DAF-actie is "oppompen lekke band'

Veel Nederlanders willen "DAF op de weg houden'. Het is hartverwarmend te zien hoe de actie van de Industriebond FNV en de ondernemingsraad in korte tijd enkele miljoenen guldens oplevert. Ook uit andere initiatieven blijkt het "Oranjegevoel' rondom de Eindhovense truckfabriek te leven.

Minister Andriessen voelt mee. Hij is bereid tot nieuwe steunverlening, al beseft hij terdege dat het moeilijk zal worden. Maar veel deskundigen buiten DAF achten de plannen tot mislukken gedoemd. “Het is als het oppompen van een lekke band; straks staat ie toch weer leeg. Het lijkt Oost-Europa wel: gewoon openhouden die bedrijven, net of er een markt is voor hun produkten. Maar wie zit er te wachten op DAF's? Niemand toch? Het is ridicuul om te doen of het lek nu boven water is”, zegt een van hen.

DAF, zijn bewindvoerders en de media worden bestookt met ideeën van stichtingen en particulieren voor alternatieve oplossingen. Meestal zijn ze niet al te realistisch. Ook de plannen van de bewindvoerders Meeter en Deterink moeten nog kritisch worden bekeken. Hoewel zij omtrent het ondernemingsplan voor het afgeslankte DAF nog maar mondjesmaat informatie hebben verstrekt, zetten deskundigen nu al grote vraagtekens achter de haalbaarheid ervan op langere termijn. Uit de gepubliceerde hoofdlijnen is duidelijk dat DAF - vooropgesteld dat banken en andere financiers het plan steunen - zal doorgaan met uitsluitend een aantal trucktypes in de categorieën zwaar en middelzwaar. De Britse tak van DAF wordt of verkocht of gaat failliet, DAF Finance wordt op termijn "afgebouwd', de militaire poot Special Products afgestoten. "DAF Twee' blijft dan als rompbedrijf over met een zeer beperkt produktieprogramma. Dat zal voor het grootste deel bestaan uit nieuwe en in de markt uitstekend ontvangen truckseries als de DAF 75 en 85.

Nu staat al vast dat de afgeslankte truckonderneming zich ook qua afzetgebied zeer sterk zal beperken. Volgens marketingdeskundigen en analisten blijven voor het bedrijf eigenlijk alleen de markten in Nederland, België en Groot-Brittanië over. Dat lijkt hen een veel te smalle basis voor een bedrijfstak waar vooral schaalgrootte telt. Rond de eeuwwisseling is er in Europa nog maar plaats voor 3 of 4 grote truckpoducenten. DAF was met een marktaandeel van ruim 7 procent al klein en wordt straks nog kleiner. Welke perspectieven heeft zo'n onderneming om zich in het concurrentiegeweld tussen de Mercedes-Benzen, de Iveco's, Volvo's en Renaults staande te houden? Een nieuwe cabine voor een truck ontwikkelen kost alleen al een half miljard, een nieuwe, zwaardere en schonere dieselmotor ook enkele honderden miljoenen guldens. DAF Nieuw zou die zaken natuurlijk van derden kunnen betrekken en zich verder met assemblage en marketing kunnen bezighouden. Dat is een beetje kiezen voor de optie NedCar, dat ook langzaam in de richting van een "schroevedraaierfabriek' afglijdt.

Het is zeer de vraag of Nederland blij moet zijn met het openhouden van DAF. Misschien zullen de financiers, mede uit eigen belang, de belastingbetaler behoeden voor het pompen van nog meer overheidsgeld in een onderneming die door de jaren heen verkeerde keuze's heeft gemaakt.