Libië gaat ambassades verplaatsen

NICOSIA, 24 FEBR. De Libische regering heeft besloten de diplomatieke vertegenwoordigingen uit Tripoli te verhuizen naar Ras Lanuf, een plaatsje in het dorste deel van de kust op 650 kilometer ten zuidoosten van de Libische hoofdstad. Volgens een Westerse ambassadeur hebben de autoriteiten nog geen datum voor de verhuizing vastgesteld; hij verwachtte die ook niet op heel korte termijn. Wel hebben de ambassades een vragenlijst ontvangen over de faciliteiten waarover zij in Ras Lanuf willen beschikken.

De Libische autoriteiten hebben in 1988 een groot decentralisatieproject op touw gezet, en daarin past volgens de diplomaat de voorgenomen verhuizing van de diplomatieke vertegenwoordigingen. Alle ministeries, met uitzondering van buitenlandse zaken en informatie, zijn inmiddels naar Sirte verplaatst, de geboorteplaats van de Libische leider Moammar Gaddafi aan de kust, halverwege Benghazi. Het plan is ook de ministeries van buitenlandse zaken en van energie naar Ras Lanuf te verplaatsen, in het olierijke centrum, waar een olieraffinaderij en een olieterminal staan.

Volgens de Westerse ambassadeur worden de diplomatieke vertegenwoordigingen voor diverse problemen gesteld door de verhuizing en denken zij erover die in een nota aan de Libische regering duidelijk te maken. Hij wees er op dat ambassades niet alleen te maken hebben met het ministerie van buitenlandse zaken, maar ook met andere departementen en met bedrijven. Verder wordt het in Ras Lanuf moeilijk om contacten te onderhouden met landgenoten. Er werken veel buitenlanders in Libië, maar die wonen veelal in Tripoli. De ambassades verwachten ook moeilijkheden bij het vinden van plaatselijke medewerkers, en veel Libiërs die een visum willen hebben zullen honderden kilometers moeten reizen.

De ambassadeur klaagde ten slotte dat de diplomaten “worden geïsoleerd in een dorre uithoek”. Dat, meende hij, zou hun bewegingsvrijheid aan banden leggen. (AFP)