Franse activisten gaan de politiek in voor het geld

PARIJS, 3 MAART. Aan de Franse parlemententsverkiezingen op 21 en 28 maart doen behalve de grote erkende partijen talloze nieuwe politieke groeperingen mee - en dat heeft behalve met democratie ook met geld te maken.

Bij de nationale commissie voor de financiering van de politieke partijen hebben zich maar liefst 131 partijen aangemeld. De kandidaten die namens allerlei splintergroepen aantreden maken geen kans op een zetel, maar vorig jaar werd een nieuwe wet voor de financiering van partijen ingevoerd. De regering verstrekt de komende vijf jaar 290 miljoen franc per jaar en de verdeelsleutel is het aantal stemmen dat op 21 maart is uitgebracht. Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een partij in ten minste vijftig kiesdistricten kandidaten hebben gesteld.

In 1988 brachten 25 miljoen Fransen hun stem uit. Elke stem is dus ongeveer 12 franc waard. Een advocaat en lokale politicus in Marseille, Bernard Manovelli, begreep dat er heel wat te verdienen is. Hij is de oprichter van de "Nieuwe ecologisten van de vereniging natuur en dieren', een beweging die zegt te strijden tegen vivisectie. In vrijwel alle 555 kiesdistrichten is een "nieuwe ecologist' kandidaat, veelal dierenvrienden zonder enige politieke ervaring. “Als we twee procent van de stemmen krijgen, krijgen we jaarlijks vijf à tien miljoen franc uit de nationale subsidiepot”, zo rekende hun zegsman een Parijse krant voor.

Er zijn talloze groepen en groepjes die nationaal vijftig kandidaten hebben aangemeld. Tenslotte kost de kandidaatstelling slechts 1.000 franc. Als vijftig kandidaten elk 100 stemmen krijgen, betekent dat in totaal 5.000 stemmen ofwel 60.000 franc per jaar gedurende vijf jaar. Veel van dergelijke groepen opereren onder de vlag van milieubescherming. De Groenen, een grote milieupartij die op ongeveer 7 procent van het electoraat mag rekenen, heeft zich al beklaagd over “het veelvoud van pseudo-milieukandidaten in heel Frankrijk” die van de nieuwe wet hopen te profiteren.