"Ga naar Praag, Judas!'; De benauwde veste Slowakije

Slowakije mag dan sinds 1 januari op eigen benen staan, vaste grond heeft de nieuwe republiek nog niet onder de voeten. Maar dat is ook moeilijk als iedereen je je onafhankelijkheid kennelijk misgunt. De Tsjechen zijn niet te vertrouwen, de Amerikanen liegen en journalisten schrijven slechts met het doel het land en zijn formidabele premier kapot te maken. Vandaar dat nu een speciale Unie van Journalisten voor een Waar Beeld van Slowakije zijn werk doet. Omdat de anderen het niet begrijpen.

Het zou onrechtvaardig zijn de burcht waar volgende maand de eerste president van de jonge Slowaakse republiek, Milan Kovac, zijn intrek neemt, te vergelijken met de burcht van Praag. Het is een massief bakstenen, vierkant bouwwerk met ongenaakbaar hoge muren, dat vrij ver buiten het centrum van Bratislava uittorent boven de breed meanderende Donau. De vier van elke charme ontdane torentjes op de hoeken herinneren in niets aan de verblindende rijkdom van het Praagse silhouet. Dit is een middeleeuws vechtkasteel, van waaruit de wijde omtrek kon worden overzien, en dat achtereenvolgens Kelten (in de eerste eeuwen van onze jaartelling), Germanen, Slaven en Hongaren diende als strategisch verdedigingsbastion.

Sinds 1 januari 1993, na duizend jaar overheersing door de Hongaren en 74 jaar van min of meer gekunsteld samenleven met de Tsjechen, zijn dan eindelijk de bewoners van dit gebied, de Slowaken, baas geworden in hun eigen republiek. De Tsjechoslowaakse federatie vond vorig jaar een even onverwacht als roemloos einde. Bij de parlementsverkiezingen in juni '92 kwamen de onoverbrugbare verschillen aan het licht in de aanpak van de post-communistische problemen. De Tsjechen kozen voor de visie van ODS, de partij van Václav Klaus, een man die zijn politiek en economisch gedachtengoed vooral ontleend aan Margaret Thatcher en de monetaristen. De Slowaken kozen voor Vladimr Meciar, de populist die hun gouden bergen beloofde zodra Slowakije eenmaal in een lossere verhouding zou staan tegenover de bevoogdende Tsjechen. Het liep iets anders dan Meciar zich had voorgesteld: het werd alles of niets. Een confederatie of een unie met de Tsjechen, zoals hij die gewild had, bleek onmogelijk. Praag redeneerde dat, als de Slowaken dan zo graag hun eigen "internationale subjectiviteit' wilden hebben, ze dan ook maar geheel onafhankelijk moesten worden.

Verschanst

Ruim anderhalve maand is de Slowaakse republiek nu oud. Te jong om er een definitief oordeel over te vormen. Maar, gezien het feit dat de republiek na de verkiezingen van vorig jaar juni de facto functioneert als onafhankelijke staat, kan wel worden vastgesteld dat de ontwikkelingen die toen zichtbaar werden alleen maar sterker zijn geworden. Vladimr Meciar, leider van de Beweging voor een democratisch Slowakije (HZDS), heeft zich sinds die tijd vrijwel onaantastbaar verschanst in zijn macht. Direct nadat hij premier was geworden en HZDS de regering had overgenomen van de christen-democratische KDH, de grote verliezers van de verkiezingen, werden op grote schaal personele veranderingen doorgevoerd op ministeries, in overheidsinstellingen, op sleutelposities in het maatschappelijke en culturele leven. In oktober vorig jaar werden nog veertig schooldirecteuren ontslagen omdat ze niet pasten in het HZDS-profiel.

Ivan Miklosko was voorzitter van de Slowaakse Nationale Raad en behoorde tot de oprichters van Burgers tegen geweld (VPN), een partij die tijdens de Fluwelen revolutie ontstond. Hij is inmiddels lid van de christen-democratische partij KDH: ""Meciar heeft nu zoveel macht, hij kan alles regelen zonder wetgeving. Het liefst zou hij regeren via decreten. En als hij in strijd met de grondwet handelt, zoals bijvoorbeeld bij de benoeming van rechters uit zijn eigen partij, dan zwijgt het parlement, waar HZDS 74 van de 150 zetels heeft.''

