Zware dis voor de Arabieren

De kwestie van de door Israel uitgewezen Palestijnen begint de Arabische partijen in het vredesproces in het Midden-Oosten steeds zwaarder op de maag te liggen. Zelf tonen de 396 Palestijnen, in meerderheid moslim-fundamentalisten, die inmiddels twee maanden kamperen in een soort niemandsland tussen de Israelische en Libanese linies, zich nog steeds vol vertrouwen dat de Arabische landen niet met Israel verder zullen praten zolang zij niet allemaal terug mogen. Maar de Arabieren, die de massa-uitwijzing aanvankelijk zagen als een welkom pressiemiddel op Israel, willen zo langzamerhand graag naar de onderhandelingstafel terug. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Warren Christopher, die vandaag een rondreis door het Midden-Oosten begint, moet alle partijen in de gelegenheid stellen in april, na afloop van de islamitische vastenmaand Ramadan, de bilaterale onderhandelingen met Israel te hervatten.

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties eiste op 18 december, de dag na de Israelische strafmaatregel in verband met een reeks aanslagen op Israelische militairen door de moslim-fundamentalistische beweging Hamas, de onmiddellijke terugkeer van alle uitgewezen Palestijnen. Toen Israel geen aanstalten maakte aan resolutie 799 gevolg te geven, dreigden Arabische landen zelfs met sancties. De geloofwaardigheid van de Veiligheidsraad stond op het spel: waarom wel actie tegen eveneens resoluties-met-voeten-tredende Irak, en niet tegen Israel? De Amerikaanse regering zou voor de keus worden gesteld Israel te blijven steunen - en te worden ontmaskerd als egoïstische onderdrukker - of voor het eerst de joodse staat af te vallen.

Zo leek het. In werkelijkheid hadden de Arabische landen ook niet veel op met de uitgewezen fundamentalisten, felle tegenstanders van elk vredesproces, en wilden zij bovendien Washington niet voor het hoofd stoten. De Palestijnse Bevrijdings Organisatie (PLO) moest een voorstel tot sancties ook ijling weer intrekken. Op haar beurt dwong de Amerikaanse regering Israel tot het aanbod een kwart van de uitgewezenen terug te nemen en de uitwijzingstermijn voor de overigen tot één jaar te halveren. De Veiligheidsraad bevestigde het compromis: de voorzitter, uitgerekend de Marokkaanse ambassadeur, verwelkomde het Israelische aanbod eind vorige week en drukte de hoop uit dat Israel de overigen “zo snel mogelijk” zou terugnemen.

De Arabische landen, die overigens nooit hebben gezegd niet verder te willen praten, vinden dat alleen de fundamentalisten nog garen spinnen bij het voortduren van de kwestie: zij hebben nu wel lang genoeg in het centrum van de belangstelling gestaan. Koning Hassan II van Marokko bagatelliseerde de uitwijzing twee weken geleden als “betreurenswaardig incident” en voorspelde “mogelijk zeer snelle resultaten” na een terugkeer naar de onderhandelingen. Hervatting van het bilaterale overleg “moet niet alleen worden gekoppeld aan de zaak van de uitgewezenen”, zei vervolgens de Libanese minister van buitenlandse zaken, Farez Bouyez, na een bezoek aan zijn opperbazen in de Syrische hoofdstad Damascus. “Als we ermee akkoord gaan in overweging te nemen dat niet-toepassing van resolutie 799 ons ertoe kan brengen de onderhandelingstafel te verlaten, lopen we in de val van Israel”, legde hij uit.

Ook functionarissen van de PLO en de woordvoerster van de Palestijnse onderhandelingsdelegatie, Hanan Ashrawi, hebben zich in die zin geuit (“het begint in de richting te komen”), maar zj weigeren zich nog vast te leggen op hervatting van het overleg. Zij hebben immers, in tegenstelling tot de andere Arabische deelnemers, direct rekening te houden met een achterban - en die schuift steeds verder op in de richting van de fundamentalistische tegenstanders van het vredesproces. Dat heeft te maken met het uitblijven van onderhandelingsresultaten, maar daartoe draagt bij het huidige zeer harde Israelische legeroptreden in bezet gebied, met name de Gazastrook, die toch al broeinest van moslim-fundamentalistisch activisme is: het in elkaar schieten van huizen waar gezochte extremisten worden vermoed, het met harde hand neerslaan van elk protest, waarbij al tientallen doden zijn gevallen. Daarop sloeg vrijdag de oproep van Ziad Abu Zayyad, adviseur van de Palestijnse onderhandelingsdelegatie, tot de Israelische autoriteiten: “Doe iets positiefs om hervatting van de onderhandelingen mogelijk te maken.”

Dat nu is wat de Palestijnen betreft de taak van Christopher: Jeruzalem een gebaar af te dwingen dat hen in staat stelt zonder nòg meer aanhang te verliezen naar de onderhandelingstafel terug te keren. De Israelische leiders, premier Rabin voorop, vinden namelijk dat ze voorlopig voldoende concessies hebben gedaan.