Toneelstuk "Wessis' door ingreep verbeterd; De Duitse historie als eeuwige broedertwist

Voorstelling: Wessis in Weimar van Rolf Hochhuth, door het Berliner Ensemble, regie: Einar Schleef. Gezien: 18/2 Theater am Schiffbauerdamm Berlijn. Aldaar nog t/m 28/2, beh. 25/2. Inf. 09 49 30 2888126.

“Einar Schleef heeft mijn stuk volledig vervalst.” Bezoekers van Rolf Hochhuths toneelstuk Wessis in Weimar dat deze maand zijn première beleefde in het Brecht-theater aan de Schiffbauerdamm, krijgen bij binnenkomst twee verklaringen uitgereikt. In de ene distantieert de thans in Zwitserland wonende schrijver zich radicaal van de bewerking die zijn stuk in Berlijn heeft ondergaan. In de andere distantieert het Berliner Ensemble zich weer van Hochhuths verklaring. In een haastig opgestelde brief verdedigen Heiner Müller, Fritz Marquardt en Matthias Langhoff de vrijheid van de regisseur. “Wij vinden het stuk belangrijk en wensen het meer ensceneringen toe, ook in Berlijn”, aldus hun verklaring.

Wie het tekstboek van Wessis in Weimar leest, dat de afgelopen week bij de Oostberlijnse uitgeverij Volk und Welt uitkwam, kan zich wel voorstellen dat Hochhuth kwaad is. Niet alleen heeft de van oorsprong Oostduitse regisseur de vorm van zijn stuk over de uitverkoop van de DDR grondig gewijzigd, ook de politieke strekking is aangepast. Het stuk is milder geworden, abstracter. Hochhuth laat bijvoorbeeld een vrouw voorspellen dat de mensen van Treuhand, die belast zijn met de verkoop van het vroegere staatsbezit, zullen worden terechtgesteld. In de voorstelling van Schleef zie je alleen maar groepen half kaal geschoren soldaten met bijlen heen en weer rennen, terwijl ze in koor "Hinrichten! Hinrichten!' roepen. Ook de moord op de Treuhand-president Detlev Rohwedder is verdwenen. Schleef laat nu getuigen in koor commentaar laten leveren op een moord, maar wie het slachtoffer is, blijft verborgen.

Er is geen scène die begint of eindigt op de manier die Hochhuth heeft aangegeven. De volgorde van de verschillende scènes is door elkaar gegooid. Veel dialogen heeft Schleef vervangen door scanderende koren. Van de tweehonderd bladzijden toneeltekst hebben naar schatting zo'n dertig tot veertig de schaar van de regisseur overleefd. Hochhuth voert tegen deze bewerkingen aan dat de waarheid over Duitsland niet symbolisch is: "zij is concreet'.

Wat Schleef heeft gedaan is laten zien dat de gebeurtenissen van de laatste vijfenveertig jaar voortvloeien uit wat de Duitsers al tweeduizend jaar kwelt. De Duitse geschiedenis is in zijn visie een eeuwig durende broedertwist. Dat is al meteen te zien aan de (nieuw geschreven) openingsscène, waarin negen vrouwen, gehuld in Duitse vlaggen, het lied Höre Kind aus Schwabenland ten gehoren brengen. En het wordt explicieter wanneer een Romein wordt geciteerd die heeft gezegd dat de Germanen niet verslagen hoeven te worden. “Die maken, zoals altijd, elkaar wel af”.

Einar Schleef heeft, als je hem geloven mag, geen andere keus gehad toen hij besloot Wessis in Weimar grondig onder handen te nemen. Het stuk, bedoeld als aanklacht tegen de huidige kolonisering van de vroegere DDR, moest zo snel mogelijk in Oost Berlijn worden opgevoerd. In een interview in Die Zeit van deze week zegt de regisseur dat Hochhuth zijn beloftes om tijdig een speelbare versie af te leveren niet was nagekomen. Bekende acteurs als Marianne Hoppe en Käthe Reichel die tijd hadden vrijgemaakt moesten weer elders aan het werk. Het enige wat overbleef, alsus Schleef, was om een collage samen te stellen op basis van een vroege versie en andere teksten.

In ieder geval heeft de bewerking het stuk geen kwaad gedaan. Wat Hochhuth voor ogen stond, zou een taai, aanklagend betoog zijn geworden vol redeneringen en toespelingen op mensen en gebeurtenissen die al vergeten konden zijn op het moment van de première. In plaats daarvan zijn nu enkele sleutelscenes uitvergroot en op een aantrekkelijke manier aangekleed. Bijna de helft van de vier uur durende voorstelling bestaat uit prachtige choreografieën, stukken uit Schiller en Goethe, een echte voetbalwedstrijd tussen twee jeugdelftallen, nationale en socialistische liederen en stukjes essays die Hochhuth als toelichting op zijn toneelstuk schreef. Van de vele nauwkeurige regie- en decoraanwijzingen die Hochhuth geeft, is niets, maar dan ook niets opgevolgd. Het toneel blijft op twee grote poorten na, vier uur lang leeg. Grote delen van het stuk worden zelfs in het donker gespeeld, tegen een schaars verlichte achterwand. De Duitse geschiedenis krijgt zo het karakter van een schimmenspel. Het resultaat is een stuk dat ook te genieten is voor wie niet zo goed op de hoogte is met de verwikkelingen rond Treuhand. De indruk die na afloop overblijft is vooral die van hordes soldaten, geuniformeerd of naakt, die zwijgend of scanderend over het toneel trekken. Duitse dommekrachten die zich willoos laten meedrijven op de stroom van de geschiedenis. Daar tussendoor verschijnen vrouwen in zwarte of rode gewaden die onontwarbare juridische teksten uitspreken. Zij leveren de redeneringen die moeten verhullen dat er tegen de Oostduitsers op dit moment een misdaad wordt gepleegd.

Of het Berlijnse publiek met de visie van Schleef instemt, is moeilijk te zeggen. Het applaus was afgelopen donderdag in ieder geval erg lauw. De enige keer dat er spontaan tijdens de voorstelling werd geklapt was na de scene waarin wordt uitgelegd dat vroegere nazi-functionarissen nu hogere pensioenen krijgen dan de meelopers uit de DDR.

Dat is inderdaad een schande.