van een pijplijn van de grote Zambezi-rivier naar delen van Matabeleland en de stad Bulawayo.

Als de dam daadwerkelijk is gerealiseerd - volgens Dabengwa zal dat ongeveer in het jaar 2000 zijn - zal een enorm waterreservoir ontstaan, dat kan worden gebruikt als drinkwater, voor irrigatie en het opwekken van elektriciteit, maar ook voor de ontwikkeling van de mijnbouw en recreatie. “Sinds eind december, voor het eerst in jaren, hebben we weer een redelijk regenseizoen. Het zal nog zeker tot april moeten doorregenen willen we een goede oogst hebben, maar je ziet nu al hoe het de mensen beïnvloed. Ze gaan terug van de stad naar hun land en gaan het weer bewerken, de misdaadcijfers lopen terug. De regen is goed voor het moreel van de mensen,” zegt Dabengwa.