Brazilië heeft al derde minister van financiën

BRASILIA, 2 MAART. De Braziliaanse president, Itamar Franco, heeft gisteren de derde minister van financiën in drie maanden benoemd. De snelle opeenvolging van bewindslieden weerspiegelt de grote verwarring en besluiteloosheid van de Braziliaanse regering, die niet in staat is de galopperende inflatie de kop in te drukken.

Na het ontslag van minister van financiën Paulo Haddad, trad gisteren ook de hele top van de Braziliaanse centrale bank af, onder wie bankpresident Gustavo Loyola. De nieuwe bewindsman is de 64-jarige Eliseu Rezende, een ingenieur die begin jaren tachtig al minister van transport was tijdens het militaire regime.

Brazilië is het enige Zuidamerikaanse land dat nog steeds heeft te maken met een hyperinflatie (van 1119,20 procent in 1992). De inflatie gaat gepaard met een sterke recessie. Vorige jaar daalde de industriële produktie met 4,7 procent. Brazilië heeft ook te kampen met een binnenlandse en buitenlandse schuldencrisisis, waardoor het land de hulp van het Internationale Monetaire Fonds (IMF), in de vorm van zogenoemde standby kredieten, sinds juli vorig jaar moet ontberen. Alleen de buitenlandse handel ontwikkelt zich positief, met een positief betalingsbalans saldo van 16 miljard dollar in 1992.

De vervanging van de minister van financiën is een teken van de groeiende irritatie bij president Franco, opvolger van de wegens corruptie afgetreden Collor de Mello, over de voortdurend hoge inflatie. Franco wil een bevriezing van de prijzen om een explosie van ontevredenheid onder de bevolking te voorkomen. De afgetreden minister pleitte voor hervormingen op lange termijn. Afgelopen zaterdag had Franco de bewindsman een ultimatum gesteld om de inflatie binnen drie maanden onder controle te krijgen.

In de afgelopen zeven jaar is in Brazilië vijf keer een economisch stabiliseringsplan gestart. Geen enkele keer lukte het de inflatie in bedwang te krijgen. Volgens waarnemers lijkt de Braziliaanse regering verlamd; president Franco heeft sinds zijn aantreden vorig najaar nog geen enkele belangrijke economische beslissing genomen. (AFP)