Doordat de Slowaakse nationalistische partij (SNS), maar ook de vroegere communisten (SDL) meestal met de partij van Meciar meestemmen, is er van een parlementaire oppositie in Slowakije eigenlijk nauwelijks sprake. Op die manier is in Slowakije eigenlijk een éénpartijstaat ontstaan en in Bratislava een milieu van politieke inteelt. Het leveren van kritiek op het autoritaire karakter van het HZDS-regime wordt zoveel mogelijk vermeden. Mensen die dat nog wel durven, enkele persorganen, de journalisten van Radio Free Europe (het door de VS gefinancierde radiostation dat de Oosteuropeanen in de communistische tijd steeds op de hoogte heeft gehouden van de werkelijke gebeurtenissen), lopen al gauw de kans in het openbaar aan de schandpaal te worden genageld.

Zoals kortgeleden gebeurde met de Slowaakse journalist Stefan Hrb, die tijdens een HZDS-bijeenkomst met vijfduizend aanwezigen door de minister van cultuur, Dusan Slobodnk werd aangeduid als ""een van die anti-Slowaakse elementen''. Waarop het publiek begon te schreeuwen: ""Waar is hij, sta op!''

Na de bijeenkomst werd Hrb omringd door een dreigende menigte die hem toeriep: ""Ga naar Praag, Judas!''

Hrb, die ook commentator is van het Tsjechische dagblad Lidové Noviny, vertelt dat het sinds vorig jaar op iedere persconferentie hetzelfde toegaat: ""Elke normale vraag van een kritische journalist wordt opgevat als vijandig. En als Meciar weer een of andere enormiteit begaat, zoals toen hij zei dat Slowakije óf Zwitserland, óf Roemenië zal worden, dan wordt dat in de verslagen van partij-gezinde journalisten verzwegen omdat ze hem tegen zichzelf in bescherming willen nemen. Slowaak-zijn is een dogma geworden: alles wat je zegt als je vóór Slowakije bent is waar. En omgekeerd. Maar voor de Slowaakse zaak mag je natuurlijk gerust liegen. Eerst waren vooral de Tsjechen de vijand, nu zijn de mensen verdacht die tegen de scheiding waren.''

Slowaken zijn volgens Hrb een tamelijk simpel volk, daarom heeft Meciar zoveel succes. Diens demagogie wordt door veel mensen geslikt omdat hij alles in eenvoudige en duidelijke termen vertaalt. ""Eigenlijk is dit een land van kinderen. Duizend jaar hebben de Hongaren de knuppel gezwaaid en nu een Slowaak dat doet zijn ze er blij om.''

Obsessie

Jana Juránová, die voor hetzelfde radiostation werkt, vertelt dat sinds vorig jaar niettemin steeds meer mensen luisteren naar Radio Free Europe. ""Er is een stijging van zo'n 30 procent in vergelijking met de tijd vóór de Fluwelen revolutie van 1989. Ondanks de persvrijheid die er nog wel is, willen de mensen kennelijk meer details weten over de binnenlandse situatie. Van de gewone pers krijgt men geen goed beeld omdat zelfs het brengen van objectief nieuws over een omstreden zaak al wordt beschouwd als anti-Slowaakse propaganda. Dat komt niet zozeer omdat de regering zo nationalistisch is, maar meer omdat een groot deel van de HZDS bestaat uit voormalige communisten die niet beseffen dat er zoiets bestaat als gewone, feitelijke informatie die niet van de buitenwereld is af te sluiten.''

De obsessie met de media heeft er al toe geleid dat een speciale Unie van Journalisten voor een Waar Beeld van Slowakije is opgericht. Voor leden van die Unie worden persconferenties belegd waar normale journalisten, dat wil zeggen niet-leden, niet welkom zijn. Het bestaan van een informeel informatiecircuit wordt zoveel mogelijk onderdrukt door het instellen van ministeriële woordvoerders die de media moeten voorzien van ""accurate, fundamentele informatie''. Verder wordt er druk gewerkt aan een strafwet die, zoals is aangekondigd, een volkomen nieuwe definitie zal bevatten van strafbare feiten in de media onder het mom dat elke maatschappij het recht heeft haar belangen te verdedigen. De wet is gebaseerd op een wet die nog door de communisten was ingevoerd.

