Onderzoek bijklus-regels hoogleraren

ZOETERMEER, 24 FEBR. Een commissie onder leiding van oud-staatssecretaris van justitie, mr. H.J. Zeevalking, gaat onderzoeken welke regelingen universiteiten hebben voor nevenwerkzaamheden van hoogleraren.

De commissie is vandaag door minister Ritzen (onderwijs en wetenschappen) geïnstalleerd. De commissie "nevenwerkzaamheden' “zal nagaan of de colleges van bestuur vande universiteiten regels voor nevenwerkzaamheden voor universitairpersoneel hebben vastgesteld en of die regels worden toegepast”, aldus een mededeling van het ministerie. Bovendien moet de commissie, die op 1 maart met zijn werkzaamheden begint, beoordelen of die regels in de praktijk werken.

De commissie moet voor 1 september rapporteren. De minister zal daarna de Tweede Kamer het rapport van de commissie aanbieden, samen met zijn standpunt. Ritzen had de Tweede Kamer op 15 december vorig jaar beloofd een dergelijke commissie in te stellen.

De minister deed dat na schriftelijke vragen van het VVD-kamerlid Franssen napublicaties over de bijverdiensten van Rotterdamse hoogleraren. Die ontvingen voor cursussen in werktijd bij de Rotterdam School of Management (RSM) van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) bedragen van 1.200 gulden per dagdeel.

Naast Zeevalking, oud-voorzitter van college van bestuur van de Technische Universiteit Delft, zitten in de commissie dr. ir. A.W. de Jager, oud-lid college van bestuur van de Vrije Universiteit Amsterdam, A.W. van de Zand, directeur accountantsdienst van het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen) en secretaris mr. M. Westerhoff, een gepensioneerde ambtenaar van het departement.

De Rotterdamse universiteit heeft inmiddels, als gevolg van alle commotie, haar eigen regeling voor nevenwerkzaamheden verscherpt. Een interne onderzoekscommissie had vastgesteld dat deze regels niet duidelijk genoeg waren.

In een brief aan de Tweede Kamer van 20 januari schreef Ritzen dat hij bij het college van bestuur “met klem” had aangedrongen te voorkomen dat privé werd betaald voor “universitaire taken” bij de RSM. De docenten bij de RSM kregen privé-betalingen van 1.200 gulden per dagdeel voor cursussen in werktijd, ondermeer in Oost-Europa en op Curaçao.