Een Turk koopt geen kaart via 06-nummer

UTRECHT, 25 FEBR. Vlak voor de aftrap in stadion Nieuw Galgenwaard stond een Turkse voetbalsupporter met tranen in de ogen op het parkeerterrein. Arif was 's morgens om vier uur al uit München vertrokken. Onderweg had hij nog een lekke band gekregen ook, vertelde hij. Toen hij eindelijk na al die vermoeiende tocht in Utrecht arriveerde hoorde hij dat er geen kaarten meer voor de interland te koop waren.

Hij wilde het eerst niet geloven. Nee, hij had verleden week geen advertentie in de krant gezien met de mededeling dat het stadion was uitverkocht. Terneergeslagen vertrok Arif naar het centrum, op zoek naar een café waar hij het voetballen op tv kon zien. Hij kan er nog maar net gezeten hebben, toen op verzoek van de politie de tachtig vasthoudende Turkse fans die voor de poort bleven staan toch nog tot het vak werden toegelaten. Er was nog plaats genoeg. Er waren uiteindelijk ongeveer 800 Turken binnen. Vak G, achter één van de doelen, had een capaciteit van 1250 plaatsen.

In Nederland en de omringende landen wonen naar schatting 2,7 miljoen Turken. Maar waarom was vak G dan niet vol? Dat komt, zeiden de Turken, door de manier waarop de Nederlanders de kaarten verkochten. Dat kon alleen maar via een speciaal 06-nummer. Zoiets doen Turken niet. Die kopen kaarten voor een voetbalwedstrijd bij het stadion of, in het uiterste geval, in een koffiehuis of winkel. Nu waren er dinsdag nog meer Turken bij het duel van hun jeugdelftal in Arnhem aanwezig dan gisteren bij de A-interland.

In december en januari bestelden 1200 Turkse supporters telefonisch een kaart bij de voetbalbond, waarvan ongeveer de helft na betaling een toegangsbewijs ontving. Om de grote toeloop tegen te gaan werd de afgelopen weken via advertenties in de Turkse kranten, die in West-Europa worden uitgegeven, bekendgemaakt dat het stadion was uitverkocht en het zinloos was om naar Utrecht te komen. Er kwamen inderdaad slechts zo'n tweehonderd Turkse supporters op de bonnefooi naar Utrecht. Dat zou, luidde de verklaring, komen door de kou en door de Ramadan, de vastenmaand, die net is begonnen.

De verkooppolitiek van de KNVB was er op gericht het aantal fans van het bezoekende land zo klein mogelijk te houden. Dat de Rotterdamse burgemeester Peper desondanks niet gerust was op een ordelijk verloop bschouwden vele Turken als een belediging. Kijk maar eens hoe het er voor de aftrap in Utrecht aan toeging. Daar dansten de Turken vrolijk op het plein voor de Galgenwaard, soms samen met oranjefans. De sfeer was zeer gemoedelijk en leek af en toe op die bij het schaatsen in Heerenveen.

Als ze al boos worden is dat meestal op hun eigen club, hun eigen spelers. Nadat Nederland 3-1 scoorde werd het stil op de Turkse tribune. Het "Türkiye, Türkiye' klonk niet meer. Men besefte dat de strijd verloren was. De meest teleurgestelden kozen hun slachtoffer in de eigen gelederen. Vooral spits Hakan, misschien juist wel de beste man bij Turkije, moest het ontgelden. Ze wilden hem gewisseld zien worden. "Hakan Disari' en "Hakan Raus' - want de bondscoach is een Duitser - klonk het. Het bleef echter bij een beetje geschreeuw en een paar middelvingers die werd opgestoken naar Nederlandse supporters in het naburige vak, die de Turken gedurende het duel af en toe hadden getreiterd met spreekkoren.