Nederlandse importeur van groente stapt in val DEA

ROTTERDAM, 27 FEBR. Wegens samenspanning om duizend kilo hasj van Nederland naar de Verenigde Staten te smokkelen is gisteren een importeur van groente en fruit uit Amsterdam door de rechtbank in Miami veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien jaar.

De Amsterdammer is samen met twee werknemers van zijn bedrijf in een val gelopen die was opgezet in een omvangrijke undercover-actie van de Amerikaanse drugsbestrijdingsorganisatie DEA. Twee Nederlandse collega's van de nu in Florida veroordeelde man zitten vast in Londen in afwachting van uitlevering, waar de Amerikaanse Justitie om hebben gevraagd.

De Nederlanders werden in september 1991 via een contactpersoon op Santo Domingo benaderd door een Amerikaanse vrouw met het verzoek of ze grote hoeveelheden hasj konden leveren aan de Verenigde Staten. De vrouw, "Lolita' - een undercover-agente van de DEA in Miami - verklaarde samen met haar oom in drugs te handelen. Ze heeft de Nederlanders per fax en telefoon herhaaldelijk verzocht om hasj te leveren tegen zeer gunstige betalingsvoorwaarden. De verdachten zeggen nooit drugs te hebben willen leveren. Zij zouden zijn gezwicht voor het vooruitzicht op een makkelijke manier boeven te kunnen oplichten. De Nederlanders was verteld dat ze voor de hasj 1,8 miljoen gulden zouden krijgen en een aanzienlijk voorschot.

De uiteindelijk aangehouden verdachten menen het slachtoffer te zijn van een in ieder geval naar Nederlandse begrippen ongeoorloofde vorm van uitlokking. Justitiële bronnen in Nederland bevestigen dat de door de Amerikaanse collega's gehanteerde methode in Nederland onaanvaardbaar is omdat het initiatief voor het plegen van de misdaad nadrukkelijk uitging van de Amerikanen. DEA-agent Moriarti in Den Haag slaagde er ook niet in medewerking van de Nederlandse justitie te krijgen bij het plaatsen van telefoontaps in deze zaak, zo verklaarde DEA-agente Lolita die in werkelijkheid Rene L. Robinson heet, tijdens de rechtszaak in Miami.

De undercover-operatie waarbij de DEA heeft samengewerkt met collega's van Scotland Yard heeft in totaal meer dan een jaar geduurd. Na telefonische contacten ontmoette de gisteren veroordeelde Amsterdamse groente-importeur op 19 januari "Lolita' voor het eerst in Miami. De Nederlander werd geïntroduceerd bij haar oom, een in een ruim bemeten villa wonende DEA-agent, die verklaart hasj te willen kopen. Alle besprekingen worden heimelijk op video opgenomen door de Amerikaanse agenten.

Een maand later ontvangen de DEA-agenten enige honderden grammen hasj die de Nederlanders opsturen. De verdachten zeggen dat deze hasj deel uitmaakt van een grote partij die ze kunnen leveren. In werkelijkheid, zeggen de verdachten nu, was het hasj dat ze in een Amsterdamse koffieshop hadden gekocht om indruk te kunnen maken op de afnemers. De kopers zijn in ieder geval enthousiast. Lolita stuurt op 2 juli uit Miami een fax waarin ze zegt dat de kwaliteit van “the vegetable products” acceptabel is.

Om de Nederlanders duidelijk te maken dat er veel geld kan worden verdiend, worden ze in april 1992 uitgenodigd voor besprekingen in Engeland. De Nederlanders worden in het Royal Garden Hotel door twee DEA-agenten geïntroduceerd bij de uiteindelijk kopers van de hasj die in werkelijkheid twee Engelse agenten zijn. Om de Nederlanders definitief over de streep te trekken worden ze meegenomen naar de kelder van het warenhuis Harrods waar de toekomstige hasj-leveranciers kartonnen dozen vol bankbiljetten wordt getoond. In totaal krijgen ze zo'n 600.000 pond te zien.

De onderhandelingen met de Nederlanders haperen als de Amerikanen ontdekken dat de verdachten een valse Bill of Lading van een Libanees schip sturen. Het document had de afnemers van de hasj moeten overtuigen dat de Nederlanders hun drugs hadden besteld.

Uiteindelijk wordt de onenigheid uitgepraat en vertrekt de Amsterdamse importeur op 17 september van het vorig jaar naar Miami. Twee dagen later wordt hij aangehouden. De twee andere Nederlandse verdachten worden dezelfde dag gearresteerd in Londen op het moment dat ze 57.500 Britse pond in ontvangst nemen als voorschot op transportkosten.

Op 25 maart beslist de rechtbank in Londen of de twee in Engeland vastzittende Nederlanders mogen worden uitgeleverd aan de Verenigde Staten. De verdachten hebben staatssecretaris Kosto (justitie) om bemiddeling gevraagd. De bewindsman heeft de Nederlanders laten weten niets te kunnen doen omdat hij, volgens zijn woordvoerster, “de onafhankelijke Amerikaanse rechter niet wil beïnvloeden”.