FNV-voorzitter: waar bemoeit de premier zich mee?

De eerste CAO moet nog worden afgesloten, maar het kabinet hijst alvast de stormbal. Minister De Vries kwalificeerde vorige week de actuele looneisen van de vakbonden als “absurd”. Deze week doet premier Lubbers er nog een schepje bovenop. “Verwerpelijke bemoeienis”, zegt voorzitter J. Stekelenburg van de vakcentrale FNV.

De voorzitter sputtert tegen. Wederom lijkt de waan van de dag te regeren. Het doet hem allemaal zo verschrikkelijk veel aan Pavlov denken. Elk jaar om deze tijd, aan het begin van het CAO-seizoen, krijgt de vakbeweging wel de wind van voren. “Zodra de CAO's zijn afgesloten en blijkt dat het allemaal nogal mee is gevallen, worden we weer geprezen voor onze verantwoorde en beheerste opstelling.” Toch kan hij de nieuwe aanval niet over zijn kant laten gaan.

“Ik vind het heel vreemd dat een minister-president zegt dat werkgevers voor de WAO-reparatie best een arbeidsconflict mogen aangaan. Zelfs als werknemers bereid zijn de kosten van zo'n reparatie zelf te betalen, dan heeft Lubbers daar nog grote problemen mee.”

Hij stelt het principiëler: de WAO-reparatie moet niet per CAO worden geregeld.

Daarmee sluit hij zich dus bij werkgevers aan. Ik vind dat wonderlijk. Toen de WAO in de Tweede Kamer aan de orde was, zei iedereen, of die nou tot het CDA of de PvdA behoorde of tot de oppositie: we nemen aan dat op een of andere manier door partijen wel een zekere reparatie zal worden geregeld. Men vond het onaanvaardbaar dat mensen zouden zakken naar 53 procent. Nu proberen we het op een behoorlijke manier te regelen, wat gewoon onze taak is, en dan krijg je dit verbale geweld. Waar bemoeien ze zich eigenlijk mee?

Hoe de reparatie ook wordt ingekleed, het verschil tussen loonkosten en netto loon wordt groter.

Dat is zo. Dat is een heel vervelende zaak. Maar dat gebeurt ook als mensen zich individueel moeten bijverzekeren. Het enige verschil is dat het dan uit de collectieve middelen is gehaald.

Wat is erop tegen om het individueel te regelen?

Het is makkelijker en beter als je het op een wat collectiever niveau regelt, ook via pensioenfondsen.

Maar dan moet iedereen meedoen, terwijl niet iedereen zit te springen om zo'n reparatie.

Een enkeling misschien niet, maar dat gaat om een gering aantal. Wij willen de zaak vanuit de grote categorie benaderen en een zekere verevening tussen de uiteenlopende risico's mogelijk maken. Het zal toch al zo zijn dat mensen die bij een bank werken, of een ander beroep hebben dat minder risico's met zich meebrengt, een lagere premie hoeven te betalen. Dat is een voordeel voor betrokkenen, maar aan de andere kant willen wij mensen die in één sector zitten, zoals de bouw, niet het risico laten lopen dat daar dan ook weer verschillende premies ontstaan. Wel kun je er over denken om werkgevers, die tenslotte verantwoordelijk zijn voor de arbeidsomstandigheden, te laten meebetalen. Zo kun je de premie per werknemers gelijk laten en per werkgever differentiëren, afhankelijk van het risico in een onderneming.

Is de WAO-reparatie de vakbeweging een arbeidsconflict waard?

Mensen bleken in het verleden altijd bereid voor dit soort onderwerpen stevig de mouwen op te stropen, ervoor te knokken. Zie de ziektewetplannen van Dales en Den Uyl in 1982, kijk naar de discussie over de aanbeveling over het ziekteverzuim van 1991, de WAO-acties. Steeds blijkt het een thema dat de mensen erg hoog zit. Vooral omdat het iets is waar je als werknemer meestal niets aan kunt doen.

Kunnen acties ook stakingen zijn?

Ik sluit niet uit dat zelfs een staking het gevolg kan zijn. Zonder dat nu even af te roepen, want de CAO-onderhandelingen lopen nog. Al zal het ook niet eenvoudig zijn, want economisch gaat het niet zo goed en je moet uitkijken dat je je hand niet overspeelt.

Bij de stakingen van vorig jaar keerde de publieke opinie zich vrij snel tegen de bonden.

Stakingen roep je niet hier af, op een dinsdagmiddag in een interview. Dat doe je pas op een moment dat er sprake is van onwrikbare situaties. Het is een beetje te vergelijken met de situatie uit 1977, waarbij het om de prijscompensatie ging en waarbij door een gezamenlijke opstelling van de vakbeweging in veertien dagen de aanval daarop werd weerstaan.

De Vries, Lubbers en ook Brinkman roepen nu in koor: "Nul is nodig, nul is genoeg'.

Dat vind ik een wonderlijke benadering. Ik kan me nog voorstellen dat je als verantwoordelijke minister van sociale zaken of als minister-president een zekere terughoudendheid predikt wanneer het over de loonontwikkeling gaat. Maar nu is het evenwicht zoek, en collectieve herverzekering is plotseling taboe verklaard.

Lubbers zegt niet dat reparatie niet mag, maar dat het niet mag leiden tot loonkostenverhoging.

We hebben tot nu toe onze looneisen niet opgehoogd met datgene dat we nodig zouden hebben voor WAO-reparatie. Hij gaat kennelijk van de veronderstelling uit dat we nog iets extra's zullen zetten bovenop de CAO-eisen die we al gesteld hebben. Daar is geen aanleiding voor, en het is voor ons bespreekbaar dat het offer alleen op het bordje van de werknemers terechtkomt.

Daarmee verlaat u de prijscompensatie als ondergrens in de looneis.

Ja, het kan betekenen dat je die voor een deel moet besteden aan de financiering van WAO-reparatie, waardoor je netto minder krijgt.

De vakbeweging onderschat volgens Lubbers de ernst van de situatie.

Dat slaat nergens op. Ik houd tegen dat de vakbeweging in de marktsector onverantwoord bezig is en bedrijven naar de knoppen helpt. Integendeel, als aangetoond kan worden dat het beter is voor de gang van zaken in een onderneming of bedrijfstak om een pas op de plaats te maken, dan doet men dat. Zie Hoogovens. Zie Philips. Zie de Rotterdamse haven. Maar als algemene lijn vinden we dat nul niet genoeg is en ook niet nodig is, omdat er in veel bedrijven mogelijkheden zijn om meer dan nul te doen.

Hoeveel ontslagen moeten er nog vallen, voordat de vakbeweging afziet van looneisen?

Dat suggereert dat onze CAO-eisen leiden tot afbraak van werkgelegenheid. Dat bestrijd ik. Kijk naar Engeland. Daar is de koopkracht van de burgers jarenlang behoorlijk achteruit gegaan, en dat heeft absoluut niet geleid tot verbetering van de werkgelegenheid. Integendeel.

Lubbers rekent de komende jaren met een economische groei van 2 procent. De helft daarvan is nodig om nieuwkomers op de arbeidsmarkt aan werk te helpen en de rest gaat op aan incidentele loonsverhogingen. Ergo, er is ook volgend jaar geen ruimte voor loonsverhoging.

Het Centraal Planbureau voorspelt voor volgend jaar een inflatie van 2,8 procent. Dan zou er dus al heel wat lastenverlichting nodig zijn, willen de mensen er zonder loonsverhoging niet fors op achteruit gaan in inkomen. Ik zie dat niet gebeuren.