Mest drijft politici en boze boeren uit elkaar; Moed zakt boer Roes in de klompen

De noodwet over hinderwetvergunningen voor boeren is, na weken van geharrewar, nog steeds niet rond. Vorige week legden ambtenaren van minister Alders (milieu) een concept voor aan Kamerleden, wat leidde tot onenigheid met minister Bukman (landbouw). Alders wil dat gemeenten bij het afgeven van vergunningen uitgaan van het aantal dieren in 1981, maar later mag ook. Bukman wil als peiljaar 1986. Hoe dan ook zullen gemeenten een plan van aanpak voor de mest moeten opzetten. Vandaag probeert de ministerraad eruit te komen, maar het is nog onzeker of dat zal lukken. Gisteren sprak het CDA-Kamerlid Van Noord, zelf boer te Dwingeloo, veehouders toe in Eibergen. Hij betoogde dat de schade onder de boeren mee zal vallen, maar zijn gehoor geloofde hem maar half. Het vertrouwen in de politiek is weg, betoogden de boeren van hun kant. Zo ver weg dat sommigen het zelfs de moeite niet meer waard vonden hun problemen aan het Kamerlid voor te leggen. Een boze boer en een relativerende politicus vertellen hun verhaal.

In een tijdsbestek van nog geen twee uur verzucht hij wel een keer of tien, telkens iets mismoediger: “Ach, 't is wel frustrerend hoor.” Boer Richard Roes vecht voor een goede zaak, vindt hij, en als het een mens dan zo moeilijk wordt gemaakt zinkt de moed wel eens diep in de klompen. En dat allemaal door onduidelijke en niet complete milieuwetgeving.

Het probleem van Roes wordt niet veroorzaakt doordat hij niet of slechts over een gedeeltelijke hinderwetvergunning beschikt, zoals bij de meeste boeren met problemen het geval is. Roes heeft zich altijd aan de voorschriften gehouden. Bij elke uitbreiding of verbouwing van zijn bedrijf vroeg en kreeg hij een nieuwe hinderwetvergunning. Nooit werd er bezwaar gemaakt tegen zijn activiteiten. Tot Roes begin vorig jaar een nieuwe stal voor een deel van zijn varkens wilde bouwen.

In de oude houten stal, op een afstand van zo'n twintig meter van het aangrenzende bos, liggen Roes' zwangere biggen bil aan bil te ronken. De ruimte die de beesten hebben, is beperkt. Te beperkt, vindt Roes. Bovendien wordt de stal te oud. Diverse malen is de stal al vertimmerd, maar nu is hij echt op. Vandaar het plan een nieuwe te bouwen, aan de andere kant van zijn bedrijf, zo'n vijftig meter verder van het bos af. Dat zou de ammoniakbelasting, die voor een groot deel afhangt van de afstand tot zuurgevoelige terreinen als een bos, met bijna de helft verminderen. Ook kon dan de opslagruimte voor mest worden uitgebreid en milieuvriendelijker worden gemaakt. Een derde voordeel was dat er aan de andere kant van zijn erf genoeg ruimte is om de schuur ruim op te zetten, waardoor de varkens er beter bij zouden komen te liggen.

De gemeente Eibergen was direct voor de plannen van Roes te porren, zolang hij het aantal varkens maar niet zou vergroten. Zonder problemen kreeg de boer een nieuwe hinderwetvergunning en een bouwvergunning. Maar toen ging het fout: Milieudefensie diende in samenwerking met de stichting Lekker Dier een bezwaarschrift in tegen de bouwplannen. Wegens de ligging van de boerderij, vlak tegen de rand van een bosgebied, mag er volgens Arend Bosscher, de vertegenwoordiger van Milieudefensie en Lekker Dier, maar één ding met het bedrijf van Roes gebeuren: saneren. De ammoniakbelasting van het bedrijf, zo'n tienduizend mol per hectare per jaar plus de gemiddelde belasting in de gemeente Eibergen van drieduizend mol, laat geen ruimte voor een andere oplossing, aldus Bosscher. Het feit dat de ammoniakbelasting in de nieuwe situatie door de grotere afstand tot het bos zou teruglopen tot vijfduizend mol, doet daar niets aan af. Roes: “Als je dat aan Bosscher voorhoudt, zegt hij dat het niet uitmaakt of je dood gaat aan zeven gram cyaankali of aan drie gram. Met die man valt niet te praten.”

Bosscher heeft Roes' plannen aangevallen tot bij de Raad van State. Die wees Bosschers schorsingsverzoek tegen de door Eibergen verleende hinderwetvergunning af. Bosscher vecht echter door. Hij weigert, volgens Roes zonder de situatie op zijn bedrijf ooit goed te hebben bekeken, het bezwaarschrift in te trekken. Als Bosscher bij zijn weigering blijft, zal het nog tot medio 1994 duren eer Roes weet of hij de bouw, die al een half jaar stil ligt, kan voortzetten. In de huidige wet staat namelijk niets over een maximum ammoniakbelasting van bestaande bedrijven. Slechts de maximum belasting van nieuwe boerderijen is gebonden aan een norm van vijftien mol. Voor bedrijven die willen uitbreiden, geldt een maximum van dertig mol.

Roes heeft inmiddels enkele tienduizenden guldens schade, als gevolg van renteverlies, een advocaat, en af te bestellen bouwmaterialen. De politiek heeft Roes, lid van het CDA, tot nu toe ook niet verder kunnen helpen. Misschien dat de noodwet over hinderwetvergunningen van Bukman en Alders soelaas biedt, dat weet Roes nog niet. Zijn vertrouwen in CDA-minister Bukman is in ieder geval niet groot. Waarom was hij een paar weken geleden niet in Markelo, bij de grootscheepse boerendemonstratie? Braks maakte tenminste nog duidelijk wat er ging gebeuren, maar Bukman lijkt alleen maar op de winkel te passen. En Van Noord? “Ach, daar vraag ik maar niets aan. Die zegt toch dat hij niets kan zeggen over individuele gevallen.”