Sassanidische kunst: mysterieus en majestueus

Tentoonstelling: Hofkunst van de Sassanieden. T/m 25 april in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis. Brussel, Jubelpark 10. Di t/m zo 10-17u, wo 10-22u. Cat. 950 BF.

Meer dan vierhonderd jaar heersten ze over het Nabije Oosten en het westelijk gedeelte van de Zijderoute. Hun baardige koningen zijn nog steeds te zien op monumentale rotsreliëfs in Iran, hun weergaloos zilverwerk is verspreid over musea in de hele wereld. En hoewel hun bouwtechnieken de basis vormden van de kerkarchitectuur in de Middeleeuwen, is hun naam alleen bij een select groepje Iranologen bekend.

De Sassaniden, of "Nieuw-Perzen', hebben het de historici dan ook niet gemakkelijk gemaakt. Ze waren een beschaving van weinig woorden, zonder eigen schrift en literatuur. Wat we van ze weten is overgeleverd door hun vijanden: de Romeinen en Byzantijnen met wie ze om de heerschappij over het Midden-Oosten vochten, en de islamitische Arabieren door wie ze tien jaar na de dood van Mohammed van het wereldtoneel verdreven werden.

"Het Perzische Rijk tussen Rome en China' is de ondertitel van de chique tentoonstelling van Sassanidische kunst die de komende maanden in Brussel te zien is. Bijna tweehonderd voorwerpen zijn opgesteld in zwak verlichte vitrines en geven een indruk van het hoge niveau van de Perzische kunstnijverheid in de periode 224-642 na Chr. Wapens, schalen, bekers, reliëfs, zegels en zijden weefsels - het is allemaal mysterieus en van een hoog "goud-van-de-farao's'-gehalte. Wat ontbreekt is de historische achtergrond: wie de tentoonstelling verlaat, heeft bijzondere dingen gezien, maar is over de Sassaniden weinig wijzer geworden.

De Sassanidische beschaving was een paleiscultuur. De koning, topman van het feodale systeem, zetelde in de Fars (het stamland van de Perzen aan de Perzische Golf) en was oppermachtig. Aangezien de staatsgodsdienst, de leer van Zarathustra, het afbeelden van het opperwezen verbood, is het vooral de beeltenis van de koning die we in de Sassanidische kunst tegenkomen: op de indrukwekkende rotsreliëfs (waarvan op de tentoonstelling alleen zwart-wit foto's te zien zijn), op munten en sierpenningen, en op de schotels met dynamische jachttaferelen die in het Brusselse museum de show stelen.

Als de Sassanidische koning op jacht ging, was dat een luisterrijke gebeurtenis. Tenminste, dat valt af te leiden uit de fraai bewerkte schalen in de vitrines. De "middeleeuws' aandoende vorst is afgebeeld in vol ornaat, compleet met luxueuze arm- en beenplaten, gordelversieringen (ook in het echt in Brussel te zien), kanteelkroon of hoofdband, en een brede versierde zwaardhuls. De schalen zijn "stills' van het spectaculairste moment van de jacht; op de ene schiet de koning zijn pijlen af op steenbokken en gazellen, op een andere probeert hij een beer uit een boom te spietsen, op weer een andere wordt een leeuw bruut in tweeën gehakt. De in reliëf uitgevoerde scènes zijn met verschillende technieken gemaakt: soms zijn de figuren in zilver en is de achtergrond goudkleurig, dan weer is bijna de hele schaal zilverkleurig en zijn alleen veelzeggende details verguld: de kroon van de koning, de kop van een hert, de oren van een everzwijn.

In Brussel kunnen alleen de dieren met de pracht en praal van de koning concurreren: als voornaamste motief van de Sassanidische toegepaste kunst zijn ze terug te vinden op veel van het werk dat de ambachtslieden en edelsmeden afleverden. In de vitrines is een hele ark van Noach samengebracht: een ram op een fries, een parelhoen op een stucplaat, een aandoenlijke dromedaris op een zegel, een tijger met een zebravacht op een ovale kom. Tot de flamboyantste stukken behoren een zilveren rhyton (drinkhoorn) in de vorm van een wenkbrauwfronsende antiloop, en een letterlijk schitterende schaal met daarop een senmurv, een fabeldier met vleugels, leeuweklauwen en een hondekop.

De geheimzinnige senmurv - waarover de geleerden niet veel meer weten dan dat hij in de mythologie iets met de koning te maken had - is het ideale symbool voor de beschaving der Sassaniden: majestueus en onbekend. Zelfs de precieze vindplaats van de tentoonstellingsstukken is vaak niet aan te geven; de meeste zijn niet door archeologen opgegraven, maar via de zwarte markt in musea terechtgekomen. Beroemd is ook de manier waarop de weinige Sassanidische zijdeweefsels bewaard zijn gebleven: in de Middeleeuwen werden ze gebruikt als verpakkingsmateriaal bij het transport van christelijke relikwieën uit het Midden-Oosten. Nu liggen ze, gerafeld en al, met hun zachtglanzende kleuren en ingewikkelde patronen te pronken in minder dan halfdonkere kasten in Brussel.

"Hofkunst van de Sassanieden' is een tentoonstelling die vragen oproept en onbeantwoord laat. Wie de Sassaniden waren en wanneer ze leefden, valt nog net te lezen op de spaarzame informatiebordjes. Over hun godsdienst, hun levenswijze en hun geschiedenis blijft de bezoeker in het duister tasten. Zoek dat maar op in de catalogus, lijken de organisatoren gedacht te hebben; maar die is - hoewel dik en royaal geïllustreerd - door de specialistische bijdragen weinig verhelderend. En zo is de eerste Europese Sassanidententoonstelling zowel spectaculair als teleurstellend - een omweg maar misschien niet een reis naar Brussel waard.