China op winst in controverse met gouverneur Hongkong

Hoeveel poten moet een kruk hebben om stabiel te zijn ? China heeft vanaf het begin van de Brits-Chinese krachtmeting over de toekomst van Hongkong in 1982 volgehouden: twee, en wel de Britse en Chinese regeringen. De Britse regeringen in Londen en in Hongkong hebben voortdurend tevergeefs geijverd voor een derde poot, de Wetgevende Raad als vertegenwoordiger van de bevolking van Hongkong.

China heeft hiervan nooit willen weten totdat gouverneur Chris Patten in oktober vorig jaar zonder ruggespraak met Peking de "kruk met drie poten' eenzijdig in zijn democratisch hervormingsplan opnam. Na een woordenoorlog van ruim drie maanden en een welles-nietesspel de afgelopen dagen of er wel of geen nieuwe Chinees-Britse onderhandelingen zouden komen, heeft de in het nauw gebrachte regering van gouverneur Chris Patten besloten de officiële publikatie van het democratiseringsplan als wetsontwerp "uit te stellen'. De Wetgevende Raad, de "derde poot', is daarmee voorlopig weer geamputeerd.

De vrees in liberale kringen in Hongkong is dat uitstel tot afstel zal leiden en dat het het begin van het einde van het gouverneurschap van Chris Patten zal betekenen. Uitstel is in feite slechts een eufemisme voor inwilliging van China's eis dat Patten op de knieën gaat en zijn controversiële plan tot verruiming van het kiesrecht volledig intrekt. De vraag is echter of uitstel van het in behandeling nemen van het wetsontwerp genoeg is voor China om opnieuw rechtstreekse bilaterale onderhandelingen met Londen te beginnen over arrangementen voor Hongkongs tweede deelverkiezingen in 1995.

De woordvoerder van het Chinese ministerie van buitenlandse zaken, Li Jianying, herhaalde gisteren dat China's standpunt dat onderhandelingen pas kunnen beginnen wanneer Patten zijn hervormingsvoorstellen volledig terugneemt, onverminderd geldt. Hongkongs pro-communistische media, die China's strategische en tactische nuances dagelijks uiteenzetten, hebben de volgende stap in het denigreren van Patten al aangekondigd. Ta Kung Pao schreef dezer dagen dat als er nieuwe onderhandelingen komen daarin geen rol voor Patten zal zijn. “Onderhandelingen zullen terugkeren naar de traditionele Chinese en Britse diplomatieke kanalen met uitsluiting van de derde poot van de kruk, dat wil zeggen de Britse regering van Hongkong in al haar geledingen. Het betekent ook een einde aan de hoop van Chris Patten om te lobbyen en te werken voor een machtig gouverneurschap. De dagen dat de Britse premier John Major China's premier Li Peng naar gouverneur Patten verwees zijn voorgoed voorbij.”

De Chinezen tonen systematisch hun vastbeslotenheid om niet alleen de historische rekening van de nationale schande uit de vorige eeuw, de Opium Oorlogen en de gedwongen gebiedsafstanden, te vereffenen, maar ook die van de vernedering van de sancties na het neerslaan van de studenten-opstand in 1989. In september 1991 dwongen zij premier Major om een bezoek aan Peking te brengen om een memorandum over het nieuwe vliegveld van Hongkong te tekenen. Major ging met zo'n tegenzin dat hij de hele reis zeer luid de trom van de mensenrechten sloeg. Enige maanden later besloot Major om Hongkong af te voeren van de agenda van Nr.10 Downing Street, de carrière-gouverneur, sinoloog-diplomaat Lord Wilson te verwijderen en een politieke zwaargewicht te belasten met de confrontatie met de Chinezen. Tijdens de milieu-top in Rio de Janeiro in juni vorig jaar nam Major wraak voor zijn gedwongen reis naar Peking en vertelde Li Peng: “Praat met Chris Patten. Hij spreekt met het volledige gezag van de Britse regering”.

Begin oktober, vlak voor Pattens eerste grote beleidsrede, werden minister van buitenlandse zaken Qian Qichen en de directeur (minister) van het Bureau voor Hongkong & Macau Zaken in de Staatsraad summier op de hoogte gesteld van de inhoud daarvan. Beiden drongen erop aan de voorstellen voor verruiming van het kiesrecht niet openbaar te maken voordat er een Chinees-Brits compromis was. Patten negeerde dat en op dat moment besloten de Chinezen al dat zij niets meer met hem van doen wilden hebben.

De Chinezen zijn daarop een psychologische uitputtingsoorlog met de Britten begonnen. Patten moest begin deze maand een hartoperatie ondergaan, temidden van steeds duidelijkere tekenen dat zijn intieme politieke vrienden in Londen John Major en Douglas Hurd - die hem naar de "draken-kuil' stuurden - achter zijn rug naar een uitweg zochten. Wat begon als een nobel streven, de zes miljoen Hongkong-Chinezen sterkere democratische instellingen voor hun autonoom bestaan onder China's soevereiniteit te bezorgen, lijkt een debacle te worden.

De Britten hebben ditmaal niet te doen met een onafhankelijkheidsbeweging uit de Derde Wereld, maar met een millennia-oud hiërarchisch rijk dat in het post-communistische tijdperk, nationalisme, trots en vergelding voor historische vernedering - met name door de Britten toegebracht - gebruikt als het nieuwe cement van de natie. Chris Patten heeft alleen gewapend met parlementair debatteertalent en spitse humor, maar zonder werkelijke machtsmiddelen de strijd aangebonden met een land dat alleen in pure traditionele machtstermen denkt.

Brits Hongkong is een aflopende zaak. De bevolking van Hongkong wil wel democratie, maar niet ten koste van een confrontatie met China. Het grote zakenleven, de onroerend goed-magnaten, de beursmakelaars hebben zich allen tegen Patten gekeerd omdat hij hun commerciële vooruitzichten in China in de waagschaal stelt in ruil voor slechts een dubieuze verruiming van de democratie die China naar alle waarschijnlijkheid in 1997 ongedaan zal maken. Het is te vroeg om te zeggen of Pattens dagen als gouverneur geteld zijn, maar meer dan een lame duck zal hij niet zijn.