Minimumprijs bepaald voor importvis en -rijst

BRUSSEL, 26 FEBR. De Europese Commissie heeft gisteren minimumprijzen vastgesteld voor visimport uit Rusland, Polen, IJsland en Noorwegen en rijstimport uit de Antillen. De maatregelen zijn bedoeld om de producenten in de EG te beschermen tegen goedkope import uit derde landen.

Zowel de maatregelen tegen rijst- als tegen visimport werden genomen op verzoek van Frankrijk. Gisteren protesteerden Bretonse vissers in Brussel tegen de forse prijsdalingen die het gevolg zijn van de goedkope import. Tegen de import via de Nederlandse Antillen van rijst uit Suriname en Guyana maakte ook Italië bezwaar.

De minimumprijs voor vis geldt voor verse en diepgevroren kabeljauw, schelvis, zeeduivel, heek en koolvis. De maatregel geldt tot 30 juni. Ongeveer 30 tot 40 procent van deze witvis in Europa wordt geïmporteerd. De prijzen voor de EG-vissers daalden de afgelopen maanden daardoor met ongeveer 30 procent. Bovenop de minimumprijzen die de Europese Commissie voor vis heeft vastgesteld komt nog de gebruikelijke douane-heffing van 12 tot 15 procent. De Commissie zei gisteren te hopen dat de markt daardoor weer tot rust komt.

Binnenskamers wijzen EG-ambtenaren op de mogelijkheid van “drastischer maatregelen”, wat zou neerkomen op een quotaregeling voor import uit bijvoorbeeld Rusland. Het vermoeden bestaat dat Russische vissers hun produkten via Noorwegen en IJsland met behulp van een vals certificaat van oorsprong exporteren. Met deze landen heeft de EG een akkoord dat lagere douaneheffingen van 3,5 procent toestaat.

De rijstimport uit de Nederlandse Antillen wordt door de Commissie aan dezelfde voorwaarden onderworpen als rijstimport uit ex-koloniën van andere lidstaten. De woordvoerder van de Commissie constateerde gisteren dat de Antillen meer rijst uitvoeren dan er wordt verbouwd. De Antillen hebben er echter al op gewezen dat het om rijst gaat die op de Antillen wordt bewerkt. Bovendien stellen de Antilliaanse autoriteiten vorig jaar zelf ook al een minimumprijs vast. De maatregel van de Commissie wordt door Nederlandse EG-diplomaten "overtrokken' genoemd.