Beeldenstorm op het Oudekerksplein

Een woedende koster, een stuurs doorwerkende stratenmaker van Stedelijk Beheer, twee agenten die de boel probeerden te sussen en buurtbewoners die het tafereel met een mengeling van ongeloof en ergernis aanzagen.

Het was een opmerkelijke samenscholing afgelopen vrijdagmiddag op het Oudekerksplein in het Amsterdamse Wallengebied. Tussen de kasseien, op de plek waar enkele weken geleden plotseling, als uit de drassige veenbodem omhooggerezen, een bronzen vrouwentorso in het trottoir was verschenen gaapte nu een diepe kuil. Even tevoren was er een laadauto met grijper aan te pas gekomen om de torso uit de grond te tillen. Er bleek een kleine meter beton aan geklonken om de zaak op zijn plaats te houden.

Het beeldje was de laatste aanwinst in de mysterieuze reeks kunstwerken die de afgelopen jaren in de Amsterdam opdoken. De ontwerper(s) zijn anoniem, de beeldjes een geschenk aan de stad. De bekendste in de serie is de vioolspeler die twee jaar geleden door de marmeren vloer van het Opera-complex oprees. Een variatie op het eerste beeld dat 11 jaar geleden werd geschonken: de man met vioolkist die zich door een plantsoen bij de Marnixstraat haast. En in een boom in het Leidsebosje bevindt zich al weer enige tijd het Zagertje, dat de tak waarop hij zit dreigt door te zagen.

De vrolijke beeldengalerij mag zich in een groeiende populariteit verheugen. Er was zelfs sprake van een grote bezorgdheid toen de plaatstalen man met vioolkist enkele jaren geleden plotseling uit de Marnixstraat bleek verdwenen. Aanvankelijk werd diefstal vermoed, maar naar later bleek was het beeld door de makers voor een grondige opknapbeurt uit het plantsoen verwijderd. De opluchting was groot toen het beeld weer op de sokkel verscheen.

Ook de laatste aanwinst, die door de horizontale plaatsing op straatniveau aanvankelijk weinigen opviel, werd enthousiast ontvangen. De torso, met daarop een hand die een van de borsten omvat, leek een passend eerbetoon aan Amsterdams rosse buurt. Kunstwethouder Ernst Bakker (D66) stak afgelopen week dan ook de loftrompet over het initiatief in het Jeugdjournaal.

Het ambtelijk apparaat beschikte echter anders. Bakker had zijn woorden nog niet uitgesproken of de sculptuur werd van gemeentewege uit de grond getakeld en afgevoerd naar de boedelopslag, waar de eigenaar (waarschijnlijk tegen betaling van de opslagkosten) zijn bezit af kan halen. De plaatselijk rayonbeheerder van het wegdek bleek minder gecharmeerd van de bronzen bijdrage aan het openbaar kunstbezit. Niet alleen was voor plaatsing geen toestemming gevraagd, er waren ook klachten binnengekomen.

Wat voor klachten? Een mevrouw, een bewoonster van Amsterdams drukstbezochte hoerenbuurt, had gebeld met de mededeling dat hier een seksistische afbeelding betrof waaraan zij aanstoot nam, aldus de rayonbeheerder. Bovendien zou sprake zijn van geluidsoverlast. Van een beeld? Rond de middeleeuwse Oude Kerk liggen ondergronds zogenaamde reinwater-kelders, verklaart de rayonbeheerder. En die zouden wel eens als klankkast kunnen fungeren voor alle tik- en stapgeluiden die via de vrouwentorso de grond intrillen. Zoiets misschien. De zaak liet in ieder geval weinig ruimte meer voor ambtelijke twijfel. Na enig overleg met zijn superieuren (“Nee, niet met de wethouder”) werd de knoop dan ook snel doorgehakt.

Het is niet de eerste keer dat de onorthodoxe schenking in botsing komt met het ambtelijk apparaat. Bij de plaatsing van de vioolspeler in de Opera stuitte het openbreken van de marmeren vloer aanvankelijk op de nodige weerstand. Er zou zelfs paniek zijn ontstaan, toen werd gesuggereerd dat dynamiet in het plafond van de ondergrondse parkeergarage waarschijnlijk de snelste manier was om een gat te maken.

De betrokken ambtenaren mochten Bakker vanochtend de zaak nog eens uitleggen. Als het aan de wethouder ligt zal het beeldje niet lang in de opslag blijven liggen.