Gevraagd: begrip, geen medelijden

Hoe kies je een school voor een woordblind kind? "Soms zetten ze toch nog dikke rode strepen onder zijn spelfouten.'

Daan (13) is volgens zijn juf een slimme jongen met veel gevoel voor humor die in staat geacht moet worden het HAVO of het VWO te halen. Maar hij heeft een handicap: hij is dyslectisch oftewel woordblind. Hij leest langzaam en maakt veel fouten. Een b en een d kan hij moeilijk uit elkaar houden evenals een i en een l. Ook pakt hij nogal eens mis bij een volgende regel, vooral als er weinig wit tussen zit, de regels lang zijn of de letters klein. Spaties tussen woorden en leestekens ziet hij vaak over het hoofd. Alleen woorden die hij erg vaak gezien heeft, herkent hij aan het woordbeeld. Minder vaak voorkomende woorden moet hij telkens weer opnieuw spellend lezen.

Eindeloos oefenen, veel voorlezen om zijn taalgevoel te ontwikkelen en zijn woordenschat uit te breiden, een juf die er pedagogisch goed mee om wist te gaan en jarenlange ondersteuning door remedial teachers, zowel op school als thuis, al die dingen samen hebben ervoor gezorgd dat hij nu boeken kan lezen. Ondanks het feit dat hij bij hardop lezen gemiddeld een fout per zin maakt, lukt het Daan sinds een jaar zich door boeken van Tonke Dragt, Jan Terlouw, Evert Hartman, Jaap ter Haar en August Lechner heen te worstelen. Boeken moeten hem wel echt boeien, anders haakt hij af en verdwijnt de motivatie om er zich doorheen te bijten.

Viereneenhalf jaar heeft hij onafgebroken dezelfde juf gehad, die zijn problemen begreep, maar geen medelijden met hem had. Ze voelde hem precies aan, wist hem uit te dagen, door moeilijke periodes heen te helpen en te voorkomen dat hij wegzakte in een moeras van medelijden met zichzelf. Daan heeft met zijn handicap leren leven.

Zijn ouders zijn daar blij mee, maar maken zich tegelijkertijd zorgen over de overstap naar het voortgezet onderwijs. Zijn moeder Margriet, zelf lerares op een middelbare school: ""Ik ben zo bang dat Daan straks de ene onvoldoende na de andere om zijn oren krijgt en in een diep gat valt. Frans, Duits en Engels worden een groot probleem voor hem. Die haalt hij allemaal door elkaar heen.''

Daan is uitgebreid getest door een orthopedagoog. Die adviseerde hem in eerste instantie in een MAVO-HAVO-brugklas te plaatsen wegens de te verwachten problemen met de vreemde talen. Ze had echter weinig positieve ervaringen met scholen. Er zijn nog steeds leraren die bij dyslectische kinderen dikke rode strepen zetten onder spelfouten en zo'n roodgekleurd proefwerk met een dikke onvoldoende teruggeven. Verder adviseerde ze om vanaf het begin met remedial teaching te beginnen.'

Margriet: ""Daan zit nu op een Vrije School, waar we heel tevreden over zijn. Maar in hun visie op dyslexie zijn we helaas wel teleurgesteld. Ze erkennen het niet als een probleem. Terwijl Vrije Scholen bekend staan om hun kindgericht onderwijs, ontkennen ze dat dyslexie een probleem is. Kinderen groeien er vanzelf overheen, zeggen ze. Aparte faciliteiten hebben ze er niet voor.''

""We zijn daarom ook naar open dagen op gewone MAVO-HAVO-VWO-scholen gegaan. Toen we op de eerste school het dyslexieprobleem ter sprake brachten, zei de brugklas-coördinator trots dat ze een orthopedagoge in dienst hadden en verwees ons naar haar. Zij bleek een ochtend per week op school te zijn. Dat is niet veel maar in ieder geval wat. Zij overlegt met docenten hoe die er rekening mee kunnen houden. Regels daarvoor zijn er niet. Ik moet het van mijn overredingskracht hebben, zei ze. Voor Frans, Duits, Engels en Nederlands waren er volgens haar computerprogramma's waarmee dyslectische leerlingen zichzelf kunnen trainen. Maar dan kom je later in het computerlokaal en dan hoor je dat alleen de sectie Duits gebruik maakt van die programma's.''

""Op een andere school waar we geweest zijn, nemen ze in het begin ook een toets af. Kinderen die mogelijk dyslexie hebben, laten ze extra testen door een daarop gespecialiseerd instituut. Leerlingen die officieel als dyslectisch zijn erkend, krijgen extra faciliteiten bij proefwerken en examens, en leraren moeten zich met betrekking tot die leerlingen aan bepaalde regels houden. Geen gedicteerd proefwerk, twee cijfers bij de talen waarbij de ene keer de spelling wel en de andere keer niet wordt meegerekend, extra ondersteuning met cassetterecorders en computerprogramma's. In bijna elke talensectie zaten wel mensen die speciale cursussen gevolgd hadden in het omgaan met dyslexie. Maar ja, dan moet je maar het geluk hebben dat je kind toevallig bij zo iemand in de klas komt. Want ze willen dyslectische leerlingen ook weer niet bij elkaar zetten in één klas.''

Zo is er op elke school wel wat. Het is nu eind februari - een definitieve keuze voor een school is nog niet gemaakt.