Een opera in dertigduizend foto's; Ook als stomme film blijft Wagners Parsifal fascineren

Op Kerstavond 1903 werd Wagners opera Parsifal in New York uitgevoerd. Het was een geruchtmakende voorstelling, want de componist had bij testament bepaald dat Parsifal nooit buiten Bayreuth gespeeld mocht worden. Een jaar later was de "Graalroof' compleet, toen de Edison Company het Parsifalverhaal verfilmde. In het Nederlands Filmmuseum is de komende week een reconstructie van de 28 minuten durende film te zien. Hoe kwam de "meest fameuze diefstal uit de muziekhistorie' tot stand? En welke rol speelde Willem Mengelberg daarbij?

De Parsifal-verfilming in het Filmmuseum, Vondelpark Amsterdam: 25 febr., 27 febr. t/m 3 maart 20u30. Piano: Frank Mol; sopraan: Wynanda Zeevaarder; explicatie: Jaap Blonk; tekst: Stan Lapinski. Reserveren: 020-5891400.

De lichten doven in de toch al duistere bioscoopzaal. Een donker geklede man treedt naar voren en vertelt het publiek beschroomd dat de film die hier straks wordt vertoond nooit gemaakt had mogen worden, althans als het aan de familie Wagner had gelegen. Voor wat we hier te zien krijgen hadden we eigenlijk al meer dan een eeuw lang naar het heilige Bayreuth moeten reizen. Buiten Beieren zou de wijding van Parsifal maar worden bezoedeld. Maar ondanks dat uitdrukkelijke verbod van Wagner om Parsifal elders uit te beelden, is deze film door de Edison Company gemaakt, in 1904, in Amerika. De vertoning van de film is een gedeeltelijke reconstructie van de vele Parsifal-voorstellingen zoals die aan het begin van de eeuw zijn gegeven in Amerikaanse bioscopen.

De man in het zwarte pak betreedt een spreekgestoelte. Hij speelt de rol van explicateur bij deze geluidloze verfilming van Parsifal. Acht scènes zullen we zien, tezamen slechts 28 minuten, terwijl de opera toch minstens viereneenhalf uur in beslag neemt, nog afgezien van de pauzes. De explicateur houdt eerst een uitvoerige en gedegen inleiding over oorsprong en thematiek van Parsifal, over medelijden en uiteindelijke verlossing. Hij behandelt de verschillende versies en de dramaturgie van het gegeven, de betekenis van de Heilige Speer en de Graal, de eeuwenlange speurtocht ernaar, bekend als de queeste. Geen ridder was echter ooit zuiver genoeg om de Graal te kunnen vinden.

De explicateur spreekt over de zwaan die door de reine dwaas Parsifal is gedood, de complexe religieuze symboliek rond het Laatste Avondmaal, de bloedende wonde en de voor velerlei interpretatie vatbare, deels christelijke, deels boeddhistische inhoud van Parsifal. Hoewel de voorstelling in totaal niet meer dan zeventig minuten duurt, krijgt die door de grondige explicatie voor het gevoel van de toeschouwer alsnog een passende Wagneriaanse lengte.

Wagners vrees dat Parsifal buiten Bayreuth zou worden bezoedeld lijkt hier niet ongegrond. De repetities vinden plaats in het Filmmuseum in het Amsterdamse Vondelpark in een zaaltje waarvan het art deco interieur afkomstig is uit de voormalige sex-bioscoop Parisien aan de Nieuwedijk. Toch, als we goed naar de explicateur luisteren, past Parsifal hier juist uitstekend. Hij betoogt immers dat kuisheid niet op stichtende wijze verbeeld kan worden zonder ook erotiek, onreinheid en bronstigheid in beschouwing te nemen.

Duif

Na de lange inleiding begint eindelijk de film. Een pianist speelt de muziek van Wagner, een zangeres - in het wit gekleed en met lange loshangende haren - zingt enkele scènes van Kundry, de gedoemde vrouw die aan het slot verlost van haar vloek zal sterven. Explicateur en zangeres spreken ook teksten bij de beelden, die eindigen met de plechtige Graalscène: Parsifal houdt de Graal omhoog; een duif daalt neer uit de hemel en versterkt opnieuw de magische kracht, zodat de Graal stralend oplicht.

Ook als stomme film blijft Parsifal fascineren. Zelfs gespeeld op een kortademige piano en niet door eindeloos doorgaande violen, blijven de etherische hoge noten van Wagner hun zuiverende verlichtende eigenschappen behouden. Maar deze film betekent voor de ware Wagner-liefhebber veel meer dan alleen het Parsifal-verhaal. De film is een corpus delicti, het sinds kort moeizaam gereconstrueerde zichtbare bewijs van de meest fameuze diefstal uit de muziekhistorie. Want niet alleen werd er kunst gestolen, maar ook geloof, mystiek, een hele wereldbeschouwing en de uitbeelding van hemelse heiligheid. De geruchtmakende zaak uit 1903 werd bekend als de Graalroof.

