Van kennen naar kunnen

Voor de vijftien verplichte vakken van de basisvorming zijn kerndoelen geformuleerd. Daarmee zijn sommige vakken flink van karakter veranderd.

"Ritmisch bewegen op muziek en volksdansen, dat zie ik mijn jongens nog niet doen.' Toch moet gymleraar L. Smith, van de Rotterdamse vakschool voor bakkerij- en hotelpersoneel, deze "bewegingsvormen op muziek' straks integreren in zijn lessen. Dat staat in de "kerndoelen': de beschrijving van wat leerlingen moeten kennen, kunnen en weten na de eerste klassen van het voortgezet onderwijs. ""Het zal wel iets worden als circuit-training met een muziekje aan'', vermoedt Smith.

Kerndoelen worden het komend schooljaar ingevoerd voor de vijftien verplichte vakken van de basisvorming. Voor sommige vakken betekent dit ingrijpende veranderingen. Zo worden natuur- en scheikunde samengevoegd tot één vak en moet wiskunde veel minder abstract worden.

Moderne vreemde talen hebben minder aanpassing nodig; er moet vooral meer gecommuniceerd worden in het Engels, Frans en Duits, opdat leerlingen kunnen vragen hoe laat het is, naar de weg kunnen vragen en iets kunnen kopen. Nederlands was al verplicht voor de leerlingen in de eerste klassen van het voortgezet onderwijs. Wel is het accent verschoven van lezen en schrijven naar spreken en luisteren, waar zes van de twintig kerndoelen aan zijn gewijd. Leraren Nederlands doen op dit moment nog weinig aan het samen praten, zo blijkt uit een onderzoek van het Cito. ""Aandacht voor spreken en luisteren betekent meer dan af en toe een luistertest met vragen en elk jaar een spreekbeurt'', meent H. Bonset, leerplanontwikkelaar Nederlands bij het Instituut voor Leerplanontwikkeling SLO. ""Belangrijker is dat leerlingen leren hoe ze op een duidelijke manier informatie kunnen overbrengen in een gesprek, dat ze nieuwsberichten leren volgen en kritisch tegenover reclame leren te staan en dat ze leren hoe ze anderen iets moeten vertellen of uitleggen.'' Deze vaardigheden zullen ten koste gaan van de grammatica, denkt Bonset.

Yntinsyf

"De learlingen kinne yntinsyf harkje en doelfêst harkje.' En: "De learlingen kinne op grûn fan reaksjes en suggestjes fan oaren in (eigen) tekst op "e nij skriuwe'. Ook voor Fries zijn "kearndoelen' vastgelegd, al gelden die alleen in Friesland. Nu wordt slechts op één op de vier scholen Fries gedoceerd in de eerste klassen. Kinderen die in het basisonderwijs geen Fries hebben gehad (bijvoorbeeld Drentse kinderen die in Wolvega naar de HAVO gaan) kunnen ontheffing aanvragen.

Wiskunde krijgt een geheel nieuw leerplan, dat meer op de praktijk gericht is. Het kunnen toepassen van wiskunde in andere vakken en in de dagelijkse werkelijkheid, staat voortaan voorop. Een van de nieuwe lesmethodes laat leerlingen bijvoorbeeld de hoek berekenen die de strafschop van Dennis vanaf de penaltystip richting Hans maakt; uit een grafiek moeten ze aflezen of Bianca met een lengte van 1,65 meter en een gewicht van 65 kilogram te zwaar is (ja); en voor de moeder van Peter moeten de leerlingen uitrekenen of ze vanaf de eettafel naar de televisie kan kijken, zonder dat de deurtjes van het nieuwe televisiemeubel haar zicht belemmeren (nee).

E. Bouwens, een wiskundeleraar op de Rotterdamse scholengemeenschap Wolfert van Borselen, is wel te spreken over de nieuwe aanpak voor zijn vak. ""Nu haken veel kinderen af omdat ze wiskunde te abstract vinden'', zegt hij. Hij voorziet wel problemen voor de leerlingen met een "wiskundeknobbel'. "'Die gaan zich vervelen, want het echte hersenkraakwerk zit er niet meer bij.''

De belangrijkste verandering voor het biologie-onderwijs is de invoering van natuur- en milieu educatie. Ook wordt meer nadruk gelegd op vaardigheden: zelf veldwerk doen en werkstukken maken. ""Toch zal er in mijn lessen niet veel veranderen'', vermoedt F. Elsendoorn, biologie-leraar aan de Sint Jozef MAVO in Vlaardingen. "'We hebben vorig jaar al een nieuwe lesmethode aangeschaft, met meer praktische opdrachten. Dat werkt prima.''

