TegenTonen: sombere alternatieve muziek

Concert: TegenTonen-festival met o.a. Sheep on Drugs, Slash Orchestra, The Chords, Main, Gods & Monsters. Gehoord: 18, 19, 20/2 Paradiso, Amsterdam.

De muziek op het TegenTonen-festival mag dan tegendraads zijn, het publiek is uiterst ordelijk. In een keurige rij stond het donderdagavond voor de deur van Paradiso te wachten. Op dezelfde gedisciplineerde manier stommelde iedereen na een optreden in de grote zaal naar de kleine bovenzaal om daar de volgende band te bekijken. Bij de tiende editie van het festival bleek ook hoe trouw deTegenTonen-populatie is. Ieder jaar treedt een vaste kern bezoekers aan, in afwachting van de nieuwste selectie afwijkende muziek.

Het luchtige karakter van de zaterdagavond, toen de nadruk op dansmuziek lag, maakte duidelijk hoe somber de voorgaande twee avonden geweest waren. Ritmes sleepten, gitaren werden voornamelijk gebruikt om zweverige klanken voort te brengen en de podiumpresentatie was in de meeste gevallen introvert.

Bij het Nieuwzeelandse trio Bailter Space hadden de nummers een repeterende structuur, maar die van OLD, die met synthesizers de mogelijkheden van het stereosysteem aftastten, ontbeerden een lijn of spanningsopbouw. Assassins of God gebruikten juist zoveel overgangen en stijlwisselingen dat hun gitaarrock wel erg virtuoos werd en het trio Main bracht gitaarflarden die trance moesten veroorzaken.

De twee mannen van Nerve, uit Groningen, hypnotiseerden het publiek met hun in een cirkel ronddraaiende haardossen, drumcomputers, vervormde gitaren en laag gebulder. Door de primitieve drumcomputers was de klank ouderwets maar wel mooi schor. De andere Nederlandse groep, The Chords, maken afgewerkte nummers, opgebouwd rond de uithalen van de zangeres Simone Holsbeek. The Chords hebben zich ontworsteld aan hun gelijkenis met Sonic Youth en neigen nu meer naar metal, al blijft de dynamiek en afwisseling van klank binnen de nummers bewaard.

Het verrassendst op deze eerste twee avonden waren twee trio's die in de bovenzaal speelden, Slash Orchestra en Earwig. Earwig was ingetogen en kwetsbaar met een akoestisch geluid. De weifelende stem van de zangeres werd ondersteund door zachtaardig spel van twee als waaiers wiegende gitaristen aan haar weerszijden. De kracht van Slash Orchestra bestond uit de ritmische dialogen tussen de bassist en de drummer. De scherpe snelle tikken van James Lo kregen een precieze aanvulling van Konrad Kinard, die op zijn bas akkoorden speelde. Helaas heeft Kinard een vlakke stem, die zijn teksten over waanzin niet erg geloofwaardig maakten.

De manikaliteit van zanger King Duncan van Sheep on Drugs, een van de drie acts van zaterdagavond, was wel overtuigend. Hij was irritant en treiterig en daarmee de eerste die een vorm van communicatie met het publiek zocht. Deze dansmuziek op moordend ritme en cliché-matige house-synthesizer was daardoor relativerend en grappig. Met plat Engelse gescheld toonde King Duncan een aan punk verwante anti-houding: "Put your little clean Dutch hands together, then maybe I will do something for you too!'.

De energie van Sheep on drugs kreeg een voortzetting bij de eveneens Britse 25th of May, wier gabber-rap enthousiast werd ontvangen door de zaal. De vraag is of het 'TegenTonen' waren, maar dat gold de avond tevoren ook voor de muziek van Gary Lucas en zijn band. Die speelden covers van Pink Floyd en The Yardbirds, doorspekt met dodelijk saaie gitaarsolo's.