Bayreuth, september 1903, de villa Wahnfried, gebouwd door Richard Wagner, twintig jaar eerder overleden. De componist ligt begraven in de achtertuin en is permanent aanwezig in de geest van zijn weduwe Cosima. Zij schrijft een brief aan Adolf von Gross, een bankier en haar vertrouwde adviseur in juridische en financiële aangelegenheden. Nog meer dan anders zwelgt zij in haar gevoelens en laat die vertwijfeld de vrije loop. Het lijkt erop dat Cosima twijfelt aan alles, zelfs aan zichzelf.

... Zal ze naar Amerika reizen, schrijft ze met veel omhaal van woorden, om zelf aanwezig te zijn bij het proces tegen de eerste geënsceneerde uitvoering van Parsifal buiten Bayreuth? Als een reis naar New York inderdaad zou helpen bij het handhaven van Wagners testamentaire wens om Parsifal nooit buiten het door hemzelf gebouwde Festspielhaus op te voeren, ja, dan zou ze het doen. Maar het is toch niet in overeenstemming met ons rechtsgevoel dat persoonlijke aanwezigheid - hoe charmerend ook - de rechter zou beïnvloeden?

Ondanks haar weerzin tegen openbaarheid zou ze misschien toch persoonlijk voor het gerecht moeten treden om de voorstelling in de Metropolitan Opera tegen te houden, bedenkt ze. Ze vreest dat het echter niet meer zou opleveren dan een treurige vertoning: zij - een armzalige zakenvrouw die maar weinig weet heeft van contracten! Ze moet zich nu toch ook bezighouden met de organisatie van de Festspiele van volgend jaar. En dan: de beroemde advocaat Brown uit Boston zal haar zaak toch verdedigen? Maar is het niet óók zo dat zulke processen lang kunnen duren en het stuk ondertussen gewoon wordt doorgespeeld? Zou Gross niet zelf naar New York kunnen gaan? Nee, toch maar niet, want dan zou zijn vrouw Marie zich intussen eenzaam voelen. Ach, het komt wel goed. Wees zo vriendelijk een telegram te sturen ter bevestiging van de ontvangst van deze brief....

Ritueel

Uiteindelijk is Cosima Wagner niet naar New York gegaan en verloor ze het proces tegen The Metropolitan Opera. Het auteursrecht waarop Cosima zich beriep, gold wel in Europa maar niet in de Verenigde Staten. En zo kon Heinrich Conried, in Duitsland geboren en sinds 1903 de nieuwe intendant van de Met, in zijn eerste seizoen naast het Amerikaanse debuut van Caruso, ook nog de eerste openbare podiumuitvoering buiten Bayreuth geven van Parsifal. De prijzen waren verdubbeld, de duurste kaartjes kostten tien dollar.

Ook in New York was er veel weerstand ontstaan tegen Parsifal, niet vanwege het auteursrecht, maar om religieuze redenen. Dat de eerste voorstelling van deze Goede Vrijdag-opera werd gegeven op Kerstavond was daarvan wel de minste. Protestanten en katholieken bestreden elkaar met hun vaak op misverstanden en onkunde gebaseerde interpretaties van het gegeven van de opera. Parsifal wordt beheerst door het ritueel van de Graal, de beker waaruit tijdens het Laatste Avondmaal de wijn werd gedronken en waarin door Jozef van Arimatea bij de kruisafname het bloed van Jezus werd opgevangen. Christus zou volgens sommigen zelf optreden in Parsifal. En werd volgens anderen zijn bloed niet vertoond? De burgemeester van New York werd in een petitie gevraagd de vergunning van de Met in te trekken.

Het succes van Parsifal in New York was enorm en de recensent van The New York Times schreef op Eerste Kerstdag 1903 dat de ogen van de hele muzikale wereld gericht waren geweest op deze omstreden voorstelling. Het was een gedistingeerde en plechtige vertoning geweest, in veel opzichten gelijkwaardig aan Bayreuth en wat sommige aspecten betreft zelfs daaraan superieur. Zonder twijfel was deze Parsifal het beste muziektheater ooit in Amerika geproduceerd.

Zo groot was als gevolg van alle publiciteit de belangstelling dat Parsifal in dat eerste seizoen in New York elf keer werd gegeven voor uitverkochte zalen: in totaal waren er bijna 50.000 toeschouwers. Binnen twee jaar waren in heel Amerika 160 uitvoeringen gegeven door een reizend operagezelschap. In New York bleef Parsifal op het repertoire van de Met, behalve in seizoen 1907-'08 en in de oorlogsseizoenen 1917-'19, toen Duitse kunst verboden was. Vanaf 1920 ging Parsifal in New York in het Engels.

