MINISTER RÖMER

Waarschijnlijk had hoofdcommissaris Nordholt niet zo'n felle reactie van de Antilliaanse minister van justitie Suzy Römer verwacht (NRC Handelsblad, 22 februari).

De problemen van de Antilliaanse jeugd zijn al jaren bekend, ook dat deze jongeren vaak "gestimuleerd' worden om naar Nederland te vertrekken. Nordholt viel Römer persoonlijk aan op haar beleid, dat rechtstreekse gevolgen heeft voor Nordholts beleid in Amsterdam. Hij maakt dus gebruik van zijn democratisch recht openlijk constateringen te doen.

Alsof dit gekibbel over de hoofden van de verwaarloosde Antilliaanse jeugd heen nog niet genoeg was, kwam J. Wiebinga van de VVD met zijn politieke opportunistische voorstel om immigratie van Antillianen aan banden te leggen. Het is jammer dat bovengenoemde gebeurtenissen als drogreden wordt gebruikt. De problemen liggen op de Antillen en moeten daar worden aangepakt. Ook het argument dat een Nederlander zich niet zonder werk of verblijfsvergunning op de Antillen mag vestigen en het omgekeerd dus ook moet gelden, is een drogreden. Dit is een protectionistische maatregel, genomen ten behoeve van de Antilliaan die op de arbeidsmarkt moet concurreren met de beter opgeleide Nederlander.

Wel zal het rechtvaardig zijn Nederlanders ook het recht te geven zich op de Antillen vrij te vestigen. Dit moet voorafgegaan worden met het op gelijk niveau brengen van de welvaart op de Antillen en in Nederland. Dit betekent beter onderwijs, betere sociale voorzieningen. Vervolgens kunnen Nederlanders en Antillianen op een gezonde manier met elkaar concurreren op de arbeidsmarkt. Dit zijn een paar punten die verbetering behoeven, maar we moeten niet vergeten dat de Antillen nog steeds een ontwikkelingsland is.

De constitutionele structuur van Nederland in relatie tot de Antillen en Aruba is ingewikkeld en leidt snel tot verkeerde conclusies, maar één ding moet duidelijk zijn. Antillianen en Arubanen hebben een Nederlands paspoort en zijn dus Nederlanders.