Op de vraag wat een ""anti-Slowaakse houding'' nu precies inhoudt zei minister Slobodnk vorige week dat dat een ""tamelijk breed begrip'' is, maar dat iedereen zich eraan schuldig maakt ""die niet de politieke realiteit van deze staat accepteert en daden pleegt die gericht zijn tegen deze jonge staat''.

Toch beginnen de eerste haarscheurtjes in het betonnen HZDS-bastion zichtbaar te worden. Professor Rudolf Filkus, econoom en prominent partijlid, heeft zich de woede van Meciar op de hals gehaald door een post als ambassadeur in Wenen te weigeren. Bovendien ijverde hij voor het zoeken naar een presidentskandidaat die partijloos was. Hij bepleit dat er binnen HZDS meer democratie komt en dat de beweging zich coöperatiever opstelt tegenover de oppositie.

De eerder genoemde Miklosko gelooft dat een soortgelijk conflict, dat tussen Meciar en minister van buitenlandse zaken Milan Knazko, wel eens zou kunnen leiden tot een zuivering binnen de HZDS. ""Meciar kan zich niet anders dan als een communist gedragen, hij duldt geen tegenspraak. Ik denk dat er een situatie bestaat die tot dictatuur kan leiden. Democratie heeft in Slowakije nu eenmaal geen traditie.''

Slecht mens

Ladislav Snopko, de vroegere VPN-minister van cultuur, vindt dat de vergelijking van Meciar met George Orwells Big Brother niet ver bezijden de waarheid is. ""Ik heb het gevoel dat zich nu enige oppositie ontwikkelt binnen de HZDS, maar het is waarschijnlijk te laat. Meciar is een groot leider, maar ook een zeer slecht mens. Hij is een meester in het oplossen van problemen op de korte termijn.''

De HZDS staat volgens Snopko nu op een punt dat ze moet besluiten of ze een werkelijke partij zal worden met een duidelijk omschreven richting. Het nationalistische doel is immers bereikt: ""Tot dusver was HZDS geen politieke partij, maar een fanclub van Meciar. Toch werkt de tijd tegen hem. Het wordt steeds moeilijker om iets te bereiken, de wetten die tot dusver zijn aangenomen, over sociale verzekering bijvoorbeeld, zijn zo slecht dat ze telkens opnieuw moeten worden aangepast. Meciar zal bezwijken onder de last van het regeren omdat hij alle minsteries onder zich heeft.''

Hoewel hij met 34 procent nog steeds de meest populaire politicus van Slowakije is, daalt de ster van Meciar in de opiniepeilingen. De sociale lasten zijn enorm gestegen, de invoering van de BTW heeft de prijzen opgejaagd en zelfs de particuliere ondernemers dreigen met staking omdat ze de lasten die het vrije ondernemerschap met zich meebrengt niet meer kunnen dragen. Juist zij waren het die Meciar financieel steunden bij zijn verkiezingscampagne.

De hele vorige week, na de confrontatie met minister van buitenlandse zaken Knazko, die weigerde zijn ministerspost op te geven, was premier Meciar ziek. ""Dat is wel vaker zo'', zegt een ingewijde. ""Dan sluit hij zich af, is voor niemand bereikbaar, en doet niets. En kort daarop is hij genezen van zijn geheimzinnige ziekte en overdondert hij de mensen weer met zijn geniale geheugen.''

Want de Slowaakse premier vergeet niets en beschikt, zoals zijn medewerker voor buitenlandse zaken, de toekomstige minister Roman Zelenay zegt, ""over hele goede informatie''. Gesprekken met hoge functionarissen als Zelenay en cultuurminister Slobodnk worden onvermijdelijk op een nauwelijks ingehouden ruzietoon gevoerd: de buitenlandse pers is vooringenomen, alles wat er aan lelijks over Slowakije wordt geschreven is te wijten aan de desinformatie van zijn vijanden (voorstanders van de federatie, Tsjechen in het algemeen en niet te vergeten Amerikanen). Zelfs een artikel over de mogelijke devaluatie van de Slowaakse kroon wordt beschouwd als een poging ""om de Slowaakse staat, democratische staat natuurlijk, op een tamelijk verwrongen wijze voor te stellen'' (Slobodnk).

Het lijkt of er, als je bij de rivier de Morava de Slowaaks-Tsjechische grens overgaat, een last van je afvalt. Dit was dus dat meest belovende, meest democratische land van Centraal-Europa. En het meest paranoïde.