Mafiabaas was "eenvoudige, hardwerkende man'

ROME, 2 MAART. Een armzwaai naar pers en publiek, een korte buiging naar de rechters achter de tafel, en dan wordt Totò Riina door vijf carabinieri naar kooi nummer 19 gebracht, die extra is beveiligd met een dikke laag kogelvrij glas. Hij is vijf kilo kwijtgeraakt sinds zijn arrestatie en ziet er een stuk beter uit. Als het zijn beurt is, gaat hij gedwee maar zelfverzekerd in een stoeltje tegenover de rechters zitten, om het verhaal te vertellen van een eenvoudige, hardwerkende man die het slachtoffer is geworden van een enorm misverstand.

De baas der bazen, de man die jarenlang als een wrede alleenheerser de Siciliaanse mafia heeft gedomineerd, speelt zijn rol als man van eer tot in de puntjes. Cosa Nostra? Ken ik niet. Rijkdommen? Ik ben een eenvoudige arbeider die per week vijfhonderd gulden naar huis bracht. De beschuldigingen van andere mafiosi? Laster op bestelling, door mensen die van hogerhand worden gestuurd en geld krijgen voor hun beschuldigingen.

En zo maakt Totò Riina van zijn eerste optreden in het publiek sinds hij anderhalve maand geleden is gearresteerd, na 23 jaar voortvluchtig te zijn geweest, een show. In januari verspreidde de tv de beelden van een opgezette oude man met hangende schouders, staande onder portretten van vermoorde mafiabestrijders als Carlo Alberto Dalla Chiesa, Giovanni Falcone en Paolo Borsellino. Nu laat diezelfde tv een vitale, alerte man op leeftijd zien, met een onmiskenbare boodschap voor zijn vrienden: ik ben niet verslagen, ik blijf de baas en ik zal ze wel eens op hun nummer zetten.

Juist wegens dit effect is van alles gedaan om te voorkomen dat Riina weer terug zou worden gebracht naar "zijn' Sicilië. Maar de wet geeft verdachten het recht om zich te verdedigen, ook al worden ze beschuldigd van zeker vijftig moorden. Afgelopen weekeinde is Riina met een helikopter overgebracht van Rome naar de Ucciardone-gevangenis in Palermo, waar een speciale cel voor hem is gebouwd, vlak bij de rechtszaal die in 1986 voor de grote mafiaprocessen is aangelegd.

Hij bestreed dat hij voortvluchtig is geweest. “Niemand heeft mij gezocht. 's Ochtends ging ik werken. Niemand heeft mij ooit aangehouden. Ik nam de trein om naar Trapani te gaan. Ik stapte op de bus. Niemand heeft ooit iets tegen me gezegd. Ik heb een leven geleid, zoals ze bij ons zeggen, van huis, werk, vrouw en kerk.”

Zoals Tommaso Buscetta, de eerste spijtoptant van de mafia, al had voorspeld is Riina's strategie er allereerst op gericht om de verklaringen van spijtoptanten in diskrediet te brengen. Veel van de recente successen in de strijd tegen de mafia zijn juist aan de informatie van ex-mafiosi te danken. Je kan ze alles laten zeggen, hoe meer geld je ze geeft, hoe meer ze vertellen, zei Riina.

Alles wat die spijtoptanten hebben gezegd over een leidende rol van hem in de mafia, is gelogen, zei Riina. “Ik ben maar een bliksemafleider, ze wentelen alles op mij af.” Maar waarom dan al die beschuldigingen? “De kranten en de tv hebben mij groot en lang gemaakt, zonder zich te realiseren dat Salvatore Riina klein is en kort.”