Pechiney niet langer solide werkgever

VLISSINGEN, 27 FEBR. Eerst was hij kraandrijver bij de Koninklijke Maatschappij De Schelde in Vlissingen. Maar omdat daar steeds ontslagen vielen, dacht hij: Ik ben nog jong, nu kan ik nog van baan veranderen. Pechiney is een solide bedrijf. Daar zit ik beter. Drie jaar geleden maakte hij de overstap. “Maar nu krijg ik hier dezelfde problemen. Nu moeten er hier ook mensen uit. ”

De werknemer van de Pechiney-vestiging in Vlissingen-Oost, wordt er niet vrolijk van. Pechiney kampt de laatste twee jaar met miljoenenverliezen sinds voormalige Oostbloklanden aluminium tegen afbraakprijzen op de wereldmarkt dumpen.

Een fabriek van het aluminium-concern in Frankrijk wordt gesloten, en anderen, zoals de vestiging in Vlissingen, moeten de produktiecapaciteit beperken. De inkrimping is Vlissingen gaat gepaard met een verlies van vijftig arbeidsplaatsen. Nu zijn dat er nog 930; in de nabije toekomst moeten het er 880 worden.

Volgens de directie van Pechiney moet de Nederlandse overheid de helpende hand bieden. De verwerking van aluminium vreet energie, en het bedrijf wil dat de Nederlandse regering de energiekosten voor het bedrijf tijdelijk verlaagd totdat de markt weer aantrekt. Deze week, bij een bezoek aan leden van de Tweede Kamer, dreigde president-directeur J. S. Letourneur, de vestiging in Vlissingen te sluiten als Nederland niet ingaat op het verzoek. Dinsdag overlegt de Tweede Kamer met minister Andriessen over de kwestie.

“Wat kunnen wij doen?”, vindt ondertussen de Pechiney-werknemer, als hij vrijdagavond aan het begin van zijn nachtdienst het Pechiney-terrein oprijdt. “Helemaal niets.” Toen hij nog bij De Schelde werkte, maakte hij zich vaak zorgen over zijn baan. “Maar het lijkt wel alsof het went, want nu ben ik veel rustiger.” Maar toch: Thuis heeft hij vier kinderen, en de vijfde komt eraan. “En dan voel je je toch niet lekker als je al die berichten hoort.”

Bij zijn collega's die, net als hij, de nachtdienst ingaan, overheerst optimisme. “Deze dip zal dan misschien wat ernstiger zijn dan die in het verleden”, meldt een vijftiger, “maar daar komen we ook wel weer overheen. Ze kunnen toch moeilijk negenhonderd mensen op straat zetten. En daarbij nog eens duizend anderen die indirect afhankelijk zijn van Pechiney.”