Delicate en exquise uitvoering Ravel hoogtepunt concert; Intens 'nieuw debuut' Haitink

Concert: Kon. Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink. Programma: H. Berlioz: ouverture Benvenuto Cellini; M. Ravel: Ma mère l'Oye; G. Mahler: Eerste symfonie. Gehoord: 24/2 Concertgebouw Amsterdam. Herhalingen: 25, 26/2. tv-uitz.: 28/2 14.53 uur Ned. 1 (alleen Mahler).

Bernard Haitink staat weer voor het Concertgebouworkest, maar oude tijden keren nooit geheel onveranderd weerom. Ook al blijft de herinnering aan het verleden bestaan, de werkelijkheid van het heden krijgt telkens een nieuw uiterlijk. Symbolisch daarvoor is misschien de nieuwe gouden lier, die vanaf vandaag de gerenoveerde gevel van het Concertgebouw bekroont. Haitink maakte bij zijn eerste aantreden gisteravond - met op het balkon prins Claus en Haitinks opvolger Riccardo Chailly - snel een eind aan het nadrukkelijke applaus: geen reacties meer op het moeizame verleden maar werken aan de toekomst.

De dirigent, vijf jaar ouder dan bij zijn vertrek en vooral op het gebied van het muziektheater inmiddels vele nieuwe ervaringen rijker, begon zijn "nieuwe debuut' met zich te presenteren als operadirigent in Berlioz' ouverture Benvenuto Cellini. Net als later tijdens het concert bij sommige inzetten leek het er soms even op dat het orkest nog moest wennen aan het gebaar en de huidige slagtechniek van Haitink, die van zichzelf vindt dat hij nu minder extravert beweegt. De uitvoering werd fraaier naarmate de luidheid werd getemperd tijdens de weldadig vloeiende lyrische passages in het middendeel.

De complete muziek van Ravels sprookjesballet Ma mère l'Oye bracht zowel Haitinks band met het Franse repertoire in gedachten als zijn werk bij het Londense operahuis Covent Garden, waar hij ook balletuitvoeringen heeft begeleid. Hoewel telkens opnieuw het minste gerucht in de zaal al afbreuk deed aan de intensiteit van de exquise en delicate uitvoering, was deze intieme muziek een hoogtepunt van de avond. Haitinks dirigeerstok werd hier tot een toverstaf die de subtiele klankkleuren deed verglijden van koele glans tot warme gloed en in Le jardin féerique magische momenten schiep van wellustige weelderigheid.

Tijdens de Eerste symfonie van Mahler stond daar - op de plaats waar ook ooit de componist zelf het Concertgebouworkest dirigeerde - de meester van de grote Nederlandse symfonische traditie. Grosso modo zijn Haitinks opvattingen over de lange lijnen in deze muziek, die hij inmiddels ook in Berlijn heeft uitgevoerd en vastgelegd - dezelfde als voorheen. Maar en detail waren er telkens opnieuw verrassingen.

Extra vertragingen of onstuimiger stuwkracht, her en der sterkere, scherpere en schrillere accenten leken tezamen met schrijnender, wrangere of geheimzinniger klankkleuren meer dan ooit reliëf te geven aan Haitinks interpretatie. Die kreeg de grootste diepgang in de etherische passages van het derde deel en in de zeer langzaam genomen maten na de schijnfinale in het laatste deel, daar waar het begin van de symfonie weer verschijnt als een bijna verstarde herinnering. In de slotmaten van deze symfonie, die anders nooit aan zijn eind lijkt te komen, accelereerde Haitink enorm, zodat het einde van het concert sneller kwam dan ooit. Het tevreden publiek beloonde Haitink met veel bravogeroep.