Sleuf

Goedkoper dan het bijwonen van de opera waren in New York een toneelvoorstelling van Parsifal en later een film die daarvan werd gemaakt door de Edison Company. De film geeft Parsifal weer in acht geacteerde losse scènes, opgenomen in fraaie suggestieve decors. Vermakelijk is het om te zien hoe in de scène waarin Parsifal terugkeert met de Heilige Speer een hortend waterstroompje in het bos wordt uitgebeeld: vanachter het decor wordt door een sleuf telkens een emmertje water geleegd.

De eerste scène is een samenvatting van wat voorafgaat aan het verhaal van de opera, zodat het geheel wat begrijpelijker wordt. Daartoe is er ook een nieuw personage toegevoegd: Evil (het kwaad), hoewel Wagner Klingsor al het duivelse laat vertegenwoordigen. Bij huur van de Edison-film door bioscoop-exploitanten werd een Parsifal-partituur voor een pianist bijgeleverd èn een inleiding die door de vaste explicateur van de bioscoop moest worden uitgesproken. Tot in de kleinste plaats in Amerika kon men zo persoonlijk getuige zijn van het Parsifal-mysterie.

Het origineel en alle kopieën van de film zijn inmiddels verloren gegaan, net als de oorspronkelijke piano-partituur en de lezing voor de explicateur. Dat we er nu niettemin naar kunnen kijken danken we aan de grondige manier waarop de Amerikanen destijds voor de eigen kunst het auteursrecht hadden geregeld. Het copyright van de film werd vastgelegd door alle filmstroken af te drukken op fotopapier en die te deponeren bij The Library of Congress in Washington.

Wat we nu zien is een reconstructie van die contactprints: een film die bestaat uit een serie foto's. Omdat de 28 minuten film destijds zijn opgenomen met een snelheid van 18 beelden per seconde zijn het er in totaal 30.240. De kwaliteit van al die kleine afdrukken is opmerkelijk geweest, want de film heeft vele grijstonen. De Parsifal-film doet daardoor ook wat grafisch aan en lijkt soms zelfs een minutieus gedetailleerde tekenfilm. De stijl daarvan herinnert mij aan de bijbelillustraties van Isings, de tekenaar van de vooroorlogse Nederlandse schoolplaten.

Verkrachting

Met het vertonen van deze Edison-film was de Graalroof compleet. En al was die dan volvoerd aan de overzijde van de oceaan, de afstand deed voor Cosima niet terzake. Ze ervoer in het verweesde Bayreuth de diefstal van Parsifal lijfelijk en geestelijk. Ze sprak erover als een "verkrachting' en als "het levende bewijs van de decadentie der wereld.'

Waarom was Cosima zo bijzonder gehecht aan Parsifal? Het manuscript van libretto en partituur, waaraan hij bijna veertig jaar had gewerkt, waren haar persoonlijk geschonken door Wagner zelf. Hij had haar eerder verteld dat het werk pas in een verre toekomst, als er een waardig publiek voor was, mocht worden uitgevoerd. Door Parsifal haar in handen te geven had het werk zijn voorlopige bestemming bereikt. Het was opnieuw een offer aan de vrouw die hem zijn zoon Siegfried had geschonken en die hij al eerder als moeder had geëerd met het componeren van de Siegfried Idyll.

In een karikatuur in Kladderadatsch (1905) werd "Cosimama' afgebeeld als de "Gralshüterin', zittend op de partituur van Parsifal. Maar ze had gefaald, Parsifal was haar ontstolen. Bij de première van Parsifal in 1882 leek het Festspielhaus op de heuvel in Bayreuth de reconstructie van de mythische Graaltempel in Monsalvat, zoals die door Wagner in Lohengrin werd beschreven in de Graalsvertelling: Im fernen land, unnahbar euren Schritten, liegt eine Burg die Monsalvat genannt. (-) Drin ein Gefäss von wundertätgem Segen, wird dort als höchstes Heiligtum bewahrt. Nu was het gewijde Bayreuth niet langer de schrijn van Parsifal, de opera die zo heilig was dat die geen opera mocht heten maar door Wagner werd betiteld als "Bühnenweihfestspiel'. Voor Amerika was Bayreuth inderdaad een te ver en onbereikbaar land geweest, de tempel van het Festspielhaus niet heilig genoeg.

