Akkoord over reiskaart VNG en ministerie

DEN HAAG, 19 FEBR. De ontwikkeling van een nieuwe Europese reis- en identiteitskaart zal in nauwe samenwerking tussen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het ministerie van binnenlandse zaken worden voortgezet.

Staatssecretaris De Graaff-Nauta (binnenlandse zaken) en het het bestuur van de VNG hebben hierover een akkoord gesloten. Dit hebben binnenlandse zaken en VNG in een gezamenlijke verklaring bekend gemaakt.

Zowel het departement van binnenlandse zaken als de VNG werken aan projecten voor de ontwikkeling van een nationaal identiteitsbewijs dat ook als Europese reiskaart gebruikt zou kunnen worden. De VNG heeft per 1 januari al een gemeentelijke identiteitskaart op de markt gebracht. Minister Hirsch Ballin (justitie) wil die kaart tijdelijk aanwijzen als nationaal identiteitsbewijs wanneer per 1 januari 1994 in Nederland een identificatieplicht van kracht wordt.

De Tweede Kamer heeft eind vorig jaar bezwaar aangetekend tegen het ontstaan van twee mogelijke identiteitsbewijzen; een van de VNG en een van Binnenlandse zaken. In oktober vorig jaar nam de Tweede Kamer een motie aan waarin er bij de staatssecretaris op aan werd gedrongen om zich tot het uiterste in te spannen de eigen kaart en de VNG-kaart in een gezamenlijk project onder te brengen. De Kamer wilde voor 1 maart 1993 uitsluitsel over het resultaat van die inspanningen.

Overeengekomen is nu dat bij de ontwikkeling van de nieuwe kaart wordt uitgegaan van het grafisch ontwerp van de huidige VNG-kaart “indien dat geen nadelige gevolgen heeft voor de te selecteren leverancier”. Binnenlandse Zaken zet de aangekondigde aanbestedingsprocedure voort en zal de enige contractspartij zijn voor zowel het nieuwe paspoort als de Europese reis- en identiteitskaart. Beide documenten zullen worden gemaakt door één producent waarbij de staatsrechtelijke verantwoordelijkheid van binnenlandse zaken voor de ontwikkeling van de identiteitskaart blijft bestaan. Wel zal de VNG optreden als vertegenwoordiger van het Rijk bij het sluiten van een overeenkomst met de producent over de identiteitskaart. Daarentegen behoudt het Rijk de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid over de kaart.

Volgens de verklaring is het niet mogelijk de gemeentelijke identiteitskaart aan te wijzen als reisdocument in de zin van de paspoortwet. Dat zou in strijd zijn met de Europese regelgeving.