...en onder vuur van militairen

Ten slotte was er de luitenant-generaal Reitsma, plaatsvervangend chef van de landmachtstaf, die deze gedachte onbedoeld stimuleerde.

Hij onthield zich als militair zorgvuldig van politieke uitspraken. Maar wie beweerde, zei hij, dat je met de huidige Nederlandse strijdkrachten niets kon aanvangen, of dat de landmacht een "acht tot vijf leger' was, vergiste zich. De huidige landmacht is op vele taken berekend, als de politici maar duidelijke politieke doelen zouden stellen en een realistische voorbereidingstijd voor een actie toelieten. Dat kon de niet in de Julianankazerne aanwezige minister Ter Beek in zijn oren knopen. Want hij was het die had gesproken over een "acht tot vijf leger', waar men in deze tijd niets meer mee kon beginnen.

Als Ter Beek had gehoopt met zijn Prioriteitennota het voorlopig laatste woord over de Nederlandse strijdkrachten te hebben gesproken, vergist hij zich hopeloos. We kunnen niet steeds anderen de kastanjes uit het vuur laten halen, had staatssecretaris Van Voorst tot Voorst in zijn openingstoespraak op het seminar gezegd. Nederland moet bereid zijn mee te doen. Hij kreeg er een sympathiek bedoeld applausje voor. Maar de realiteit aan het einde van de avond was een heel andere. (RM)