Peter Vogt David Higginbotham. Galerie Zonder ...

Peter Vogt David Higginbotham. Galerie Zonder titel, Nic. Beetsstraat 44, Amsterdam. T/m 6 mrt. Do t/m za 13-17u. Peter Vogt en Egidius Knops. Galerie Vromans, Strawinskylaan 3101, Amsterdam. T/m 10 apr. Geopend tijdens kantooruren. Prijzen vanaf ƒ 1.200,-.

Emo Verkerk en Paul Beckman Emo Verkerk en Paul Beckman. Art & Project/Van Krimpen, Westersingel 93, Rotterdam. T/m 27 mrt. Wo t/m za 13.30-17.30u. Prijzen vanaf ƒ 1.800,-.

Norman Dilworth Norman Dilworth. Art Affairs, Wittenburgergracht 313, Amsterdam. T/m 20 mrt. Wo t/m za 13-18u. Prijzen vanaf ƒ 5.000,-.

Peter Vogt

"Veel kijkplezier', wenste een galeriehouder mij deze week toe. In de galerie, een piepkleine voorkamer in Amsterdam-west, stonden zwart-wit foto's van David Higginbotham in passe-partouts op de grond. Aan de muur hingen lege lijsten. De foto's, variaties op naakten van schilders als Titiaan, Manet en Ingres, waren niet bijster origineel. De alternatieve opstelling bracht daarin geen verandering.

In hoeverre draagt de entourage bij aan genoemd kijkplezier? In het ideale geval niets: door de aandacht die de kunst opeist, vergeet je de omgeving, de galeriehouder en de tekst van het persbericht. Dat lukt niet altijd. Soms is de symbiose tussen galerie en kunst zo volledig dat ze één geheel gaan vormen.

Vergeleken met de informele huiskamergalerie beschikt galerie Vromans in het Atrium, een nieuw kantoorgebouw bij het Station Zuid in Amsterdam, over een riante ruimte. Alle bezoekers van het kantorencomplex worden geconfronteerd met de exposanten van de galerie. Buiten en in de enorme glazen entreehal staan metalen beelden van Egidius Knops (1944 Simpelveld). Verspreid in de hal zijn verder schilderijen van Peter Vogt (1944 Praag) tentoongesteld, meubilair van onder anderen Philippe Starck en vitrines met bekende design artikelen zoals vazen, klokken, asbakken. De expositie is niet beperkt tot de begane grond, maar zet zich op de vierde etage voort rondom een klaterend vijvertje. Een verdieping hoger is nog een gang ingericht met kunstwerken.

Vogt, die in Duitsland woont, is een virtuoos schilder. In 1989 stapte hij, geïnspireerd door portretten van Holbein, schijnbaar moeiteloos over van een bewogen, expressionistische stijl op een koele, fotografische manier van schilderen. In beide stijlen schilderde hij voornamelijk koppen, zoals men in het Atrium kan zien. I calvi, de kale koppen, heet de recente serie doeken van Vogt. Ze zijn frontaal afgebeeld voor een egaal gekleurde achtergrond. Zonder (oog)haren en wenkbrauwen is er nauwelijks verschil tussen mannen en vrouwen.

Op het eerste gezicht hebben de schilderijen een vervreemdend, morbide effect. Maar al snel blijkt de ontharingstruc niet meer dan een oppervlakkige stilistische ingreep zonder inhoudelijke noodzaak. Het is niet de bedoeling om de toeschouwer werkelijk te verontrusten. Het werk van Vogt is "zeer corporate image verhogend te noemen', aldus het persbericht, "ze geven aan een ruimte, mits goed opgehangen, een grootse allure.' En dat is precies het probleem.

David Higginbotham. Galerie Zonder titel, Nic. Beetsstraat 44, Amsterdam. T/m 6 mrt. Do t/m za 13-17u. Peter Vogt en Egidius Knops. Galerie Vromans, Strawinskylaan 3101, Amsterdam. T/m 10 apr. Geopend tijdens kantooruren. Prijzen vanaf ƒ 1.200,-.

Emo Verkerk en Paul Beckman

Sinds 1977 tekent en schildert Emo Verkerk levendige, afwisselende portretten. Verkerk heeft vanaf het begin vooral bekende kunstenaars geportretteerd. Ook het nieuwe werk bij Art & Project/Van Krimpen in Rotterdam gaat over zijn persoonlijke band met bepaalde beeldhouwers, componisten, filmregisseurs, denkers, komieken en schrijvers.