Cosima nam wraak met een felheid die herinnert aan de Inquisitie. Iedereen die had geholpen met de Graalroof werd in de ban gedaan en voorgoed geëxcommuniceerd; de terminologie van een religieus tribunaal past wel bijzonder goed in het geval van Parsifal. Ze oordeelde hard en zonder aanziens des persoons, ook toen ze de Nederlandse bariton Anton van Rooy, die in New York de rol van Amfortas had gezongen, voorgoed uit Bayreuth verbande. Van Rooy (1870-1932) was haar oogappel geweest. Toen ze hem in 1897 leerde kennen noemde ze hem "een nieuwe schakel in de ketting van onze Genossenschaft.' Ze loofde zijn krachtige gestalte, de ernst waarmee hij zijn kunst beoefende en zijn stem: "een van de mooiste stemmen die ik heb gehoord.'

Cosima had Van Rooy zelf ingewijd in de muziek van Wagner, hem tijdens vele bezoeken aan Wahnfried opgeleid in de rollen van Wotan, Hollander en Hans Sachs, die hij in Bayreuth zong. Algemeen werd Van Rooy beschouwd als de ideale Wotan-vertolker en hij werd beschreven als de beste Wagner-bariton van zijn tijd, het voorbeeld voor een hele generatie van Wagnerzangers. In brieven aan Van Rooy noemde Cosima hem "Mein Bayreuther Stern' en "Mein einziger Wotan und unser teuerster Wahnfrieds-Marke.' Door Van Rooy te verbannen trof Cosima niet alleen hem, maar veel meer nog Bayreuth en daarmee zichzelf.

Losse stukken

Een jaar eerder dan in New York was het Parsifal-verbod al overtreden in Amsterdam, waar Willem Mengelberg in het Concertgebouw in december 1902 een complete concertante uitvoering gaf. Alleen de uitvoering van losse stukken was door Bayreuth toegestaan, zoals de Wagnervereniging al sinds 1885 vele malen had gedaan onder leiding van dirigent Henry Viotta. Hij verzette zich hevig tegen het inititatief van Mengelberg. Cosima bedreigde de solisten met verbanning uit Bayreuth.

De uitvoering, met medewerking van het Amsterdamse Toonkunstkoor, kreeg er alleen maar meer belang door. In een gedenkboek van het koor werd er later op teruggezien als "een gebeurtenis die de naam van het Amsterdamsche Toonkunstkoor door geheel Europa op de tong bracht. (-) Het concert genoot het succes eener verrassende en boeiende noviteit. Het conservatieve Amsterdam van vroeger was nu een toevluchtsoord geworden voor al wat nieuw en jong en gedurfd was. Er ging een roep uit van het orkest, het koor en zijn dirigent, die zich over geheel Europa uitbreidde en zelfs op de vleugelen van het gerucht den oceaan overstak.' Zo zag men de Parsifal in de Met als geïnspireerd door Mengelberg.

Na de Parsifal in New York gingen ook Viotta en de Wagnervereniging om en zo vonden in de Amsterdamse Stadsschouwburg op 20 en 22 juni 1905 de eerste Europese scènische uitvoeringen buiten Bayreuth plaats, opnieuw met het Concertgebouworkest. Herhalingen werden gegeven in 1906, 1908 en 1912, zodat na New York Amsterdam de stad was waar Parsifal in de "verboden periode' het best bekend was.

Tegen deze Amsterdamse uitvoeringen werd door Cosima niets meer ondernomen. Maar toen in 1914 het auteursrecht op Parsifal definitief zou aflopen ondernam ze nog één keer verwoede pogingen om bij een speciale wet een uitzondering voor Parsifal te maken. Ze bezocht de Kaiser, benaderde zelfs een socialistisch parlementslid, maar al haar pogingen mislukten.

Om middernacht op 31 december 1913 liep het auteursrecht op Parsifal officieel af. De titelheld was dertig jaar na het sterfjaar van zijn schepper eindelijk zelf verlost. De Graalroof was sindsdien overal straffeloos en daarmee was de eeuwenlange queeste ten einde. Elk operatheater kon zich transformeren in een Graaltempel. Iedere operabezoeker kon zich een Graalpelgrim, een zuivere ridder wanen. Zó groot was overal het verlangen naar Parsifal dat de opera onmiddellijk op 1 januari 1914 werd uitgevoerd in tien steden: Barcelona, Berlijn, Bremen, Breslau, Kiel, Praag, Boedapest, Bologna, Rome en Madrid. Vele andere steden volgden nog in de loop van dit Parsifal-jaar.

In Barcelona kon men na het verstrijken van het auteursrecht zelfs geen moment meer wachten en daar begon de voorstelling van Parsifal (in het Italiaans) al 's nachts, onmiddellijk na Nieuwjaar. Zo kon men in het land, waar ooit de Graalstempel op de berg Monsalvat zou hebben gestaan, al om zes uur 's morgens getuige zijn van Amfortas' verlossing door Parsifals aanraking met de Heilige Speer en met eigen ogen kijken naar het hemels oplichten van de Graal.