Mulder laat de lach nog niet genoeg rondzingen

Voorstelling: Noordkaap, door Jaap Mulder. Gezien: 2/3 in Klein Bellevue, Amsterdam. Aldaar t/m 6/3, daarna elders.

Halverwege de tweede helft van zijn vierde theaterprogramma gebaart Jaap Mulder of de geluidsband even af kan. De muziek zou een stemmig moment inluiden, maar het lijkt hem bij nader inzien beter nog even verder te fantaseren op het thema dat hij zojuist met enig succes heeft aangesneden - als hij dat nu afbreekt, vreest hij, ebt de spanning zo weg.

Die zelfspot siert hem. Twee seizoenen geleden zag ik Jaap Mulder, kort na zijn zege op het Cameretten-festival, in een aarzelend programma met kleine grapjes en veelbelovende aanzetten die te vaak onafgerond bleven. Nu speelt hij Noordkaap, een voorstelling die vóór de pauze aan hetzelfde euvel leidt: heel wat invallen die nadere uitwerking verdienen, maar veel te snel weer in het niets verdwijnen. Het is telkens alsof hij over dat ene onderwerp (antroposofen, croissanterieën, doe-vakanties, de inhoud van blikvoeding, het Hema-restaurant, noem maar op) niets meer kon verzinnen en dan maar weer iets anders aansnijdt. Met als gevolg dat de lach de kans niet krijgt rond te gaan zingen, zoals bij zijn grotere cabaretcollega's, en de grappen incidenten blijven. En inderdaad: dan ebt de spanning nogal eens weg.

Na de pauze is zijn optreden echter opeens een stuk hechter doortimmerd. De conférences blijven fragmentarisch, maar passen beter in de lijn van zijn verhaaltje en hebben meer flair. Hoewel hij - met dat enigszins hulpeloze gezicht, zijn bonkige postuur en zijn kleinschalige voordracht - nog lang geen overdonderend entertainer is, weet hij die handicaps steeds vaardiger te overwinnen. Een intrigerende man vind ik hem, die het verdient met de helft van zijn ideeën tweemaal zoveel effect te sorteren.