Aanvankelijk stelde Verkerk zijn portretten vaak samen uit losse onderdelen zoals neus, ogen, mond en pijp (Georges Simenon) of saxofoon (Charlie Parker). Grote gedeelten van het gezicht liet hij daarbij oningevuld. Het knippen, plakken, toevoegen en wegnemen, ontstond volgens de kunstenaar "omdat hij er anders niet uitkwam'. Deze collagetechniek, het gebruik van onorthodoxe materialen en attributen, en de "witte plekken' bepaalden het speelse, humoristische karakter van het werk.

De laatste jaren koos Verkerk (1955), die onlangs de Hendrik de Vriesprijs van de stad Groningen voor zijn gehele oeuvre ontving, steeds vaker het traditionele, rechthoekige formaat van het schilderij als uitgangspunt. Het leek of hij ouder, serieuzer én saaier was geworden. Dat is niet het geval, zo blijkt uit deze expositie. Behalve mooie getekende en geschilderde portretten van onder anderen Poe, Slauerhoff en Truman Capote zijn er ook weer geestige, geassembleerde gezichten te zien. Eigenlijk is het woord gezicht te beperkt voor deze assemblages die veel meer vertellen over de geportretteerde dan hoe hij er uit ziet. Bij het portret van de beeldhouwer Carel Visser bijvoorbeeld is zelfs geen sprake meer van een directe gelijkenis - hij heeft een gedaanteverandering ondergaan en is een van zijn eigen beelden geworden.

Samen met meubelmaker-kunstenaar Paul Beckman (1946), maakte Verkerk voor deze tentoonstelling twee werken. Bij de ene, een goudkleurige console-tafel die geïnspireerd is door zonsondergangen op Bali, is de inbreng van Beckman groter. Verkerk beperkte zich tot het schilderen van een portret van Slauerhoff voor een patrijspoort die naast de spiegel/zon boven het tafeltje hangt. Bij het andere werk, een carnavalesk dubbelportret van prins Charles en lady Di, is het idee van Verkerk. De kroon op het geheel, een zwierige hoed, is van Beckman.

Behalve deze werken exposeert Beckman zoet-gekleurde "herinneringen' aan Balinese stranden en een wolkenkast met bijpassende salontafel.

Emo Verkerk en Paul Beckman. Art & Project/Van Krimpen, Westersingel 93, Rotterdam. T/m 27 mrt. Wo t/m za 13.30-17.30u. Prijzen vanaf ƒ 1.800,-.

Norman Dilworth

De nieuwe reliëfs van Norman Dilworth zijn opgebouwd volgens een beproefde methode. Het principe is simpel: voeg identieke zwart geverfde houten balkjes met een of twee schuine zijden at random samen tot vierkanten reliëfs. Het aardige van deze werken en van een viertal kleinere wall pieces is dat het even duurt voor je doorhebt hoe ze precies in elkaar zitten. Ze zien er eenvoudig uit, maar dagen je toch uit om het geheim van hun ontstaan te reconstrueren.

Minder geslaagd zijn twee grotere werken die zijn afgestemd op de maat van de wanden van de galerie. Ze bestaan ook weer uit zwart geverfde houten elementen, maar hun verschijningsvorm is banaal. Ze doen teveel denken aan een soort boomstam met takken en een opstijgende raket, waardoor je bij voorbaat elke belangstelling voor het hoe en waarom verliest.

De Engelse beeldhouwer Dilworth (1933) die al jaren in Nederland woont en werkt, ziet in de manier waarop hij zijn beelden opbouwt overeenkomsten met organisatie patronen in de natuur: "Het is een organische parallel, maar geen afspiegeling. Als metafoor voor het leven, belichaamt het een concept van de realiteit.' In deze uitspraak klinken klassieke constructivistische idealen door. Het is waardevol dat kunstenaars als Dilworth deze traditie levend houden, maar het hoeft niet automatisch, of van nature, interessant werk op te leveren.

Norman Dilworth. Art Affairs, Wittenburgergracht 313, Amsterdam. T/m 20 mrt. Wo t/m za 13-18u. Prijzen vanaf ƒ 5.000,-.