Dasa bezocht China voor assemblage F 100

ROTTERDAM, 20 FEBR. Het Duitse bedrijf Deutsche Aerospace (DASA) heeft vorige maand in het geheim een bezoek gebracht aan China om te kijken of de assemblage van de Fokker 100 van Nederland kan worden verplaatst naar een Chinese vliegtuigfabriek. Dat is vernomen uit betrouwbare bronnen in China.

In januari was een delegatie van DASA-autoriteiten in de provincie Jianxi om te praten over de mogelijkheden van de fabricagehal in Nanchang. De Duitsers wilden volgens de Chinezen een gedeelte van de F 100-assemblage eventueel verplaatsen van Nederland naar het aanzienlijk goedkopere China, voor het geval de overname van Fokker door zou gaan.

De capaciteit van de Chinese fabriek ligt overigens op maximaal tien toestellen per jaar. In Nederland kunnen 50 toestellen per jaar worden gemaakt.

De Chinese autoriteiten zijn niet ingegaan op de Duitse voorstellen. Omdat Dasa 51 procent van de aandelen-Fokker krijgt, beschouwen de Chinezen de Duitsers niet als een volwaardige eigenaar en vertegenwoordiger van Fokker. Daarbij komt dat China de Duitsers verantwoordelijkheid houdt voor het mislukken van een gezamenlijk project met DASA-dochter MBB voor een toestel met 75 stoelen. Uit een brief van de directie van British Aerospace (BAe) aan de Chinese autoriteiten - gedateerd op 24 november 1992 - blijkt dat de Britten gesprekken voeren met Chinese vliegtuigbouwers over een samenwerking op het gebied van de kleine turboprop-toestellen. Daaraan zou eventueel ook Taiwan Aerospace deelnemen. BAe heeft al een joint venture met Taiwan voor de produktie van middelkleine straalvliegtuigen.