Joegoslavische leger valt heftig uit naar VS

BELGRADO, 25 FEBR. Het leger van Joegoslavië heeft de Verenigde Staten er gisteren van beschuldigd met de geplande uitwerping uit vliegtuigen van hulpgoederen boven door het oorlogsgeweld in Oost-Bosnië geïsoleerde plaatsen een “voorwendsel” voor Amerikaanse militaire interventie te willen scheppen.

Het verwijt, vervat in een niet met name ondertekende, door het persbureau Tanjug verspreide verklaring, heeft waarnemers in Belgrado verrast. Eerder had de regering van Joegoslavië (Servië en Montenegro) slechts laten weten bevreesd te zijn voor eventuele misverstanden en complicaties, mocht een Amerikaans vliegtuig door een der oorlogspartijen worden beschoten. De leider van de Serviërs in Bosnië, Radovan Karadzic, verklaarde in een vraaggesprek met de Servische radio weliswaar niet geestdriftig te zijn over de Amerikaanse droppings, maar voorzover het in zijn macht ligt de veiligheid van de Amerikaanse vliegtuigen te willen garanderen.

De Joegoslavische legerleiding zegt niet iets tegen de Amerikaanse vluchten in het buurland Bosnië-Herzegovina te willen ondernemen, maar constateert in een buitengewoon krachtig gestelde tekst wel dat “de Amerikaanse inmenging” op het territorium van het voormalige Joegoslavië “voortdurend drastischer en onverdraaglijk” wordt. De door de regering in Washington aangekondigde vluchten, vooral bedoeld ter bevoorrading van enkele al maanden door Servische troepen ingesloten en gebombardeerde plaatsen, heten in de verklaring een “eerste stap” naar militaire interventie, en daarmee naar een uitbreiding van de Joegoslavische burgeroorlog tot “andere gebieden op de Balkan en de rest van Europa”.

Inmiddels heeft de regering van de "Servische republiek Krajina', de eenzijdig uitgeroepen en internationaal niet erkende "staat' van de Serviërs op het grondgebied van Kroatië, zich bereid verklaard afstand te doen van enkele onlangs door Kroatische eenheden op de Serviërs veroverde gebieden, op voorwaarde dat de Kroaten zich terugtrekken en dat de vredesmacht van de Verenigde Naties, UNPROFOR, het beheer ervan overneemt. Het gaat daarbij naar Servisch inzicht vooral om de omgeving van de - te herbouwen - Maslenica-brug, die de voornaamste verbinding tussen Centraal-Kroatië en de Dalmatische kust vormt, en het vliegveld bij de Kroatische kuststad Zadar, dat in de toekomst zowel door Serviërs als Kroaten zou moeten worden gebruikt.

Volgens de voorzitter van het parlement van de Serviërs in Kroatië, Mile Paspalj, valt er ook te praten over een vrije doortocht, onder VN-toezicht, voor Kroatisch verkeer door het hart van de Servische gebieden in Kroatië, rondom de stad Knin. Kroatië koestert al langer plannen voor de aanleg van een autoweg in die contreien, tussen Zagreb en de Dalmatische kust. Deze aankondiging van Servische zijde geeft voedsel aan geruchten in Belgrado dat de Serviërs proberen te komen tot een soort ruil van een Kroatische corridor bij Knin tegen een Servische corridor in gebieden die volgens het vredesplan van de VN en de Europese Gemeenschap in Noord-Bosnië aan de Kroaten zijn toebedacht.