Duke of Westminster vertoornd op Tories

LONDEN, 25 FEBR. De erfelijke eigenaar van 300 acre van Londens duurste wijken, Belgravia en Mayfair, de Duke of Westminster, is zo boos over voorgenomen veranderingen in het eigendomsrecht dat hij zijn banden met de Britse Conservatieve Partij heeft verbroken. De Duke - Gerald Grosvenor voor zijn vrienden - is bang dat hij hele delen van zijn bezit zal verliezen aan projectontwikkelaars, nu de regering-Major erfpachthouders met een contract voor meer dan 21 jaar het recht wil geven hun woonhuis te kopen, zonder dat de eigenaar zich daartegen kan verzetten. De regering wil met de maatregel het bezit van eigen huizen stimuleren, maar de hertog spreekt van “gelegaliseerde naasting”.

De stap van de hertog is het meest schokkende aristocratische gebaar sinds de Hertog van Devonshire in 1982 overstapte van de Tory-banken naar die van de sociaal-democratische SDP. De Hertog van Westminster (42) verbrak de eeuwenoude band tussen zijn familie, residerend op het landgoed Eaton Hall in Cheshire, en de Tory Party door af te treden als voorzitter van zijn plaatselijke afdeling. Dat maakt voor hem de weg vrij om in het Hogerhuis, dat deze week net is begonnen het wetsvoorstel te behandelen, vrijuit te spreken. De hertog is Hogerhuislid op grond van zijn adeldom.

Van de landeigenaars-grootgrondbezitters in het Hogerhuis wordt de Duke of Westminster als een van de sympathiekste beoordeeld. Gerald Grosvenor zendt zijn kinderen naar een gewone school en hij beheert zijn rijkdom op een sympathieke, verantwoordelijke en bovenal discrete manier.

“Als ik mocht kiezen, zou ik liever niet rijk zijn geboren”, zei hij eens. “Maar ik kan het niet zomaar opgeven. Ik kan niet verkopen. Het behoort niet aan mij toe.” "Het' is het onroerend-goedimperium dat gegroeid is uit het koolveld dat de 12-jarige dochter van een klerk, Mary Davies, in de 17e eeuw als bruidsschat inbracht bij haar huwelijk met John Grosvenor. Datzelfde akkertje werd later Belgravia. In Londen zijn de Grosvenors eigenaar van de grondrechten van een twintigtal ambassades en van grandioze hotels als de Connaught, Grosvenor House en het pas geopende Lanesborough (zes sterren en ¢8 350 per nacht voor een simpele kamer zonder ontbijt).

Eénderde van Mayfair en tweederden van Belgravia worden echter in beslag genomen door woonhuizen, waarop de erfpacht voor een bepaalde periode is verkocht aan eigenaars of eigenaar-bewoners. Langdurige erfpachthouders moeten volgens het regeringsvoorstel het volledige bezit van hun eigendom kunnen verwerven, ook al om zich daardoor te bevrijden van onderwerping aan eigenaars-uitbuiters.

Het significante in het protestgebaar van de jongste Grosvenor is dat hij nu juist model staat voor een model-eigenaar, die zelfs voor het personeel op zijn landgoederen de gehate poll tax betaalde, omdat hij die oneerlijk vond. Een verdere pikanterie is het feit dat een aantal panden van Grosvenor is doorverhuurd aan Conservatieve coryfeeën, van wie de prominentsten zijn Michael Heseltine, de minister van handel en industrie, en de oud-premiers Edward Heath en Margaret Thatcher.