Nieuw! Knus! Niet muf!

Van november tot maart wordt het voortgezet onderwijs beheerst door één gedachte: hoeveel kinderen krijgen we volgend jaar? Geen middel wordt geschuwd in de race naar een zo groot mogelijke schoolbevolking.

"Zeker weten na de basisschool!' Tramlijn 14 giert langs met in zwarte koeieletters het telefoonnummer van de school voor individueel voortgezet onderwijs (IVO) in Amsterdam. Waarnemend directeur mevrouw A.A. Bos, doet wat lacherig over de actie die een reclamebureau voor haar school heeft bedacht. ""Het valt wel op, hè.''

Het jachtseizoen op jonge leerlingen is bijna gesloten. Van november tot maart wordt het voortgezet onderwijs beheerst door één gedachte: hoeveel kinderen hebben we volgend jaar? Leerlingen zijn geld, geld is werk. Geen school kan zich nonchalance veroorloven waar het erom gaat nieuwe leerlingen te werven.

""De idiote toestanden dateren van de laatste tien jaar'', zegt mevrouw Bos een beetje misprijzend. ""Daarvoor bestonden helemaal geen open dagen, schoolmarkten, voorlichtingsavonden of openbare lessen.'' Op haar eigen school heeft ze de open dag afgeschaft. ""Allemaal show. Vooraf een "Actie Grote Schoonmaak' om de school op te poetsen, modelleerlingen selecteren om de openbare lessen te demonstreren.''

Geen show dus op de IVO? Een reclamebureau heeft zich ontfermd over de wervingsactie van de school. Dat heeft een advertentiecampagne ontwikkeld, de tram en een taartenactie bedacht waarbij alle toeleverende scholen op gebak worden getrakteerd. Bos: ""We moeten de aandacht op ons vestigen want we zijn een tamelijk onbekend schooltype.''

Infotainment

Met folders en voorlichtingsavonden worden de basisscholen bestookt. (""Vraagt u maar eens of die dat leuk vinden'', suggereert mevrouw Bos.) Of ze het leuk vinden of niet, de basisscholen stallen de folders van het voortgezet onderwijs wel uit voor de ouders. Wie de brochures bekijkt, krijgt een gevoel van design, infotainment en nieuwe jasjes. PR-cursussen hebben hun vruchten afgeworpen. Van een ingenieus ontworpen uitklapfolder voor het Christelijk Voortgezet Onderwijs in Amsterdam ("Je weet 't zeker') tot een strak boekje van de Ministerparkschool in Naarden ("Er valt dus veel te doen met een MAVO-diploma op zak!'), de scholen maken werk van hun voorlichting. Ze zoeken pakkende slogans, zoals het Beekvliet-gymnasium in St. Michielsgestel: ""De mens die altijd op weg is, vraagt onderwijs dat altijd op zoek is.''

Andere scholen zijn minder beslist. De Christelijke Scholengemeenschap Walcheren spreekt de wens uit dat de ouders een school vinden die bij hun kind past en voegt er bescheiden aan toe: "Wellicht tot ziens op de CSW'. Ook het krantje van het Apeldoorns gymnasium is allesbehalve glossy en niet louter jubelend. Leerlingen over de eerste weken op school: ""Ik moest bijna elke dag overgeven van de zenuwen'', schrijft Frouke uit 1A. En ook Thamar uit 1B heeft het niet gemakkelijk gehad: ""Je tas lijkt van lood en je schouders zijn gebroken na een dag.''

Over het algemeen proberen scholen in hun folders toch zoveel mogelijk positieve punten te benaderen en potentieel zwakke punten op te waarderen. De Vereniging Classici Nederland rekent in haar brochure "Latijn, iets voor jou?!' af met het idee dat studie van deze oude taal niet meer relevant zou zijn in de moderne tijd: ""Wij zijn zelf nog steeds een beetje Romeins''. Alle folder-beloften worden geïllustreerd op de open dagen, dé gelegenheid voor een school om image te builden.

Geen leerfabriek

Als een scholengemeenschap in haar folder de kinderen heeft voorgespiegeld dat ze niet in de massa verloren gaan, wordt de open dag zo knus mogelijk gemaakt. Leraren noemen de eersteklassers die zijn geronseld om hun toekomstige schoolgenoten rond te leiden, bij de naam. De lokalen zijn gezellig ingericht, aan de muren hangen foto's en tekeningen van leerlingen: deze school is géén leerfabriek.

De open dag van het gymnasium is vooral niet elitair. Het natuurkundelokaal wordt nadrukkelijk gepresenteerd en met de basisvorming kan de school zich laten voorstaan op de nieuwe vakken techniek en verzorging. Het gymnasium mag op een open dag vooral niet muf zijn. Het Amsterdamse Vossius kwam ooit in het nieuws toen het voor de duur van de kennismakingsdagen palmen had gehuurd om de school op te vrolijken. Vooral niet muf.

Een open dag in het voorbereidend beroepsonderwijs is als een tocht door het openluchtmuseum. In een enorme keuken staan leerlingen gehaktballen te draaien, slaatjes te schikken en taarten op te spuiten. Om de hoek, in het "restaurant', serveren hun klasgenoten de ouders. In de garage, even verderop, sleutelen in overall gestoken jongens aan de auto van hun leraar. Sigaretje achter het oor, als een echte vakman. In het technieklokaal hangen opengewerkte geisers en stortbakken aan de muur. Om weer een andere hoek zitten kinderen achter een batterij computerschermen educatieve spelletjes te spelen. Hier wil iedereen wel op school komen.

Imago bevechten

""Dat valt tegen, hoor.'' R. Reumer kent de krachten die tegen het beroepsonderwijs werken. De leraar Nederlands, aardrijkskunde, geschiedenis, maatschappijleer en "studieles' is deels vrijgesteld om de public relations van de Scholengemeenschap voor beroepsonderwijs Noord (SGBN) te verzorgen. ""Voor veel basisscholen was de MAVO echt de ondergrens. Die verwezen hun leerlingen pas in het uiterste geval naar ons.'' Als PR-man van de school bevecht hij dat imago. ""Mensen denken nog altijd dat dit de ambachtsschool is. Een beetje vijlen en timmeren.'' Reumer moet heel lang praten - daarmee begint hij al in mei - voor mensen geloven dat het VBO een goede opleiding biedt, en een grotere kans op werk dan de MAVO. Het helpt wel dat de "L' van lager vorig jaar is vervangen door de "V' van voorbereidend.

SGBN-directeur S. den Heyer steekt jolig zijn hoofd om de deur: ""Wat is de stand, Mieke?'' De open dag zit erop, en daarmee tevens de eerste dag van de inschrijvingen. Vierendertig aanmeldingen zijn geteld. Dat stemt Den Heyer en Reumer tevreden. De school zit weer in de lift na een aantal magere jaren. Maar ze kan niet op haar lauweren rusten, want de concurrentie zit niet stil. ""Vorig jaar heeft een MAVO hier in Noord alle leraren een lijstje met nummers van ouders gegeven. Die hebben die mensen persoonlijk gebeld en ze, met de voet tussen de deur, aangespoord kinderen naar hun school te sturen.''

Dat gaat Den Heyer en Reumer veel te ver. Maar ze stellen volgend jaar wel iemand aan die zich alleen nog maar met PR hoeft bezig te houden. En hoe je het ook wendt of keert, die zal ouders moeten verleiden kinderen juist bij hun school in te schrijven.