Een aantal doelen van gezondheidseducatie zijn voortaan bij het nieuwe vak verzorging ondergebracht, zoals persoonlijke verzorging en voeding.

Geschiedenis is uitgebreid tot "geschiedenis en staatsinrichting'. Staatsinrichting was tot nu toe voor de hogere klassen. Het accent wordt bovendien verlegd van kennisvergaring naar de ontwikkeling van kritisch vermogen en onderzoeksvaardigheden. In plaats van consumptief een verhaal aanhoren, moeten scholieren actief kennis tot zich nemen. Niet alle geschiedenisleraren zijn hier gelukkig mee. Zo ziet drs. H. Ulrich, leraar aan het stedelijk gymnasium in Leiden, een schrikbeeld voor zich van kinderen die alleen maar een hypothese kunnen formuleren en verifiëren en bij een bron uitroepen: ""Haha, daar hebben we weer zo'n onvolledig, multi-interpretabel gegeven waarvan we zullen bewijzen dat je er niets aan hebt''.

Een veertigtal verontruste geschiedenisleraren heeft inmiddels gezamelijk de bezorgheid uitgedrukt ""over de consequenties die de invoering van de basisvorming voor het vak geschiedenis zal hebben''. Naar hun oordeel zullen de kerndoelen het vak geschiedenis uithollen, gezien ""het gebrek aan historische samenhang, gepaard aan een "geforceerde vermaatschappelijking' en wens tot actualiseren. Hierdoor wordt het aankweken van werkelijk historisch besef belemmerd.''

Ook voor aardrijkskunde is het accent verschoven van kennen naar kunnen, van het verwerven van topografische kennis naar leren "participeren' in "maatschappelijke rollen en levenssituaties'. Net als bij biologie wordt in de kerndoelen van aardrijkskunde aandacht besteed aan milieuproblemen, vooral die "op Europees niveau' en "een grensoverschrijdend karakter hebben'.

Krantenwijk

Het invullen van een cheque of van belastingpapieren, het beheren van een rekening met vaste inkomsten als zakgeld of een krantenwijk en het vergelijken van advertenties met de vraag "Het ene produkt lijkt goedkoper dan het andere, maar is dat ook zo?' - dat zijn onderwerpen die drs. M. Stoker, leraar Economie aan het Rotterdams Lyceum, in zijn klas gaat behandelen. Zijn vak wordt voor iedereen verplicht. Stoker: ""Je moet de leerling tot een kritische consument zien te maken.'' Met de toename van alle plastic pasjes, is dat volgens hem geen overbodige luxe. ""In Japan, dat toch bekend staat als een spaarzaam land, staan jongeren al voor 17 miljard in het krijt door al die pasjes.''

Nieuw zijn de vakken verzorging, techniek en informatiekunde. Informatiekunde, waarvoor slechts 20 uur is ingeruimd in de adviestabel, wordt op veel scholen al gegeven. Maar is het nu vaak vagelijk "een vak met computers', voortaan wordt het verbreed. ""Het onderwijs in informatiekunde is erop gericht, dat leerlingen zich oriënteren in de wereld van informatisering'', aldus de algemene doelstelling. Ze moeten ""inzicht verwerven in de maatschappelijke betekenis van informatiekunde''.

Verder moeten scholen twee vakken kiezen uit het rijtje: tekenen, handenarbeid, textiele werkvormen, muziek, dans en drama. Ook hierbij moeten de lessen uitgaan van de leefwereld van de leerling. ""De leerlingen kunnen gevoelens, ervaringen, ideeën, situaties en gebeurtenissen in dans weergeven'', luidt kerndoel 1. van het vak dans.

Het vak lichamelijke opvoeding moet eveneens meer aansluiten op het alledaagse leven. Blijkens de kerndoelen moeten leerlingen niet alleen kunnen balanceren, springen, rollen, zwaaien en draaien, ze moeten ook ""technieken voor zelfverdediging hanteren''.

Ook voor Grieks en Latijn zijn kerndoelen opgesteld, door de Vereniging Classici Nederland. Moest je vroeger als leerling klassieke talen vooral teksten vertalen, het accent ligt nu ook op cultuurgeschiedenis en taalinzicht. De kerndoelen zijn niet verplicht, want Grieks en Latijn behoren niet tot het programma van de basisvorming. Toch hadden ook de docenten klassieke talen behoefte aan kerndoelen, ""want we willen meedraaien met de rest'', aldus dr. A.J.L. van Hooff, voorzitter van de Vereniging Classici Nederland.