Ferrari ontloopt fiscus als kunstwerk, niet als auto

ROTTERDAM, 25 FEBR. Kunstwerken in particulier bezit vallen niet onder het regime van de vermogensbelasting. Maar wat is een kunstwerk? De eigenaar van een Ferrari 275 GTB/C uit 1966, onderdeel van een genummerde serie van twaalf, was van oordeel dat zijn wagen zeker dat predikaat verdiende. De fiscus dacht daar anders over. Uiteindelijk moest de Belastingkamer van de Hoge Raad in Den Haag eraan te pas komen om een oordeel te vellen.

De Hoge Raad was van mening dat een auto inderdaad kan worden aangemerkt als "kunstwerk'. Voorwaarde is dat de wagen vanwege zijn zeldzaamheid en ouderdom waardevol moet zijn voor het nageslacht. De Ferrari 275 GTB/C, met een geschatte waarde van 1 miljoen gulden, voldeed in beginsel aan al deze voorwaarden.

Toch onthield de Hoge Raad de Ferrari-bezitter de vrijstelling van de vermogensbelasting van 8 promille over de waarde van de Ferrari. Hij zou met zijn wagen op de openbare weg en op een circuit hebben gereden. Daarmee was de Ferrari niet duurzaam aan zijn oorspronkelijke bestemming onttrokken, was het oordeel van de De Hoge Raad. Derhalve moest de wagen in dit geval worden aangemerkt als vervoermiddel. Geen belastingvrijstelling dus.

Toch lijkt er een klein resultaat te zijn geboekt voor bezitters van klassieke auto's. Vorig jaar maart was het Hof in Amsterdam nog van mening dat geen enkele auto waardevol voor het nageslacht of niet, als kunstwerk kan worden betiteld. Maar volgens de Hoge Raad moeten de oude, waardevolle vervoermiddelen dan wel in de garage blijven staan.