GRIEKEN (2)

Enkele kanttekeningen bij het artikel van de heer Bommeljé, met name over het gedeelte waar hij zich niet competent acht. Over het boek Black Athena schrijft hij: ""Maar of dit nu betekent dat er inderdaad sprake was van grootscheepse Egyptische, Phoenicische of Semitische penetratie in prehistorisch Griekenland is een andere kwestie.''

Van Egyptische aanwezigheid in Griekenland is nooit iets aangetoond. Dat de Phoeniciërs, vooral van 800-700 v. Chr., aanzienlijke invloed op Griekenland hebben uitgeoefend is juist. Algemeen bekend is dat de Grieken het schrift van de Phoeniciërs overnamen. Ook is bekend dat Phoeniciërs zich in Griekenland gevestigd hebben, maar waarschijnlijk op zeer beperkte schaal. Van overname van gedachtengoed is niets bekend, afgezien misschien van belangstelling voor godsdienstige ideeën. (Overigens zijn de Phoeniciërs Semieten, d.w.z. zij spraken een Semitische taal.)

B. zegt dat het boek The Language of the Sea People van Woudhuizen serieus genomen moet worden. Dat moet het niet. Ik heb me er ambtshalve mee bezig moeten houden. Zijn werk is volstrekt onverantwoord en, zoals dat heet, met geen tang aan te pakken. Hij is misleid door de opleiding die hij kreeg van Best, die reeds lang geleden het Lineair A van Kreta als Semitisch ontcijferde, wat door niemand werd aanvaard. Overigens betoogt Woudhuizen dat het om Luwiërs gaat, uit Zuid-Turkije, en die spraken een, nauw aan het Hittietisch verwante, Indo-Europese taal. Als W. gelijk heeft, is het in het kader van niet-Indo-Europese invloeden op Griekenland niet relevant. (De Etrusken brachten hun taal mee uit Klein-Azië, en dat was geen Indo-Europese taal. Hier is dus niet-Indo-Europese invloed op de (Grieks-)Romeinse beschaving duidelijk.)

Wat het hoofdthema van Bommeljé betreft, er lopen een aantal lijnen door elkaar: 1) de Grieken waren niet zo verheven; 2) de verering van de Grieken had racistische trekken; 3) de Griekse beschaving was niet puur Arisch, want er waren belangrijke invloeden uit het oosten. Punt 2 is een verwerpelijke geschiedenis, maar die heeft niets met 1 en 3 te maken. Punt 1 is sinds lang bekend. Wat punt 3. betreft, ook dit is niets nieuws: niemand zal ontkennen dat Griekenland veel aan de oudere oosterse beschavingen te danken heeft gehad. Maar het is niet door de overname van het Phoenicisch schrift dat de Ilias en de Odyssee kunstwerken werden. Dat is aan het genie van de schrijver(s) te danken.

B.'s overwegingen doen niet af aan het feit dat Griekenland de "bakermat' van de Westeuropese beschaving is. Maar misschien ben ik volgens B. wel, net als Winckelmann, een gefrustreerde homoseksueel. (Dat overigens homoseksuelen mede het slachtoffer zijn geworden van de de Arier-ideologie, daarvan getuigt de roze driehoek. Dat (al) in 1993 homoseksuelen gelijke grondrechten krijgen is m.i. een late consequentie van het Griekse denken (ik weet wel dat zij zelf die conclusie niet trokken).